Sommige bedrijven lijken immuun voor de crisis. Bij de specialist in gevelisolatie Sto België dikte de omzet tussen 2007 en 2012 aan met 129 procent tot 15,6 miljoen euro. Ook in het moeilijke jaar 2009 ging de omzet hoger. Sto blijft ook aanwerven, het personeelsbestand klom sinds 2007 van 22 naar 39. Het bedrijf uit Asse barst uit zijn voegen en bouwt aan de overkant van de straat een nieuw bedrijfsgebouw, uiteraard met Sto-materialen.
...

Sommige bedrijven lijken immuun voor de crisis. Bij de specialist in gevelisolatie Sto België dikte de omzet tussen 2007 en 2012 aan met 129 procent tot 15,6 miljoen euro. Ook in het moeilijke jaar 2009 ging de omzet hoger. Sto blijft ook aanwerven, het personeelsbestand klom sinds 2007 van 22 naar 39. Het bedrijf uit Asse barst uit zijn voegen en bouwt aan de overkant van de straat een nieuw bedrijfsgebouw, uiteraard met Sto-materialen. "Toch hebben we de crisis ook gevoeld", zegt algemeen directeur Gino Gailliaert. "Onze groeicurve vertoont een vertraging in 2008 en 2009. In die jaren is het aantal bouwvergunningen sterk gedaald en dat had ongetwijfeld een invloed op onze resultaten." De winst evolueerde niet met hetzelfde tempo als de omzet. "Onze grondstofprijzen zijn gestegen, terwijl de verkoopprijzen als gevolg van de toegenomen concurrentie onder druk staan", verklaart Gailliaert. "We moesten ook extra provisies aanleggen en er waren bijkomende kosten wegens financiële problemen bij enkele klanten. De bouwnijverheid in België is jammer genoeg de tweede grootste 'leverancier' van faillissementen." Meer personeel betekent ook meer personeelskosten. Gailliaert geeft ruiterlijk toe dat Sto de snelle groei voor een belangrijk deel te danken heeft aan de tijdgeest, met de aandacht voor de klimaatverandering en de stijging van de energieprijzen. En aan een 'weliswaar beperkt' ondersteunend overheidsbeleid. "Maar we hebben natuurlijk ook ingespeeld op die tijdgeest, onder meer via de sectororganisatie etics." Het moederhuis van Sto ligt in het Zwarte Woud. Frits Stotmeister richtte het bedrijf op in 1954. Het is inmiddels beursgenoteerd en telt wereldwijd 4700 medewerkers. Toch blijft het een echt familiebedrijf. "De aandelen zijn nog voor 80 procent in handen van de familie, maar je voelt dat familiale vooral in de visie en de aanpak van het bedrijf, die nog sterk de familiewaarden incorporeren", zegt Gailliaert. "Stotmeister wilde met zijn producten bijdragen tot een 'langere instandhouding' van gebouwen. Hij heeft dat in 1988 ook neergeschreven in de missionstatement van het bedrijf. Die gaat over duurzaamheid, maar dan avant la lettre." In 2012 realiseerde de groep een geconsolideerde omzet van 1,2 miljard euro. Het bedrijf heeft verdeeld over de segmenten gevels, geventileerde gevelsystemen, interieur, betonherstelling en vloercoating 30.000 producten in het assortiment. Sto is in West-Europa marktleider in bepleisterde gevelisolatiesystemen, etics in het internationale jargon, crepi op isolatie in de Vlaamse volksmond. "Dat marktleiderschap is geen doel op zich", zegt Gailliaert. "We willen wel de technologische leider zijn. Ons businessmodel is er geen van massaproductie, wel een van partnerships met architecten en vakmensen. We adviseren ze en zoeken samen naar oplossingen." In ons land is Sto actief sinds 1991. Tegen 2005 had het bedrijf een marktaandeel van bijna 50 procent opgebouwd in sierpleisterisolatie. "Maar in de totale markt van de gevelisolatie bedroeg ons aandeel amper 2 procent", nuanceert Gailliaert. "Mijn voorganger heeft veel tijd en moeite geïnvesteerd in het bekendmaken van de bouwwijze bij architecten en aannemers. Want we zijn een baksteenland. Dat heeft veel te maken met de aanwezige grondstoffen: de Rupelstreek en de regio rond Kortrijk zijn kleistreken. In het zuiden van Duitsland is er geen klei, maar wel kalk. Daar kreeg je dus kalkcement als belangrijke bouwgrondstof. Toen Sto hier in België begon met sierpleister op isolatie, werd dat gepercipieerd als innovatief. In Duitsland deden we dat al sinds 1965." Inmiddels heeft sierpleister marktaandeel veroverd op isolatie, maar die grotere koek moet ook gedeeld worden onder meer spelers. De Belgische concurrenten als Cantillana, WILLCO, en Terrasolar zijn vooral zogenaamde 'componentverzamelaars', bedrijven die eigen en andere producten combineren en matchen tot een systeem. Op de internationale markt concurreert Sto met onder meer met Knauff, Caparol, Mapei, Röfix, Kreisel, Weber (onderdeel van Saint Gobin) en Dryvit (onderdeel van RPM). Sto België is volgens Gino Gailliaert nog lang niet uitgegroeid. Vooral op de renovatiemarkt, goed voor 60 procent van de Belgische omzet, is het speelveld nog ruim. "Ons land telt ongeveer 3,6 miljoen woongelegenheden", rekent Gailliaert voor. "Daarvan heeft ongeveer 80 procent geen geïsoleerde muren. Dat is dus nog een gigantische markt. Ook naar CO2-uitstoot kan je een geweldige vooruitgang maken. Dat mis ik in het Vlaamse milieubeleid. Fantastische maatregelen definiëren voor de nieuwbouw is mooi, maar het is niet meer dan een druppel op een hete plaat. Vorig jaar zijn er nog geen 40.000 nieuwbouwvergunningen afgeleverd. Zet dat naast dat ruime bestand van oude woningen en je begrijpt dat de focus verkeerd ligt." In 2013 wil Sto België de stijgende lijn voortzetten. Al begon het jaar met de strenge winter niet bijster goed. "Zeg maar catastrofaal. We hebben 33 dagen niet kunnen werken, dat zien we onvermijdelijk in onze cijfers. Vorig jaar waren er amper dertien vorstdagen. Gelukkig hebben we onze activiteiten ook in België wat meer gevarieerd. We zijn nu ook actief in coatings -- gietharsvloeren en verven -- en dat is minder weergevoelig. Waarom gietharsvloeren? Omdat het goed past in een partnershipmodel met architecten. En de verven sluiten goed aan bij onze sierpleisteractiviteit. We hebben de kennis over de ondergrond in huis en zijn dus perfect geplaats om te adviseren." LAURENZ VERLEDENS, FOTOGRAFIE LIES WILLAERT"Ons land telt 3,6 miljoen woonge-legenheden. Daarvan heeft 80 procent geen geïsoleerde muren. Dat is nog een gigantische markt" Gino Gailliaert, Sto