De kostenstructuur van beleggingsfondsen is complex, maar nog relatief transparant. De belegger die een verzekeringspolis gekoppeld aan een aandelenfonds onderschrijft (Tak 23), blijft echter in het ongewisse. Daarom keurde de kamer eind maart 2010 de mogelijkheid goed om de MiFID-richtlijn uit te breiden naar beleggingsverzekeringen. Alleen het Koninklijk Besluit ontbreekt nog.
...

De kostenstructuur van beleggingsfondsen is complex, maar nog relatief transparant. De belegger die een verzekeringspolis gekoppeld aan een aandelenfonds onderschrijft (Tak 23), blijft echter in het ongewisse. Daarom keurde de kamer eind maart 2010 de mogelijkheid goed om de MiFID-richtlijn uit te breiden naar beleggingsverzekeringen. Alleen het Koninklijk Besluit ontbreekt nog. Daniel Nicolaes, voorzitter van de Beroepsvereniging voor Zelfstandige Bank- en verzekeringsmakelaars (BZB): "Het faillissement van Kobelco en Masterfinance heeft de discussie over transparantie in beleggingsverzekeringen in een stroomversnelling gebracht. Naast de informatieplicht komen nu ook de vergoedingen aan de tussenpersonen in het vizier. Minister van Financiën Didier Reynders heeft in het parlement al verscheidene malen duidelijk gemaakt dat in de nabije toekomst ook makelaars hun commissielonen zullen moeten bekendmaken." In een mededeling stelt de Europese Commissie dat bij de verkoop van pakketproducten in beleggingen de klant bruikbare, duidelijke en trefzekere informatie moet ontvangen over de beloningsafspraken, kosten, provisies en vergoedingen. Daarnaast plant de supranationale instelling de invoering van nieuwe regels om belangenconflicten in de verdeling van verpakte beleggingsverzekeringen te vermijden. Nicolaes: "Als laatste schakel in een lange ketting hebben de agenten en makelaars echter geen kijk op dat vergoedingssysteem. Door zicht te krijgen op wie wat waaraan verdient, zullen de tussenpersonen zelf ook beter producten kunnen beoordelen. In ieder geval moet de transparantie gaan over de totale kostenstructuur van de belegging en niet alleen over de commissielonen." In België is het probleem echter dat kantoorhouders en agenten slechts voor één kredietinstelling mogen werken. Bovendien leggen de financiële instellingen per product bepaalde objectieven op, gekoppeld aan extra vergoedingen. Nicolaes: "Daarom zou de overheid beter de totale kostenstructuur van de bank transparant maken. Zo kan de wetgever een halt toeroepen aan de stimulering van bepaalde producten door commissielonen. Die sturing gebeurt overigens evengoed of nog meer bij de bedienden van de eigen kantoren. De laatste jaren zien we dat de kredietinstellingen van die situatie misbruik maken en hoogrentende of interessant geprijsde producten promoten en daarbij een zeer geringe of geen commissie aan de agent toekennen. Wil de agent zijn inkomsten op peil houden, dan moet hij noodgedwongen de hoger gecommis-sioneerde producten aan de klanten verkopen. In die zin is het goed dat Europa de vergoedingen voor de tussenpersonen aan de dienstverlening aan de klant wil koppelen."