K lasfoto's maken, zou in onze scho- len wel eens tot het verleden kun- nen behoren. Tenminste, tijdens de lesuren. Dat liet de Commissie Zorgvuldig Bestuur, die waakt over de basisprincipes van het onderwijs, vorige week weten.
...

K lasfoto's maken, zou in onze scho- len wel eens tot het verleden kun- nen behoren. Tenminste, tijdens de lesuren. Dat liet de Commissie Zorgvuldig Bestuur, die waakt over de basisprincipes van het onderwijs, vorige week weten. Kosteloosheid is een van de principes van het Vlaamse onderwijs. Bovendien mogen scholen geen commerciële activiteit ontwikkelen. Welnu, de klasfotosessies ruiken opvallend veel naar een commerciële activiteit. Een fait divers dat als krantenkop goed zou passen in de pruimentijd, zo lijkt het. Maar dat is het niet. Verscheidene scholen lieten al weten dat ze een verbod op fotosessies niet zien zitten. Ze halen daarbij argumenten aan als zou het hier om een traditie gaan. Maar tegelijk laten ze tussen de lijnen ook weten dat het eigenlijk een interessante manier is om de schoolkas te spekken. En die inkomsten kunnen de scholen goed gebruiken. Er zijn de klasfoto's, maar er worden ook barbecues of wafelbakken georganiseerd om geld in het laatje te krijgen. Vaak houdt het oudercomité zich daarmee bezig. De opbrengst wordt dan gebruikt om bijvoorbeeld vakliteratuur voor de leraren aan te kopen. De gewone middelen waarover een school beschikt, zijn op dat vlak immers ontoereikend. Die situatie legt meteen de vinger op de wonde: eigenlijk is ons lager en middelbaar onderwijs ondergefinancierd. Onzin, hoor ik u al zeggen. Zowat de helft van de Vlaamse begroting gaat naar onderwijs. Dat klopt, maar daar nijpt precies het schoentje. In dat financieringssysteem zit een aantal hiaten. Dankzij een goed georganiseerde vakbond is het onderwijzend personeel er altijd in geslaagd zeer interessante cao's af te sluiten. Voor het recentste sociaal akkoord werd maar liefst 75 miljoen euro extra op tafel gelegd. Recent nog werd het vakantiegeld verhoogd, waardoor de onderwijsmensen worden gelijkgeschakeld met andere werknemers. Het onderwijzend personeel klaagt steen en been over de hoge werkdruk, maar misschien zouden we eens moeten nagaan wat de productiviteit van die leerkrachten is. In Zweden moeten leerkrachten 40 uur per week in de school werken. We zien het in Vlaanderen niet snel gebeuren. Het klopt natuurlijk dat ook een steeds groter deel van de middelen wordt gebruikt om schoolgebouwen te renoveren. Een terechte prioriteit. Maar een grondig debat over het aanwenden van de onderwijsmiddelen blijft uit. En hetzelfde geldt voor het debat over de verdeling van de middelen tussen enerzijds lager en middelbaar onderwijs en anderzijds hoger onderwijs. Nu iedereen de mond vol heeft over kenniseconomie, is het bijna een misdaad om te beweren dat het hoger onderwijs te veel middelen krijgt. Meer geld voor hoger onderwijs betekent immers meer economische groei. En toch is er geen enkel onderzoek dat dit oorzakelijk verband aantoont. Bovendien moeten we ons in Vlaanderen ernstig vragen stellen bij de versnippering van ons hoger onderwijs. Met de associaties worden stappen in de goede richting gezet, maar wat is bijvoorbeeld de zin van een KU Brussel? Deze 'universiteit' telt amper 350 studenten. Dat is minder dan een doorsnee college in een Vlaamse provinciestad. Een bewijs dat de versnippering van ons hoger onderwijs een absurditeit is. Maar het lager en middelbaar onderwijs betalen daar wel de prijs voor. Alain Mouton