Europese landen hebben er alle belang bij hun grenzen open te zetten voor werknemers uit de nieuwe EU-lidstaten (de tien landen die sinds 1 mei 2004 zijn toegetreden). De vrees voor sociale dumping - door een toevloed van goedkope werkkrachten - is ongegrond, net als de angst om overspoeld te worden door een massa Oost-Europese werkkrachten. Landen die hun grenzen al geopend hebben, betreuren die keuze zeker niet. Zowel de groei als de tewerkstelling neemt er toe. Zo concludeert de Europese Commissie in een nieuw rapport.
...

Europese landen hebben er alle belang bij hun grenzen open te zetten voor werknemers uit de nieuwe EU-lidstaten (de tien landen die sinds 1 mei 2004 zijn toegetreden). De vrees voor sociale dumping - door een toevloed van goedkope werkkrachten - is ongegrond, net als de angst om overspoeld te worden door een massa Oost-Europese werkkrachten. Landen die hun grenzen al geopend hebben, betreuren die keuze zeker niet. Zowel de groei als de tewerkstelling neemt er toe. Zo concludeert de Europese Commissie in een nieuw rapport. Meteen riep de Commissie alle lidstaten op om de beperkingen op het vrij verkeer van werknemers per 1 mei 2006 niet langer te verlengen. Bij de meest recente uitbreiding van de Europese Unie hadden de 'oude' lidstaten de keuze: hun arbeidsmarkt voor werknemers uit de nieuwe lidstaten openen of een overgangsfase invoeren met beperkingen op het vrij verkeer van werknemers. Die beperkingen moeten om de twee jaar worden herzien. De meeste lidstaten moeten tegen 1 mei 2006 dan ook beslissen of ze hun grenzen openen. Nog tot 2011 kunnen ze beperkingen opleggen. De Commissie raadt de lidstaten af om van die mogelijkheid gebruik te maken. Zweden, Ierland en Groot-Brittannië hebben hun grenzen al geopend. De werkloosheidsgraad ligt in die landen onder het Europees gemiddelde (8,5 %). Volgens de Britse regering heeft de komst van Oost-Europese werknemers de economie al meer dan 700 miljoen euro per jaar opgebracht. Er is geen gevaar voor sociale dumping, want de arbeidsvoorwaarden van het land waar de werknemers aan de slag zijn, blijven van toepassing. Er is ook niet echt sprake van een vloedgolf van Oost-Europese werknemers. Binnen de vijftien 'oude' lidstaten maken ze slechts 1 % van het aantal werkkrachten uit. In Ierland, op dat vlak een van de meest liberale lidstaten, is dat nog geen 4 %. In Oostenrijk, dat een vrij strenge reglementering toepast, is het aantal werkkrachten uit de nieuwe lidstaten wél sterk toegenomen. Het gaat vooral om zelfstandigen of illegaal tewerkgestelde personen. Volgens experts het bewijs dat het afsluiten van de grenzen geen oplossing is. Tot die conclusie komt ook professor Filip Abraham (KU Leuven) in een recente studie die hij voor VKW Metena uitvoerde ( Leidt de EU-uitbreiding tot sociale afbouw?). Abraham pleit voor een actieve rekrutering van werknemers uit de nieuwe lidstaten voor de invulling van knelpuntvacatures. Hij beklemtoont ook dat de vrees voor concurrentie in een aantal sectoren ongegrond is. Het gaat vooral om jobs aan de onderkant van de arbeidsmarkt (zoals poetsvrouwen en fruitplukkers), beroepen die Vlamingen niet graag meer uitoefenen. A.M.