Ten dode opgeschreven ?
...

Ten dode opgeschreven ?Vorige vrijdag plaatste Ronald Torelle, gedelegeerd bestuurder van TransCombi Belgium uit Wondelgem, zijn bedrijf in vereffening. Ondanks alle beloftes van de Europese Unie en de openbare vervoermaatschappijen blijkt het gecombineerd transport trein en boot als alternatief voor het vrachtwagenverkeer dode letter te blijven. Na vier jaar verwoede pogingen geeft Torelle tevens gedelegeerd bestuurder van Natisa Belgium en Fibusco International er de brui aan : "Ik ben het beu dat de spoorwegen nooit hun verantwoordelijkheid nemen. Als een wagon tegen alle afspraken in veel te laat op zijn eindbestemming komt of de ambtenaren systematisch vervoerdocumenten kwijtspelen zonder daarvoor enige vergoeding te betalen, kunnen wij als privé-onderneming niet op deze markt overleven. Publieke concurrenten, zoals TRW en CEMAT (dochters van respectievelijk de NMBS en de Italiaanse spoorwegen) natuurlijk wel, zij hoeven geen winst te maken, de belastingbetaler betaalt toch." Met een investering van 30 miljoen frank aan wissellaadbakken richt Torelle in '93 uit de asse van het failliete transportbedrijf Unitrans (in '90 over de kop gegaan na een onbetaalde vracht van sodiumcyanide uit Turkije, bestemd voor Iran) TransCombi Belgium op, gespecialiseerd in het nichevervoer naar Griekenland, Turkije, Albanië en Macedonië. Aangezien het maximumgewicht per vracht van 24 naar 28 ton stijgt, biedt het gecombineerd vervoer interessante voordelen. Bovendien wordt het fileprobleem op de weg steeds prangender en streeft het bedrijfsleven op termijn naar een milieuvriendelijke mobiliteit. Zo slaagt TransCombi erin een paar belangrijke contracten in de wacht te slepen : BASF, Mobil Plastics, Degussa, Alcatel en Metaxa. In '94 realiseert het Oost-Vlaams bedrijf zo'n 3500 TEU (het equivalent voor containers van 20 voet) naar Griekenland, goed voor een omzet van 78 miljoen frank. Torelle : "Maar in maart van dat jaar gaan de poppen aan het dansen. Voor het alcoholvervoer van Athene (Griekenland) naar Bocholt (Duitsland) eist de doaune vervoersdocumenten, maar die blijken telkens in Italië te verdwijnen. Cemat doet of haar neus bloedt, maar wij zitten met de gebaken peren. Uiteindelijk verbreekt Metaxa onze overeenkomst. Anderen volgen, mede als gevolg van de onmogelijke transittijden (van 8 tot 17 dagen)." "Het huidig systeem werkt gewoonweg niet", besluit de gedelegeerd bestuurder van TransCombi Belgium : "Het laconieke antwoord van Luc Mikolajczak, verantwoordelijke van TRW, op alle problemen luidde ik citeer letterlijk à l'impossible nul n'est tenu. Hoe kun je met zulke mensen zakendoen ? In die zin zie ik maar één oplossing, namelijk een privatisering van de nationale spoorwegen. Anders komt het gecombineerd vervoer nooit van de grond." In die zin sluit het voorstel van Torelle nauw aan bij de denkpistes uit het Witboek van Europees transportcommissaris Neil Kinnock : het doorbreken van de staatsmonopolies om tot een betere service te komen, private financieringen om de infrastructuur van het spoor te verbeteren en tariefdifferentiatie voor vrachtwagens en het rijden in spitsuren. Uit de resultaten van het recente GES-rapport ( Gemeenschap van Europese Spoorwegen), uitgevoerd door Mercer Management Consulting, blijkt inderdaad dat het huidige spoorwegvervoer mank loopt : de gemiddelde snelheid van het spoorvrachtverkeer bedraagt hoogstens 51 km per uur, de wachttijden aan de grenzen lopen op tot vijf uur, de nationale dienstregelingen zijn niet op elkaar afgestemd en soms is zelfs geen lijn beschikbaar (als gevolg van de prioriteit, die aan de reizigerstreinen gegeven wordt). RONALD TORELLE (TRANSCOMBI BELGIUM) Privatisering van de spoorwegen is de enige oplossing.