Dit najaar pakt het Parijse Musee d'Orsay uit met een spektakelshow van Picasso. De expo opende afgelopen dinsdag en lijkt de publiekstrekker van de herfst te worden. D'Orsay is erin geslaagd liefst 300 kunstwerken samen te brengen uit de blauwe en de roze periode van de schilder. Ze behoren tot de zeldzaamste en meest gezo...

Dit najaar pakt het Parijse Musee d'Orsay uit met een spektakelshow van Picasso. De expo opende afgelopen dinsdag en lijkt de publiekstrekker van de herfst te worden. D'Orsay is erin geslaagd liefst 300 kunstwerken samen te brengen uit de blauwe en de roze periode van de schilder. Ze behoren tot de zeldzaamste en meest gezochte werken op de internationale kunstmarkt. Christie's New York veilde in mei nog het blauwe Meisje met de bloemenmand uit 1905 voor 115 miljoen dollar. Het topwerk kwam uit de collectie van David en Peggy Rockefeller. Toen Picasso in 1901 als Spaanse artiest verhuisde naar Parijs, was hij pas twintig jaar. Hij worstelde met een depressie nadat een goede vriend zelfmoord had gepleegd. Hij begon sombere portretten te maken van prostituees, bedelaars, dronkaards en uitgemergelde moeders met hun kinderen. Die doeken in een ziekelijk blauw-groen palet ademen armoede, eenzaamheid en wanhoop uit. In 1904 brakt Picasso's roze periode aan, waarin zijn gemoed, onderwerpen en kleuren veel optimistischer werden: er doken clowns, harlekijns en andere circusfiguren op in levendige tinten als roze, rood en oranje. Alle werken op de show maakte Picasso tussen 1901 en 1906, met andere woorden: voor zijn 25ste. De show is een mijlpaal, want het is de eerste keer dat een Frans museum inzoomt op deze bijzondere periode in het oeuvre van Picasso. Bovendien is de expo de eerste grootschalige samenwerking tussen Musée d'Orsay en het Parijse Musée Picasso. Volgend jaar reist de show door naar Fondation Beyeler in Bazel, Zwitserland.