De economische katernen van kranten zijn tegenwoordig spannender dan de sportpagina's. Elke dag is er in Europa wel een nieuwe fusie of overname. Soms hebben die zelfs iets weg van een soap, zoals de overnamestrijd rond Arcelor door Mittal Steel. Het zijn vervolgverhalen. Of moeten we zeggen: schaakwedstrijden? En dus hebben ze toch nog iets van een sportpagina.
...

De economische katernen van kranten zijn tegenwoordig spannender dan de sportpagina's. Elke dag is er in Europa wel een nieuwe fusie of overname. Soms hebben die zelfs iets weg van een soap, zoals de overnamestrijd rond Arcelor door Mittal Steel. Het zijn vervolgverhalen. Of moeten we zeggen: schaakwedstrijden? En dus hebben ze toch nog iets van een sportpagina. De afgelopen weken was alle aandacht gericht op Suez. De Franse nutsgroep - de speler met het zwaarste gewicht in de Belgische Bel20-aandelenindex - fuseerde bliksemsnel met Gaz de France om een overname door het Italiaanse Enel af te wenden. Nog maar enkele maanden geleden hadden de Fransen zelf de bijna volledige Belgische nutssector - via Electrabel - overgenomen. Maar wat in de kleine Europese landen mogelijk is, willen de groten niet bij zichzelf laten gebeuren. Suez noteert vandaag meer dan 40 % hoger dan bij de overname van Electrabel. Het minste wat je kan zeggen, is dat de Belgen te vroeg hebben verkocht, en wellicht ook te goedkoop. En erger: het strategische belang van de sector werd onderschat. Opvallend is ook dat er momenteel al even wild wordt gedaan over sectoren die beleggers tot voor kort nog als saai bestempelden. Nutsbedrijven worden nu gehypet, net zoals de telecombedrijven in de periode vóór 2000... Europees kapitalisme ontwaakt. Maar er gebeurt vandaag nog veel méér op de kapitaalmarkten. Heel wat bedrijven worden opgeslokt door puur financiële spelers. Soms lijkt het alsof ze Monopoly spelen, maar dan met echt geld. Gespecialiseerde fondsen hebben veel centen gekregen van institutionele beleggers en kopen daar bedrijven mee. Aanvankelijk kozen ze voor kleine, vaak niet-beursgenoteerde ondernemingen. Tegenwoordig richten diezelfde fondsen hun pijlen op grote, beursgenoteerde prooien. TDC, VNU, Tommy Hilfiger of Ontex zijn maar enkele voorbeelden. Europese bedrijven zijn een gewild object geworden van deze, meestal Angelsaksische fondsen (ze worden ook wel eens private-equityfondsen of durfkapitaalfondsen genoemd). Zij hebben in de voorbije jaren massaal veel geld opgehaald (zie grafiek) en voor elke opgehaalde dollar ontlenen ze ook nog eens 3 tot 5 dollar. Hun slagkracht bedraagt daardoor meer dan 2000 miljard dollar. Dat zo veel Europese bedrijven in het vizier komen, lijkt op het eerste gezicht verwonderlijk. De Angelsaksische beleggers staan immers vrij negatief tegenover Europa, dat volgens hen te traag groeit en heel wat economische flexibiliteit mist. De Europese ondernemingen hebben echter wel veelal exportgerichte activiteiten. En blijkbaar is het deze fondsen ook niet ontgaan dat de waardering van de Europese bedrijven lager ligt dan in de VS. Dat er een nieuwe wind waait door Europa is toe te juichen. En toch... Velen geloven blijkbaar dat de waarde voortaan zal worden gecreëerd door financiers - het operationele vinden ze bijkomstig. De financiers zorgen ervoor dat de overgenomen bedrijven 'geoptimaliseerd' worden, wat dikwijls neerkomt op pijnlijke herstructureringen. Soms komen de durfkapitaalfondsen echter tot de conclusie dat de overgenomen bedrijven operationeel al heel efficiënt werkten, en dat de geplande verbeteringen niet haalbaar zijn. Hoe duurzaam is deze nieuwe financiële mode? Het Nieuwe Kapitalisme is in belangrijke mate het gevolg van de lage rente en de sterke groei van de liquiditeiten in de wereldeconomie. Met andere woorden, het heeft veel te danken aan de centrale banken. Grote, institutionele beleggers hebben ook hun allocatie van beleggingen gewijzigd, en veel geld in hun richting gestuurd. De ironie is dat net die spelers in de jaren negentig een extreme voorkeur hadden voor grote liquide aandelen, waardoor de waardering van die groep ontspoorde en tot een bubbel leidde (zie grafiek). Beleggen in kleine en zelfs middelgrote aandelen was toen voor hen taboe. Door massaal veel geld aan durfkapitaalfondsen te geven, hebben ze nu de omgekeerde beweging in gang gezet. En betalen ze hoge beheersvergoedingen om via een omweg te beleggen in die bedrijven die diezelfde pensioenfondsen destijds nooit via de beurs wilden kopen... Dergelijke financiële constructies gaan uit van stabiele kasstromen - want die zijn nodig om hun leningen terug te betalen. De achilleshiel van al hun mooie projecties is een terugkeer van de economische cyclus. Een tijdelijke verslechtering van de bedrijfsresultaten zou een streep door hun rekening zijn. Het Nieuwe Kapitalisme in Europa zal ook de Europese Centrale Bank (ECB) tot meer waakzaamheid dwingen. De ECB is immers niet opgewassen tegen excessen zoals de junk bond-crisis in de VS van de jaren tachtig (een periode die nogal wat gelijkenissen vertoont met de huidige private-equityhype). Dus zal de centrale bank preventief optreden. De renteverhoging van de ECB vorige week en de dreigende taal van ECB-voorzitter Jean-Claude Trichet hebben veel te maken met de ontsporing van de geld- en kredietgroei. Want de financiële markten mogen dan vandaag wel spannender zijn dan de meeste sportwedstrijden, de arbiter heeft ook veel toegelaten. Nu de inzet groter wordt en het spel wat ruwer, zal er wellicht ook sneller worden gefloten... De auteur is hoofdeconoom van Petercam Vermogensbeheer. Reacties: visienoels@trends.beGeert Noels