Bijna zes jaar had Dexia Asset Management het niet onder de markt. Hoewel de vermogensbeheerder sterk bleef presteren, struikelden veel klanten over het debacle van moedermaatschappij Dexia. De klantenbasis bleef niettemin stabiel, mede dankzij de medewerkers die het huis trouw bleven. Die stabiliteit werd zeer op prijs gesteld.

Begin 2014 werd de onderneming (waarvoor 250 Belgen werken) overgenomen door New York Life Investment Management (NYLIM), de vermogensbeheerder van New York Life. Enkele dagen later werd de nieuwe naam Candriam ('Conviction and Responsability in Asset Management') voorgesteld. Sindsdien is het vermogen onder beheer gestegen van 66 naar meer dan 90 miljard euro. Daar zit voor 10 miljard het effect van aantrekkende markten in, maar 15 miljard euro komt van nieuw aangetrokken middelen (7 miljard vorig jaar en 8 miljard euro in de eerste zes maanden van dit jaar).

"Het goede nieuws is dat de groei doorzet in de tweede helft van dit jaar", zegt een tevreden Naïm Abou-Jaoudé, CEO van Candriam. "In die mate zelfs dat de negatieve marktimpact in het derde kwartaal volledig gecompenseerd werd door verse cash."

Het vertrouwen van de Amerikaanse aandeelhouder in de Europese leiding is groot. Abou-Jaoudé werd enkele weken geleden benoemd tot chairman van NYLIM International. In die functie wordt hij verantwoordelijk voor de activiteiten buiten de VS. In de praktijk focust hij op de groeistrategie in Europa en Azië.

Hoe verklaart u de spectaculaire groeicijfers van Candriam?

NAÏM ABOU-JAOUDÉ. "Er was in de eerste plaats de naamsverandering en de nieuwe aandeelhouder. New York Life is een solide groep die 540 miljard dollar beheert en tezelfdertijd een 'multiboetiekaanpak' huldigt. Zo'n decentraal model geeft de verschillende investeringsboetieks een grote lokale autonomie. Onze klanten weten dat sterk te appreciëren.

"Als middelgrote speler combineren wij de sterkte van een grote groep met een AAA-rating met onze eigen lokale, Europese benadering. Candriam biedt het beste van twee werelden: via onze moedermaatschappij hebben we de middelen om in de business te investeren, en tegelijk zijn wij flexibeler en behendiger dan de grote spelers in onze sector."

Grote fondsen trekken toch makkelijker nieuwe investeerders aan?

ABOU-JAOUDÉ. "In de VS is dat zo. Daar trekken de grootste tien assetmanagers 70 procent van de verse cash aan. The winner takes it all. In Europa ligt dat cijfer maar op 30 procent. Hier zijn investeerders minstens even gevoelig voor de efficiëntie en flexibiliteit van een organisatie, een stabiele aanpak, risicospreiding, productdiversificatie, klantenservice... Candriam heeft al meer dan twaalf jaar hetzelfde managementteam. De klanten kennen ons. Wij zijn, ook na de overname, een Belgische vermogens- en fondsenbeheerder gebleven, die werkt met Belgische mensen en de taal van de klant spreekt."

Wat is de ambitie op de middellange termijn?

ABOU-JAOUDÉ. "Na de overname wilden we binnen de vijf jaar 104 miljard euro activa onder beheer hebben. Dat komt neer op een groei van meer dan 10 procent per jaar. Daar zitten we nu ruim boven. Maar zulke groeipercentages zijn, rekening houdende met de beperkte economische groei, niet houdbaar. Als we de komende jaren 5 tot 7 procent groei per jaar kunnen neerzetten, hebben we goed gewerkt. In elk geval zitten we op schema om ons doel van 104 miljard tegen 2018 te behalen en misschien zelfs te overstijgen."

Levert de trans-Atlantische samenwerking met NYLIM resultaten op?

ABOU-JAOUDÉ. "De beoogde synergie wordt gerealiseerd. Zo beheert Candriam als subadviseur vanuit Brussel een fonds van NYLIM in groeimarktaandelen (ter waarde van circa 250 miljoen dollar), terwijl twee alternatieve strategieën van Candriam deel uitmaken van een totalreturnfonds (50 miljoen euro) dat verdeeld wordt via het retailplatform van NYLIM in de Verenigde Staten. Dat je producten beheerd door Belgische fondsbeheerders in hartje New York kunt kopen, vind ik een geweldige realisatie. Overigens opent Candriam volgend jaar een eigen kantoor in New York om meer institutionele investeerders aan te trekken. We doen nu ongeveer 3 procent van onze business buiten Europa, op termijn hopen we dat uit te breiden tot 10 procent."

U bent erg succesvol in uw historische markten België en Frankrijk. Maar hoe is het gesteld met de expansieplannen in andere Europese landen?

ABOU-JAOUDÉ. "België blijft onze belangrijkste markt, in volume en in groei. Daarna volgt Frankrijk. Maar ook Italië en Spanje presteerden sterk. In elk van die twee markten is er netto een miljard euro middelen bij gekomen. Daarnaast willen we onze positie versterken in Duitsland, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk. In elk van die drie markten groeien we, maar in een lager tempo. We zitten er in een fase waar we vooral investeren in extra medewerkers en marketing."

In België hebt u een bevoorrechte relatie met Belfius. Wilt u de distributie van Candriam-fondsen in België niet uitbreiden via derde partijen?

ABOU-JAOUDÉ. "Nee. Ons partnership met Belfius loopt al heel lang. De complementariteit is groot en we delen dezelfde langetermijnvisie. We blijven investeren in het succes van deze relatie."

U bent onlangs benoemd tot voorzitter van NYLIM International. Wat zijn de plannen?

ABOU-JAOUDÉ. "Zowat 30 procent van de activa van NYLIM bevindt zich momenteel buiten de VS. Het gaat vooral om Candriam en een filiaal in Australië. De bedoeling is de activiteiten buiten de VS uit te breiden tot 50 procent van de beheerde activa, in een periode van vijf tot zeven jaar. New York Life heeft daarvan een strategische prioriteit gemaakt. De groep ziet meer groeipotentieel buiten de VS dan in haar klassieke thuismarkt. De komende jaren moet Europa de belangrijkste groeimotor voor de groep worden, en daarbij zit Candriam in de driver's seat."

New York Life wil ook activiteiten ontwikkelen in Azië?

ABOU-JAOUDÉ. "Inderdaad. NYLIM International wil er de naambekendheid van zijn investeringsboetieks en de distributie van zijn fondsen vergroten. We denken aan drie landen. In de eerste plaats Zuid-Korea omdat New York Life een historisch partnership heeft met Samsung voor het beheer van zijn pensioenfonds. Daarnaast is er de intentie om een kantoor te openen in Tokio. Japan is na de VS en Europa de grootste markt ter wereld, met een vermogen onder beheer van circa 3800 miljard dollar. Ten slotte willen we ook in China actief worden."

Wat is het idee achter al die investeringen?

ABOU-JAOUDÉ. "NYLIM is het nummer 26 op de wereldmarkt van assetmanagers. Met zijn activiteiten in de VS, Europa en Australië dekt de groep 85 procent van de wereldmarkt. Met Korea, Japan en China breiden we die dekking uit tot bijna 95 procent. Bovendien liggen de groeiverwachtingen voor de meeste Aziatische markten veel hoger dan in de rest van de wereld. In China bijvoorbeeld is assetmanagement nog een heel kleine markt, maar wel een die groeit met 12 procent per jaar."

Wordt er enkel op organische groei gemikt?

ABOU-JAOUDÉ. "Neen. New York Life staat open voor alle mogelijkheden (overnames, partnerships, joint ventures, nvdr), maar er is geen haast bij. We willen het stap voor stap doen. In Europa merken we dat de markt van vermogensbeheerders trager consolideert dan we dachten. De top vijf vertegenwoordigt wereldwijd een marktaandeel van 21 procent, en de top 25 komt amper boven de 50 procent uit. Dat betekent dat de markt nog zeer gefragmenteerd is.

"Vermits de kosten jaarlijks toenemen, en er schaalvoordelen te halen zijn uit fusies en overnames, blijft er ruimte voor consolidatie. Maar assetmanagement is nu eenmaal een people business. Dat zorgt ervoor dat succesvolle deals niet voor de hand liggen. Het is niet vanzelfsprekend twee partijen te vinden die dezelfde waarden, cultuur en filosofie huldigen, waar er voldoende complementariteit is en waar het klikt tussen de mensen. Daarnaast zijn er in Europa ook nog eens grote verschillen in wetgeving en fiscaliteit tussen de landen. Dat maakt het allemaal heel complex."

Patrick Claerhout

"Dat je producten beheerd door Belgische fondsbeheerders in hartje New York kunt kopen, vind ik een geweldige realisatie"

"België blijft onze belangrijkste markt, in volume en in groei"