Wie herinnert zich nog de tijd dat de telefoon alleen maar diende om te telefoneren? De jaren 2000, de tijd van de gsm's van de eerste generatie, met hun minimalistische zwart-witschermpje, verwisselbare batterijen en polyfone beltonen. Het was de glorietijd van de Nokia 3210. Nu, amper dertien jaar later, bevat de minste basis-gsm van 40 euro een camera en zelfs een videotoepassing. Met de instapsmartphones van 100 euro kan je surfen op het internet, mp3's beluisteren en met gps je positie bepalen.
...

Wie herinnert zich nog de tijd dat de telefoon alleen maar diende om te telefoneren? De jaren 2000, de tijd van de gsm's van de eerste generatie, met hun minimalistische zwart-witschermpje, verwisselbare batterijen en polyfone beltonen. Het was de glorietijd van de Nokia 3210. Nu, amper dertien jaar later, bevat de minste basis-gsm van 40 euro een camera en zelfs een videotoepassing. Met de instapsmartphones van 100 euro kan je surfen op het internet, mp3's beluisteren en met gps je positie bepalen. Hoeft het nog gezegd dat de smartphones alles -- of toch bijna alles -- aankunnen? Dat gaat dan wel ten koste van gevestigde sectoren, die nu op hun grondvesten daveren. De consumenten gaan massaal voor het 'alles-in-een'-toestel. De producenten van fototoestellen, videocamera's, gps-toestellen en mp3-spelers verliezen marktaandeel aan de kampioenen van de smartphone, Apple en Samsung (zie grafiek Winnaars en verliezen aan smartphonefront). De feestdagen brachten eens te meer de bevestiging dat de smartphones en de tablets de sterproducten van het moment zijn op Planeet Hightech. Volgens cijfers van het marktonderzoeksbureau GfK zijn het zelfs de enige toestellen die in 2012 een forse groei van de verkoop kenden: plus 60 procent voor de tablets, plus 38 procent voor de smartphones. Alle andere technoproducten krijgen een min of meer zwaar pak slaag (zie grafieken op blz. 96). Dat is duidelijk een teken aan de wand. De kannibalisering van de sector, ingezet bij de lancering van de iPhone van Apple in 2007, is volop aan de gang. Bij Fnac volgen ze die mutatie op de voet. "We passen onze winkels aan dat soort evoluties aan", verduidelijkt Mathieu Ghyssel, commercieel directeur technische producten bij Fnac België. "Toen de gsm's ook een fotofunctie kregen, hebben we het aantal compacte fototoestellen in ons aanbod verlaagd. Tegenwoordig wordt almaar meer plaats gemaakt voor smartphones en tablets." De explosie van de verkoop van die producten komt Fnac uiteraard ten goede, maar de concentratie op de markt is niet noodzakelijk een goede zaak voor de distributeur. "Op de smartphones halen we de zwakste marges: 4 tot 10 procent", zegt Ghyssel. "We maken dat goed door het verkochte volume en door de accessoires. Ik verkoop liever een bredere waaier van producten die betere marges opleveren, zoals de mp3-spelers." Dat de distributeurs niet opgetogen zijn is één zaak, maar wat dan te zeggen van de 'historische' spelers van de techbranche? Hun achteruitgang is uiteraard niet volledig toe te schrijven aan de smartphone. Als ze in de rekken van de Fnac verwezen worden naar de tweede en zelfs derde rij, dan is dat ook omdat ze de klanten gewoon minder aanspreken. Bovendien weegt de economische crisis op het vertrouwen en het budget van de gezinnen. Sommige producten hebben ook een zo hoge penetratiegraad bereikt dat de vervanging van apparaten geen compensatie meer biedt. De cijfers zijn duidelijk: volgens ABI Research werden in 2012 wereldwijd niet minder dan 653 miljoen smartphones verkocht. Alleen al in België gingen bijna 2 miljoen stuks over de toonbank. Een record. Onderweg heeft de smartphone al de elektronische agenda's (pda's) genekt. Palm, begin jaren 2000 nog marktleider, werd in 2010 overgenomen door concurrent HP. Die maakte er een wat obscuur filiaal van dat programma's moet ontwikkelen. De smartphone heeft ook andere toestellen verwezen naar het rijk van de vintage. Rekenmachientjes hebben geen enkel nut meer nu de gsm hun taak kan overnemen. Dictafoons, ook al zijn ze digitaal, doen ouderwets aan naast de apps op de smartphone die precies dezelfde functie vervullen. Zelfs de zaklamp blijft tegenwoordig diep in de la liggen. Maar de echte has been is wel de snerpende wekker op het nachtkastje. Maar de smartphone haalt ook onverschrokken uit naar meer gesofisticeerde sectoren, zoals de video en de navigatie. In detail bekeken kunnen de functies die in de smartphones ingebouwd zijn niet altijd tippen aan hun monofunctionele 'voorlopers'. Een foto gemaakt met een telefoon geeft weliswaar een correct resultaat in ideale lichtomstandigheden, maar een kiekje dat 's avonds laat in een bar genomen wordt, heeft al veel minder kans op slagen. Ook het navigatiesysteem in een gsm is niet altijd de ideale vervanger voor de 'klassieke' gps. Het scherm is kleiner, de luidspreker schril en er zijn weerkaatsingen op het scherm. Heel wat nadelen dus. Loont het om een iPod te vervangen door een iPhone? Dat kan uiteraard, maar die laatste heeft wel niet dezelfde opslagcapaciteit. Desondanks geven de smartphones heel wat gebruikers voldoening. De liefhebbers van de smartphone worden aangetrokken door de voordelen in mobiliteit, connectiviteit en bundeling in één enkel apparaat en vergeten al gauw de soms teleurstellende prestaties van hun lievelingstoestel. Intussen incasseren de 'vergane gloriën' van de bedreigde sectoren de klappen, maar ze staan ook klaar om weerwerk te bieden. Op de volgende bladzijden focussen we op zes slachtoffers van de smartphone, en bekijken we hun verdedigingsstrategie. GILLES QUOISTIAUX