Deze maand is het 21 jaar geleden dat ik bij een controle van een scheepvaartbedrijfje in Merksem de scheepskredietenfraude ontdekte. Het bedrijf verkeerde in moeilijkheden. Door een gelukkig toeval was advocaat Frans De Roy door de rechtbank aangesteld als bewindvoerder. Hij gaf ons de volledige toegang tot het bedrijf. De stukken toonden haarscherp dat het laatste schip dat op de Boelwerf was gebouwd, werd overgefinancierd met goedkope overheidskredieten van de Nationale Maatschappij voor Krediet aan de Nijverheid (NMKN). Zo'n krediet mocht maximaal 80 procent van de bouwwaarde van het schip bedragen, maar dat werd eenvoudig omzeild door een overfacturering met een kwart (80 % van 125 % geeft netjes 100%).
...

Deze maand is het 21 jaar geleden dat ik bij een controle van een scheepvaartbedrijfje in Merksem de scheepskredietenfraude ontdekte. Het bedrijf verkeerde in moeilijkheden. Door een gelukkig toeval was advocaat Frans De Roy door de rechtbank aangesteld als bewindvoerder. Hij gaf ons de volledige toegang tot het bedrijf. De stukken toonden haarscherp dat het laatste schip dat op de Boelwerf was gebouwd, werd overgefinancierd met goedkope overheidskredieten van de Nationale Maatschappij voor Krediet aan de Nijverheid (NMKN). Zo'n krediet mocht maximaal 80 procent van de bouwwaarde van het schip bedragen, maar dat werd eenvoudig omzeild door een overfacturering met een kwart (80 % van 125 % geeft netjes 100%). Die overdreven factuur moest worden gecompenseerd met valse aankoopfacturen, die onder meer uit Gibraltar bleken te komen. De bedoeling was dat het overdreven krediet een aantal jaren later gedeeltelijk werd kwijtgescholden. Dat systeem was al jaren aan de gang. De opeenvolgende ministers van Verkeer konden het ook niet helpen dat de markt voor tweedehandsschepen zo laag was. Ze moesten het verlies dus wel slikken en hun handtekening plaatsen. In de federale regering waren dat achtereenvolgens Herman De Croo (VLD), Jean-Luc Dehaene (CVP), Guy Coëme (PS) en Elio Di Rupo (PS). De zaak was evenwel geregionaliseerd, en de Vlaamse ministers van Mobiliteit waren Johan Sauwens (VU), Theo Kelchtermans (CVP), Eddy Baldewijns (SP) en Steve Stevaert (SP). Alle partijen hadden dus boter op hun hoofd. In het dossier zaten ook leuke voordelen en commissies voor politiek benoemde functionarissen. Mijn ambtelijke orderregister toont aan dat ik het daaropvolgende jaar (1997 en 1998) zeven dagen bij de gerechtelijke politie van Aalst (parket Dendermonde) heb gezeten om een en ander te verhelderen. Mijn grote vriend was toen Vlaams liberaal volksvertegenwoordiger Karel De Gucht. Als aanvoerder van de oppositie tegen de regering-Van den Brande IV pleitte hij onophoudelijk voor een onderzoekscommissie naar de scheepskredieten. Het was hem bijna gelukt: Parlementsvoorzitter Norbert De Batselier (SP) had toegezegd zich te onthouden en wij hadden Jef Sleeckx (SP) overtuigd mee te stemmen met de oppositie. Bij de stemming liep het toch nog mis. Er was een stem te weinig: de maritieme specialist van het Vlaams Blok, Jan Penris, moest dringend naar het toilet. Na de kippencrisis van 1999 ging de CVP naar de oppositie en het nieuwe paarse bewind kon niet anders dan de onderzoekscommissie installeren. Ik herinner me hoe de ambtenaren van de NMKN omgeven waren door advocaten die precies aangaven wat ze konden zeggen en wat niet. Ik was ook uitgenodigd. Ik was van plan alles te zeggen: eindelijk eens geen beroepsgeheim, en dit mocht wel bekend zijn. Na nog geen kwartier spreken hadden De Gucht en de anderen mij door, en ze vroegen en kregen een besloten zitting. Van de commissie en het verslag van Jos Stassen, nu burgemeester voor Groen in Kruibeke, kan verder worden gezegd: ze dronken een glas, ze pisten een plas en alles bleef zoals het was. Ondertussen ging ook het gerechtelijk opsporingsonderzoek onder leiding van substituut-procureur des Konings Erwin Dernicourt zijn rustige gangetje. Acht jaar later kwam de zaak van de algehele valsheid in de openbaarheid, toen de rechtbank van Dendermonde zich erover moest uitspreken. Veel ophef was er niet meer over. Ik begreep ook niet hoe de uitreikers van de valse facturen niet werden vervolgd, en de ontvangers wel. De politieke verantwoordelijken zijn nooit verontrust. Bovendien moest de rechtbank vaststellen dat de meeste feiten verjaard waren. De zaakvoerder van het scheepvaartbedrijf kreeg een kleine veroordeling voor enkele niet-verjaarde handelingen. Uiteindelijk heeft hij met zijn bedrijf het krediet op het laatste Boelwerf-schip tot de laatste euro terugbetaald. Als enige. Hij is geen sukkelaar, maar hij mag zich met recht het enige slachtoffer noemen van deze geschiedenis. En o ja, Erwin Dernicourt is nu, na een passage op het kabinet van Koen Geens (CD&V), procureur-generaal van Oost-Vlaanderen. De auteur is gewestelijk directeur BBI. KAREL ANTHONISSENVan de commissie naar de scheepskredieten kan worden gezegd: ze dronken een glas, ze pisten een plas en alles bleef zoals het was.