Als oud-premier Mark Eyskens een nieuw boek uitgeeft, dan kijkt niemand daar nog van op. Met Veelalbrengt hij de teller op 54. Zelfs de auteur besteedt er weinig aandacht aan. Zijn website maakt er geen melding van. Het boek sluit aan bij één van de klassieke quotes waar de Leuvenaar een patent op heeft: "In een toekomstig leven wil ik het liefst astronoom worden, nu ben ik nog schrijver."
...

Als oud-premier Mark Eyskens een nieuw boek uitgeeft, dan kijkt niemand daar nog van op. Met Veelalbrengt hij de teller op 54. Zelfs de auteur besteedt er weinig aandacht aan. Zijn website maakt er geen melding van. Het boek sluit aan bij één van de klassieke quotes waar de Leuvenaar een patent op heeft: "In een toekomstig leven wil ik het liefst astronoom worden, nu ben ik nog schrijver." Want Veelal gaat niet over klassieke, aardse dingen zoals economie of internationale politiek. Het boek heeft een sterk filosofische inslag en leunt dicht bij het fictiegenre aan. Het is eigenlijk een ideeënroman, die op de grens tussen wetenschap en verbeelding balanceert. In Veelal laat Eyskens zijn grenzeloze fascinatie voor wetenschap en filosofie de vrije loop. De twee hoofdpersonages -- de oude professor Mortal, een voormalige Nobelprijswinnaar, en zijn geniale achterkleinzoon Hyperion -- buigen zich over grote levensvragen en de snelle omwentelingen in wetenschap en technologie. Het is moeilijk een etiket te plakken op dit boek, dat de auteur zelf zijn origineelste werk noemt. Volgens Eyskens is het een leesboek, een leefboek en een leerboek. Het is een mengvorm van roman, magisch realisme, barre realiteit, sciencefiction en soms neigt het zelfs naar een wetenschappelijke analyse. Vereenvoudigd uitgedrukt gaat het om de zoektocht van de mens naar de zin van het leven in een wereld die almaar sneller en ook doller draait. Eyskens plaatst overal vraagtekens, al merkt hij op dat we "al die vraagtekens het liefst zouden veranderd zien in uitroeptekens". Soms lukt dat, met dank aan nieuwe wetenschappelijke inzichten of technologische vooruitgang. De mens verlegt zijn eigen grenzen. Eyskens ziet in zijn boek ook een nieuwe mens ontstaan: de transhuman, of zelfs de 'posthumane' mens, die zijn eigen evolutie bepaalt. Maar ook die nieuwe mens botst op zijn beperkingen. En dat aanvaardt hij niet graag. Nieuwe kennis vergaren doet de mens zich sterker voelen, maar tegelijk beseft de mens dat hij nog niet alles weet. Ook het omzetten van die kennis in wijsheid is moeilijk. Eyskens: "De geleerde weet dat hij veel weet en dan loert gelijkhebberij en arrogantie om de hoek. De wijze weet dat hij weinig weet, ook al maakt hem dat weleens tot de weifelende twijfelaar." Een rode draad door het boek vinden is niet eenvoudig, maar Eyskens pleit er wel voor in deze snel veranderende wereld de ethiek vooral niet uit het oog te verliezen. Eyskens mag Veelaldan wel zijn origineelste boek noemen, allicht is het ook zijn minst toegankelijke werk. De soms pagina's lange zinnen maken de lectuur niet gemakkelijk. Maar ook daar heeft de auteur een verklaring voor: "Elk goed boek moet voor een deel onbegrijpelijk zijn." Alweer een typische Eyskens-quote. Mark Eyskens, Veelal, Lannoo, 2015, 272 blz, 24,99 euro KAREL CAMBIEN