Je kan geen interview lezen met een topper, of je leest één grote boodschap: vanaf heden wil ik elke minuut van mijn sport-/zang-/film-/politieke carrière genieten. Alleen nog genieten. Want tot op heden was het allemaal sleur, één grote moetens. Maar nu is dat gedaan. Nu geniet ik ervan. Nu amuseer ik mij elke minuut van mijn wakend bestaan.
...

Je kan geen interview lezen met een topper, of je leest één grote boodschap: vanaf heden wil ik elke minuut van mijn sport-/zang-/film-/politieke carrière genieten. Alleen nog genieten. Want tot op heden was het allemaal sleur, één grote moetens. Maar nu is dat gedaan. Nu geniet ik ervan. Nu amuseer ik mij elke minuut van mijn wakend bestaan. Dat soort verklaringen laat aan duidelijkheid niets te wensen over. Vooreerst leren we dat de vedette tot op heden iets anders heeft gedaan dan genieten. Wie zich afvraagt waarom dan wel, moet het antwoord echt niet ver gaan zoeken: de vedette was (nog) niet tot het juiste inzicht gekomen. Hij of zij had het licht van het genieten nog niet gezien. Er was wel geld, er was wel roem, maar er was geen genieten. De schaamte. Wie echter goed doorluistert, merkt dat er meer zit achter die boodschap. Het is alsof die vedetten zich ervoor schamen dat ze 'hun ding' doen voor het geld, de roem, de sponsoring. En dat kan je begrijpen. Politici kunnen af en toe nog wel eens met een stalen gezicht beweren dat ze het allemaal doen om de gemeenschap te dienen, om maatschappelijke doelstellingen te bereiken. Entrepreneurs kunnen nog, terecht overigens, stellen dat ze voor heel wat economische welvaart en de daaraan gekoppelde tewerkstelling zorgen. Academici, zoals ik, werken uiteraard alleen om de wetenschap te dienen. Maar al die vedetten vertellen blijkbaar niet graag tegen zichzelf dat hun enige reden van bestaan is anderen wat te amuseren, de bevolking wat verstrooiing te brengen. En veel geld verdienen, dat blijft wat vies, zelfs voor vedetten. Waarom doen ze het dan? Waarom ontzeggen ze zich zoveel? Waarom die reizen, die trainingen, die vervelende interviews met de pers? Fout! Dat is niet vervelend, dat doen ze graag. Ze amuseren zich rot; ze genieten. In onze maatschappij mag dat best. Vroeger deed je dingen zoals zingen of ballet of sporten om jezelf wat te ontwikkelen. Zolang je maar iets bijleerde, zoals teamspirit, dan mocht je en passant ook wel wat plezier maken. Dat was alleen verboden in het calvinistische Nederland. Maar bijzaak in onze streken. Woedende tennissers. De nieuwe zelfontwikkeling heet nu dus 'genieten'. Het is de nieuwe 'categorische imperatief': u zult genieten! Niet kunnen of durven genieten, dat is dwaas, oppervlakkig, puur tijdverlies. En dat zijn de voorbije jaren voor al die vedetten dan ook geweest. Maar nu zijn de echt vette jaren aangebroken: de jaren van het genieten. Dat genieten klinkt natuurlijk zo vals als de belofte van een baas die zegt dat je hem slecht nieuws mag brengen. Wie hoort er nu graag slecht nieuws? Dat merk je overigens onmiddellijk als je hem het slechte nieuws brengt: hij wordt nerveus, verheft zijn stem en roept: Hoe is dat nu weer mogelijk geweest? Juist, iedereen mag fouten maken, maar slechts één keer. En de nieuwe fout lijkt verdacht veel op de oude, en dus mag deze fout niet. En wat was onze grote fout in het verleden? Juist! Niet genieten. En dan zie je de topvedette woedend haar tennisraket weggooien. Dat is pas genieten. En de zanger duwt geïrriteerd zijn fans weg. Als dat niet genieten is! Kiemen van mislukking. Genieten is leuk. Daar ben ik het volledig mee eens. Ná de inspanning. Als ontspanning. Als tegenhanger van succes. Als tegenhanger van stress. Na de plicht. Als deel van een cyclus. Maar hoe kan je nu permanent trachten te genieten? Je kan ook permanent trachten uit te lopen na een lange loopwedstrijd. Uitlopen is een prachtige ervaring. Maar je kan dat niet permanent. De oneindige genieters zouden best even wat lezen over boeddhisme en epicurisme. Zolang het verlangen de mens blijft aansturen, zal hij nooit gelukkig zijn. En dat krampachtig verlangen naar genieten draagt al de kiemen van mislukking in zich. Wie echt geniet, heeft dat moment ten geschenke gekregen. Gevaarlijk en misleidend. Sinds enkele jaren is die belachelijke idee ook al het management binnengeslopen. Work hard, play hard. En liefst je heel hard amuseren tijdens het werk. Want dat is het hoogste genot. Hoe kan je dan nog nagenieten van een prachtige dag werk? Je hebt je al een dag lang op het werk geamuseerd. Dat gelooft toch geen mens. En aan al die fanaten van het 'werk hard en amuseer je rot' kan ik alleen in herinnering brengen dat dit de slogan was van de Enrontopmanagers. De adrenaline moest vloeien op de trading floor, tijdens de meest merkwaardige deals en vervolgens in een aantal lekker gevaarlijke ritjes in de woestijn. Work hard, play hard is eenvoudigweg erg uitputtend. Je krijgt geen tijd om te recupereren van al dat genieten. Het is een gevaarlijke, misleidende slogan. We zouden hem best begraven. Mijn vrouw vraagt of ik nu genoten heb van het schrijven van deze column. Ik heb dan maar in het Wordmenu 'Extra' gekozen, 'Woorden tellen', en dan gelezen: 4854 tekens. Ik kon haar maar één antwoord geven: ik heb van alle 4854 letters keihard genoten. Ik hoop van u, lezer, hetzelfde. Waarom zou u overigens tot hier gelezen hebben? U leest toch ook maar om te genieten? De auteur is hoofddocent aan de Universiteit Gent en partner van de Vlerick Leuven Gent Management School. Reacties: marc.buelens@trends.beMarc Buelens