Toen Bart Buysse vorig jaar stopte als directeur-generaal bij het Verbond van Belgische ondernemingen (VBO) en de voedingsfederatie Fevia ging leiden, volgde Monica De Jonghe hem op 1 oktober 2018 op. De juriste was vertrouwd met het huis. Sinds 2005 werkte ze op het sociaal departement van het VBO. Toch was er volgens De Jonghe geen tijd om zich rustig in te werken. "We begonnen direct met de voorbereidingen voor het interprofessioneel akkoord 2019-2020. Dat is een periode van intense afstemming met onze vertegenwoordigingsorganen, zoals de raad van bestuur en het strategisch comité, om de prioriteiten voor de ondernemingswereld te bepalen. Het VBO-team Werk & Sociale Zekerheid moest meerdere denksporen uitwerken. Er was ook overleg op de interprofessionele werkgeversbank.

Het VBO wil zijn stempel drukken op de federale regeringsvorming

Het interprofessioneel akkoord is er dan toch snel gekomen.

MONICA DE JONGHE. "De politieke context was een uitdaging. Met een minderheidsregering in lopende zaken en alle berichten over een tanende economische conjunctuur als gevolg van externe factoren zoals de brexit, werd de druk opgevoerd. Zeker op momenten van toenemende onzekerheid is het essentieel zowel voor werkgevers als werknemers een rechtszeker kader over de loon- en arbeidsvoorwaarden te bepalen en daarmee de sociale vrede te waarborgen.

"Naast het interprofessioneel akkoord hebben nog tal van andere thema's mij het voorbije jaar beziggehouden. Een visie over de toekomst van de sociale zekerheid is een mooie realisatie. Ook de voorbereiding van het verkiezingsmemorandum was een intense opdracht voor het team. De collega's van het Competentiecentrum Werk en Sociale Zekerheid, die ik aanstuur, zijn topexperts in hun domein. Ook de coaching door Pieter Timmermans, de CEO van het VBO, die al jaren ervaring heeft in sociaal overleg en in leidinggeven, is van onschatbare waarde. Wij vormen een goede tandem."

Bracht het voorbije jaar wat u ervan had verwacht?

DE JONGHE. "Ja en nee. Je begint met een klein hartje en hoopt dat je alle verwachtingen inlost. Je begeeft je aan het begin op glad ijs, want je verlaat je comfortzone. Als ik terugblik, kan ik zeggen dat het al bij al allemaal goed verlopen is en ik er een heel goed gevoel aan overhoud. Ik doe dit werk graag."

In welke mate verschilt uw huidige baan van de vorige?

DE JONGHE. "Het ging van zeer gespecialiseerde kennis naar een brede kijk op sociaaleconomische thema's. Ik heb mij het voorbije jaar veel meer toegelegd op de brede maatschappelijke discussie en vertrouw voor de technische kennis op mijn team. Dat werkt prima. Het is een leerproces, dat nog verre van voltooid is, maar net dat maakt het werk zeer uitdagend en boeiend. Ik haal ook heel veel voldoening uit mijn rol als manager: het team aansturen, als lid van de algemene directie mee aan het stuur van het VBO zitten."

Wat zijn de grote uitdagingen voor het komende jaar?

DE JONGHE. "Er komt heel wat op ons af. Het VBO wil zijn stempel drukken op de federale regeringsvorming. Daarnaast bestaat onze organisatie volgend jaar 125 jaar, wat ons toelaat grondig te reflecteren over hoe wij onze rol kunnen spelen. Ik wil met het Competentiecentrum Werk & Sociale Zekerheid ook voorstellen blijven formuleren over sociaaleconomische thema's, om te kunnen wegen op het debat."

Monica De Jonghe

Is: directeur-generaal bij het VBO

Vrije tijd: muziek (zang), sport (lopen en fietsen) en koken