1 Wat is het probleem?

Mens sana in corpore sano - een gezonde geest in een gezond lichaam - is een bekende leuze die in de sportwereld vaak wordt gebruikt. De afgelopen jaren praatten steeds meer topsporters erover hoe ze soms bijna of helemaal bezwijken onder de mentale druk, die de afgelopen tien jaar door de sociale media alleen maar is toegenomen. Dat toppers zoals tennisster Naomi Osaka, atlete Nafi Thiam en wielrenner Tom Dumoulin zo openlijk spraken over de demonen in hun hoofd, was vroeger een taboe. Dat dat taboe nu wordt doorbroken, is een teken des tijds.
...

Mens sana in corpore sano - een gezonde geest in een gezond lichaam - is een bekende leuze die in de sportwereld vaak wordt gebruikt. De afgelopen jaren praatten steeds meer topsporters erover hoe ze soms bijna of helemaal bezwijken onder de mentale druk, die de afgelopen tien jaar door de sociale media alleen maar is toegenomen. Dat toppers zoals tennisster Naomi Osaka, atlete Nafi Thiam en wielrenner Tom Dumoulin zo openlijk spraken over de demonen in hun hoofd, was vroeger een taboe. Dat dat taboe nu wordt doorbroken, is een teken des tijds. Ook in het bedrijfsleven durven ondernemers en werknemers zich kwetsbaarder op te stellen. Joost Callens, de CEO van het bouwbedrijf Durabrik, was daarin een pionier. Het welzijnsprobleem in onze samenleving - en dus ook in onze bedrijven - is dan ook aan het escaleren. Twee weken geleden toonde onderzoek van de hr-dienstenverlener Securex en de KU Leuven dat liefst 28,5 procent van de Belgische werknemers het risico op een burn-out loopt, tegenover nog 23,8 procent in 2019. De coronapandemie heeft de 'burn-outepidemie' dus nog verergerd. 41 procent van de burn-outklachten komen door vijf specifieke kenmerken, waarvan vier aan het werk zijn gerelateerd: emotionele werkbelasting, werkintensiteit, privébelasting, jobonzekerheid en conflicten over iemands rol op het werk.Het inzicht dat mensen die goed in hun vel zitten en gezond leven beter presteren, is gemeengoed aan het worden. Zowel werknemers als werkgevers winnen daarbij. Welzijn impliceert onder meer werk en privé zo goed mogelijk op elkaar af stemmen, zegt ook Jochen Vincke, partner van het consultancybedrijf PwC. "Het werk bijvoorbeeld zo inrichten dat jonge ouders hun privéleven goed kunnen combineren met hun carrière. Ervoor zorgen dat deeltijds gaan werken in het bedrijf niet betekent dat je een kruis over promoties moet maken. Zeker in deze tijden van hybride werken betekent het ook werken op afstand makkelijker maken. Ons belastingsysteem is daarvoor bijvoorbeeld een obstakel. Het is zelfs moeilijk iemand in Nederland van thuis uit voor een bedrijf in België te laten werken." De welzijnseconomie gaat verder dan maatregelen nemen voor een betere werk-privébalans of burn-outpreventie, maar raakt ook het fundament van onze economie. Er klinkt steeds luidere kritiek op instrumenten zoals het bruto binnenlands product om te meten hoe goed een samenleving het doet. Ook de wapen- en de oliehandel vergroten het bbp, maar niet het collectieve welzijn binnen de grenzen van de planeet. De aan de Universiteit van Oxford verbonden Belgische econoom Jan-Emmanuel De Neve gooit bijvoorbeeld hoge ogen met zijn onderzoek naar welzijn en geluk op het werk. In Oxford staat hij aan het hoofd van het Wellbeing Research Centre.Wayne Visser, professor duurzame transitie aan de Antwerp Management School, verwacht dat er voor de Trends Impact Awards heel wat projecten worden ingediend die de gezondheid en het welzijn op de werkvloer vergroten: "Hoe je mensen op het werk fysiek fitter helpt te zijn bijvoorbeeld. Ik denk ook aan projecten die te maken hebben met voeding: je ziet een evolutie weg van rood vlees en bereide maaltijden naar gezondere voeding. We zullen wellicht ook projecten krijgen die te maken hebben met mentale gezondheid. Onze samenleving kan heel moeilijk omgaan met burn-outs. Sommige bedrijven werken met coaches op de werkvloer en mindfullnessprogramma's." Visser ziet ook een ander type kandidaturen binnenstromen, die meer gebaseerd zijn op technologie. "Denk aan hoe je 3D-printers kunt gebruiken om protheses te maken, waardoor de prijs ervan met een factor tien daalt, of aan andere technologische innovaties in de gezondheidszorg."Het Amerikaanse Growing Minds verbindt landbouwers, voedingsbedrijven en scholen om ervoor te zorgen dat leerlingen op school gezond kunnen eten. Dat helpt hen te kiezen voor gezonde maaltijden. Zeker in de Verenigde Staten is obesitas bij jongeren een probleem. Het Brits-Nederlandse voedingsbedrijf Unilever probeert al jaren met ondersteuningsprogramma's en technologie een zo goed mogelijke werkplek te zijn. Werknemers kiezen zelf waar ze werken - ook vanuit het buitenland - en wanneer. Het Indiase bedrijf Wet & Dry Personal Care, dat hygiëneproducten voor vrouwen maakt, laat vrouwelijke werknemers twee dagen per maand vrij nemen tijdens hun menstruatie, zodat ze niet met pijn naar kantoor hoeven te komen.