Niemand twijfelt eraan dat de overname van Devgen in kannen en kruiken is. Het aandeel van het Gentse agrobiotechbedrijf noteerde in mei nog 5 euro. Maar toen sloot Devgen een lucratieve onderzoeksovereenkomst voor de ontwikkeling van nieuwe insecticiden met Syngenta, een wereldmarktleider in de sector van de gewasbescherming. Nauwelijks vier maanden later legt Syngenta 16 euro per aandeel op tafel voor Devgen. Het vriendelijke overnamebod met een gulle premie van 70 procent op de koers van het aandeel, is dus een happy end voor de investeerders.
...

Niemand twijfelt eraan dat de overname van Devgen in kannen en kruiken is. Het aandeel van het Gentse agrobiotechbedrijf noteerde in mei nog 5 euro. Maar toen sloot Devgen een lucratieve onderzoeksovereenkomst voor de ontwikkeling van nieuwe insecticiden met Syngenta, een wereldmarktleider in de sector van de gewasbescherming. Nauwelijks vier maanden later legt Syngenta 16 euro per aandeel op tafel voor Devgen. Het vriendelijke overnamebod met een gulle premie van 70 procent op de koers van het aandeel, is dus een happy end voor de investeerders. Voor Thierry Bogaert, de 52-jarige West-Vlaming die Devgen in 1997 heeft opgericht en het bedrijf in 2005 naar de beurs heeft gebracht, verandert er weinig. Syngenta heeft hem gevraagd aan te blijven, en dat wil hij ook doen. Daarbij wil hij zoals vanouds zo veel mogelijk uit de schijnwerpers blijven. Want weinig of geen CEO's hebben zo'n hekel aan praten over zichzelf. "Dit is geen bekroning", zegt Bogaert na enig aandringen over het overnamebod. "Ik zoek niet naar bekroningen. Dit is een stap in een proces: het uitbouwen van een bedrijf, het tewerkstellen van mensen en ervoor zorgen dat je iets belangrijks en winstgevends doet met het geld dat je accepteert van je investeerders." Dat het gros van die investeerders lang aan boord is gebleven, verbaast Bogaert niet. "Degenen die ons hebben gevolgd en die onze stijl kennen, weten dat we heel nauwgezet overwegen wat we kunnen beloven." Bogaert studeerde en woonde jarenlang in Cambridge, en verbleef in de jaren tachtig een hele tijd in Singapore. De voormalige hoogleraar genetica richtte zich met Devgen oorspronkelijk op farma, maar verlegde de focus al gauw naar de bescherming van landbouwgewassen. In 2007 werd de farmatak zelfs opgedoekt. "Omdat we de agro- en de farma-activiteiten niet tegelijk konden financieren en doen groeien. Maar met de moleculen waarop we werkten, was niets verkeerd." Bogaert heeft Devgen uitgebouwd tot een bedrijf van 250 werknemers, van wie een vijftigtal in het Gentse hoofdkwartier aan de slag is. De rest werkt verspreid over verscheidene Aziatische landen, die de CEO geregeld bezoekt. Vier jaar geleden bracht hij nog 40 procent van zijn tijd door in het buitenland, nu is dat al aangedikt tot 70 procent. Belastend, inderdaad. "Maar het komt erop aan alles uit te balanceren en ervoor te zorgen dat ik nu en dan in het weekend rust vind." Die rust vindt Bogaert onder meer in zijn verzameling kunst, die hoofdzakelijk uit Indonesië komt. Met zijn vrouw en zijn drie kinderen trekt hij ook graag de Aziatische jungle in. Alleen voor diepzeeduiken is er de jongste jaren te weinig tijd. Geen verdere details, want praten over zijn privéleven gaat Bogaert niet zo goed af. Ook elders houdt hij zich liever afzijdig. "Niemand heeft mij ooit op een receptie gespot." Bogaert heeft naar eigen zeggen veel opgestoken van zijn jaren in Singapore. "Door op jonge leeftijd in Azië te wonen, heb ik geleerd me aan te passen aan andere culturen. Als West-Vlaming prefereer ik bovendien een manier van zakendoen die vooral gebaseerd is op relaties, die jarenlang kunnen meegaan. Ik wil niet zoals in de Angelsaksische landen telkens het maximum uit elke transactie halen." Of hij een harde manager is? "Dat denk ik niet, en dat is ook niet nodig. Ik werk dan wel hard aan resultaten, maar dat doet iedereen hier. Dat maakt van mij nog geen harde manager. Kijk naar mijn team. De meeste mensen zijn hier bijna tien jaar. Velen werken hier nog langer en sommigen al van voor de opstart. Het is een team dat goed samenwerkt." En vertrouwen krijgen ze hoe dan ook. Hoe kan het ook anders met een baas die 70 procent van zijn tijd in het buitenland doorbrengt? BERT LAUWERS, ILLUSTRATIE DAAN ROSSEELS"Als West-Vlaming prefereer ik een manier van zakendoen die vooral gebaseerd is op relaties"