We verbranden de oliebel diep onder de aardkorst te snel. Bovendien blazen we op die manier ook te veel van dat verfoeilijke CO2 in de lucht. Automotoren moeten dus zuiniger en schoner worden, en de doeltreffendste manier om dat te doen is nog altijd: ze kleiner maken.
...

We verbranden de oliebel diep onder de aardkorst te snel. Bovendien blazen we op die manier ook te veel van dat verfoeilijke CO2 in de lucht. Automotoren moeten dus zuiniger en schoner worden, en de doeltreffendste manier om dat te doen is nog altijd: ze kleiner maken. Dat proces, ook wel downsizing genoemd, is al een hele poos aan de gang. Europese massaconstructeurs als Peugeot, Ford of Renault stoppen al langer turbodiesels in het vooronder van 1600 of zelfs 1500 cc. Waarbij ze blijven bewijzen dat de motortechnologie toch wel indrukwekkende stappen vooruitzet, want die kleine viercilinders komen opmerkelijk krachtig uit de hoek. Zo krachtig dat Volvo de 1.6 turbodiesel die Ford en Peugeot destijds samen ontwikkelden onder de kap van de grote S80 duwt. Wat trouwens best volstaat voor wie tot het inzicht is gekomen dat het Vlaamse verkeersklimaat geen ruimte meer laat voor would-be autoracers. Die trend naar kleinere motoren sijpelt intussen ook door naar benzinemodellen bij premiummerken, en het is Audi dat hier de rol van voortrekker opeist. Begin volgend jaar zal de A3 in zijn klassieke versie maar ook als Sportback immers verkrijgbaar zijn met een piepkleine benzinemotor van 1200 cc. En kijk, het ding perst er moeiteloos 105 paarden uit en laat de auto van nul naar honderd accelereren in iets meer dan 11 seconden, wat best nog leuk rijden is. We kregen de kans nog niet om hem uit te testen in de A3, maar we reden deze kleine krachtbron wel in de toch best ook zware Skoda Yeti (Skoda behoort net zoals Audi tot de grote VW-groep en kan dus in dezelfde organenbank tasten) en vroegen ons al die tijd af: dit kan toch nooit maar een 1.2 zijn... Toch wel, dus. Het geheim zit niet alleen in rechtstreekse benzine-inspuiting (zoals het welbekende common-railsysteem in dieselmotoren, jawel) en turbolading, die ervoor zorgen dat het maximale koppel al heel vroeg beschikbaar is en het dus heel soepel rijden is, maar ook in optimalisering van alle mogelijke aspecten. Zo worden de wrijvingsverliezen tot een absoluut minimum beperkt en, om het met een voorbeeldje even wat technischer uit te drukken, volstaat een enkele nokkenas om de acht kleppen (in- en uitlaat van de cilinders) aan te drijven. Neem er een carter van aluminium bij, en je krijgt een motor die niet eens negentig kilo weegt. Een extreem laag gewicht dat uiteraard ook bijdraagt tot een hoger rendement. Audi belooft een gemiddeld verbruik van 5,5 liter, maar nog meer dan bij diesel hangt het reële verbruik bij benzine af van de rechtervoet. Toen we deze motor (niet in eco-marathonstijl, toegegeven...) testten in de Skoda, haalden we moeiteloos het dubbele. Jo Bossuyt