De hoofdstad van Europa heeft nood aan nieuwe restaurants met een verzorgde keuken. Daarom is de komst van EatCetera toe te juichen.
...

De hoofdstad van Europa heeft nood aan nieuwe restaurants met een verzorgde keuken. Daarom is de komst van EatCetera toe te juichen. Het restaurant opende eind 2004 in een heringerichte opslagplaats van een farmaceutisch bedrijf. Initiatiefnemers zijn twee jonge mensen die niet uit de horeca komen, maar wel verstandig zijn en samen besloten om met EatCetera iets blijvends in de markt te zetten. Artan Vatensever komt uit de grafische sector en vriendin Susan Ipeki, van Kosovaarse afkomst, kreeg een tolkenopleiding. Zij spreekt vijf talen, onder meer accentloos Nederlands. Pappa Ipeki is een zakenman die zijn oog liet vallen op een blok gebouwen aan de Charleroisesteenweg. Dochter en vriend wilden iets doen met de ruimte op de begane grond en begonnen na te denken over een modern stadsrestaurant. De formule is organisch gegroeid. Het restaurant moest hedendaags zijn, maar niet trendy, want trendy betekent van voorbijgaande aard. De grote ruimte is door een centrale bar in tweeën gedeeld. Er kwam een open keuken, om beweging te creëren en te tonen dat de chef niets te verbergen heeft. De muren kregen een antraciet- en molgrijze kleur en zijn momenteel versierd met zwart-witfoto's. Achter het restaurant bevindt zich een ruime stadstuin. De spijskaart verandert om de drie maanden en het voltallige personeel is betrokken bij de opbouw van de nieuwe kaart. Artan en Susan wisten een gedreven team medewerkers op te bouwen, zoals een toegewijde en uiterst professionele maître d'hôtel, die ook Nederlands spreekt, en de vakbekwame kok Jean Engels. Die werkte onder meer in Le Pain et Le Vin (Brussel). Zijn hedendaagse bereidingen zijn vaak geïnspireerd op de keuken rond de Middellandse Zee. Specialiteit is met de lijn gevangen zeebaars, gebraden in zoutkorst (58 euro voor twee personen). De zeebaars wordt aan tafel vakkundig uit zijn zilte jasje geholpen. Artan Vatensever ging zelf op ontdekkingstocht bij wijnhandelaars en stelde een kaart samen uit wereldse trouvailles. Wij kwamen 's avonds en voelden ons meteen thuis: EatCetera benadert de klant met vriendelijkheid, iets wat in Brussel zeldzaam is. Wij aten à la carte en kregen een amuusje in de vorm van een lepelhapje van tomaat met pesto van basilicum en Parmezaanse kaas. Er waren twee smakelijke voorgerechten: millefeuille van cottage cheese met gegrilde groenten, komkommersap gedikt met agaragar en een plat Sardijns broodje (10,50 euro) en garnalenbeignets aan spies met Thaise basilicum, gember en een pittig gekruide ketchup (13,50 euro). Als tussendoortje bood het restaurant ons een verkwikkende sorbet aan van limoen met gelei van limoncello. De twee hoofdgerechten waren: in de oven gegaarde kabeljauwrug van goede kwaliteit met tuinbonen en specerijen, tatintaartje van gekonfijte tomaten en kervelmousseline (22 euro) en het fijne vlees van lamszadel in een natuurlijke jus met peperkoek, koek van geraspte aardappel en fris boeket van kort gegaarde primeurgroenten (23 euro). In het glas kwam een Clos Poggiale 2003, een zonnige en oprechte rode terroirwijn uit Corsica (25 euro). Deze aangename, gevarieerde maaltijd werd afgesloten door drie chocoladebereidingen: moelleux, ijs en bavarois (9 euro). Pieter van Doveren