De Vlaamse kunstpaus Jan Hoet speelt zich in de kijker met St. Jan, zijn antwoord op de Gentse extramurosexpo TRACK. Maar weinig mensen weten dat hij zich ook bezighoudt met het nieuwe platform Art+, een website waar verzamelaars van hedendaagse kunst nieuw talent kunnen ontdekken en kopen.
...

De Vlaamse kunstpaus Jan Hoet speelt zich in de kijker met St. Jan, zijn antwoord op de Gentse extramurosexpo TRACK. Maar weinig mensen weten dat hij zich ook bezighoudt met het nieuwe platform Art+, een website waar verzamelaars van hedendaagse kunst nieuw talent kunnen ontdekken en kopen. "Ik surf nooit om jonge onbekende kunstenaars te zoeken. Die kom ik tegen tijdens mijn reizen en ontmoetingen over de hele wereld. Ik vind het belangrijk om dingen in het echt te zien. Ik ben nog van de empirische generatie", bekent Hoet meteen. "Toch stapte ik mee in het verhaal van Art+, omdat ik graag jonge verzamelaars een beetje wegwijs maak in de kunstwereld." Naast Art+ houdt Hoet zich ook bezig met de organisatie van de allereerste on-linebiënnale ooit. De opening van het digitale evenement 'The Future is Now' staat gepland voor september. De bedenkers van Art+ en de onlinebiënnale zijn de Antwerpse ondernemer David Dehaeck en zijn partner Nathalie Haveman. "Kunst, en zeker jonge kunst, is een van de weinige dingen die nog niet op het internet gekocht wordt", zegt Haeck. "Dat veilinghuizen wel al tien jaar via internet verkopen, danken ze aan hun marchandise. Zij bieden enkel bekende namen aan, gevestigde kunstenaars. Daardoor kan de koper het werk positioneren binnen het oeuvre, de stroming of de kunstgeschiedenis. Ze weten op voorhand al dat het werk goed is. De koop staat of valt alleen nog bij de prijs. Mede omdat dergelijke kunst een veilige investering was, kan die prijs oplopen tot tientallen miljoenen. Voor Art+ selecteerden we enkel jonge aankomende talenten. Daarvoor tasten kopers opvallend minder diep in de buidel. Dan kan 5000 euro al te veel zijn." Een van de grote uitdagingen van Art+ is om potentiële kopers online over de streep te trekken. Dehaeck en Haveman bedachten daar enkele incentives voor. "Ten eerste stelden we een prijsbarrière in. Kunstwerken kosten niet meer dan 15.000 euro en sommige zijn al te koop vanaf een paar honderd euro. Bovendien geeft Art+ zelf edities uit van een van de getoonde werken. We verkopen die vanaf 149 euro per stuk. Die oplages zijn een soort ambassadeurs van de artiesten, noem het direct marketing voor kunstverzamelaars en liefhebbers. Zo maken zij op een toegankelijke, goedkope manier kennis met het oeuvre van een kunstenaar. Dat kan een opstapje zijn om het oeuvre verder te ontdekken, de galerie eens te bezoeken en uiteindelijk zelfs een origineel werk aan te schaffen." "Bovendien werken wij, afhankelijk van de galerie, met het principe 'niet goed, geld terug'. Die service kan twijfelaars over de streep trekken. Wie iets koopt dat hem niet bevalt, stuurt het terug naar de galerie. Om misbruik tegen te gaan, zijn de verzendkosten voor de koper. Maar een paar postzegels wegen natuurlijk niet op tegen een miskoop." Voorts zijn de beschikbare kunstenaars heel zorgvuldig geselecteerd. Dehaeck en Haveman scannen het internet voortdurend af met hun zelf ontwikkelde automatische zoekmachine. Dat resulteerde intussen al in de Art+ Index van 2000 kunstenaars die potentieel hebben om uit te groeien tot grote namen. Uit die longlist pikt Jan Hoet, artistiek directeur van Art+, elke maand zijn favoriete top tien. Bovendien draagt Hoet ook nieuwe namen aan. "Een topcurator zoals Jan Hoet verhoogt de geloofwaardigheid van de site. Hij schept een context van vertrouwen. Daarbij geeft het de werken een interessante provenance. Dat maakt de investering interessanter." En binnenkort kunnen Art+-leden een beroep doen op een reeks kunstadviseurs. "Ons doel is per land één of twee adviseurs te hebben. Zij maken een selectie van hun favoriete artiesten en stellen die voor aan hun netwerk. Ik merk dat veel succesvolle en kapitaalkrachtige zakenlui graag in hedendaagse kunst willen investeren, maar niet weten waar ze moeten beginnen." Rest nog de vraag hoe Dehaeck en Haveman geld kunnen verdienen aan hun site. "Eerlijk is eerlijk, het zal nog een hele poos duren voordat een aanzienlijk deel hedendaagse kunst wordt verkocht via internet. Dat is zeker ook niet ons doel", zegt Dehaeck. "Wij werken heel nauw samen met de galeries. Zij moeten de kunstenaar lokaal op de kaart zetten en promoten. Art+ is eigenlijk louter een extra gereedschap om dat te doen. Noem het een virtuele add-on. " "Galeries betalen ook niet om op de site te staan. Wij verdienen geld aan onze leden. We hopen er binnen een paar jaar zeker 30.000 te hebben. Zij kunnen een premiumabonnement nemen dat hun privileges geeft. Zo kunnen ze bijvoorbeeld eerder dan de rest de nieuwe selectie van curatoren zoals Jan Hoet bekijken. Daardoor kunnen ze als eerste toeslaan op een interessante artiest." Volgens Jan Hoet heeft Art+ met sommige galeries een contract dat ze 10 procent commissie afstaan aan de website, maar dat geldt lang niet voor alle dealers. Verder lazen we op de site van Art+ dat er talloze mogelijkheden zijn voor leden die willen adverteren of sponsoren. Tot slot kunnen abonnees rechtstreeks adverteren op het ledenprikbord van de site. IRIS DE FEIJTER"Ik stapte mee in het verhaal van Art+ omdat ik graag jonge verzamelaars een beetje wegwijs maak in de kunstwereld" Jan Hoet