U was 20 in '68, liep rond in een parka omdat dat net geen mode was en ontdekte toen, in Amsterdam natuurlijk, de duffelcoat. Echt Brits, dacht u. Fout : de houtje-touwtje-jas komt uit Duffel.
...

U was 20 in '68, liep rond in een parka omdat dat net geen mode was en ontdekte toen, in Amsterdam natuurlijk, de duffelcoat. Echt Brits, dacht u. Fout : de houtje-touwtje-jas komt uit Duffel.Wat hebben een duffelcoat, yperiet en spa gemeen ? Niks. Tenzij dat het alle drie geoniemen zijn, woorden afgeleid van namen van dorpen, steden, streken, gebergten, rivieren of landen. En ook dat het de enige Belgische geoniemen zijn die voorkomen in het Geoniemenwoordenboek van de Nederlandse journalist Ewoud Sanders, (Nijgh & Van Ditmar).Sanders' boek staat vol wetenswaardigheidjes over de oorsprong van allerhande woorden. Zo dankt de gevreesde dumdumkogel zijn naam aan de Indiase stad Dum Dum, iets boven Calcutta en onze sjalotten de hunne aan Asjkelon, een oude stad in Palestina.Vlaanderen is goed voor twee geoniemen. Het eerste is yperiet, genoemd naar de stad Ieper. Het begrip staat voor het gas dat stonk naar mosterd, knoflook of olie en waarvan tijdens de Eerste Wereldoorlog een Duitse korporaal, ene Adolf Hitler, één van de eerste slachtoffers werd.Het tweede geoniem is duffelcoat of, in het Nederlands, duffelstof. Duffelcoat is afgeleid van Duffel, de gemeente tussen Mechelen en Antwerpen. Duffel en pieter (de stof van de textiliens uit Leuven, de stad van Sint-Pieter) waren suksesnummers van de bloeiende Vlaamse lakenindustrie uit de late middeleeuwen. De goedkope, dikke wollen stof werd naar half Europa uitgevoerd. Tot Duffel, strategisch gelegen aan de Nete, tijdens de godsdienstoorlogen van de 16de eeuw, verwoest werd en de textielarbeiders naar betere oorden vertrokken. Alleen : hun duffel namen ze mee. In 1684 liepen de Engelsen al rond in hun duffle coats. Echt populair werden de jassen in de 19de eeuw bij werklieden, vissers en zeelieden. De loodsen, die een kortere versie droegen, werden door de zeelui aangesproken als Duffel. Of, enigszins vriendelijker : Jan Duffel.In de pre-'68-jaren paradeerde alleen generaal Montgomery er mee. De Amsterdamse kabouters bezorgden de houtje-touwtje-jas een tweede, opstandige jeugd. In Duffel moeten ze van al dat taalimperialisme niet weten : de wereld draagt duffelcoats, geen houtjes-touwtjes-dingen.In de Nete-gemeente zelf rest van de duffelindustrie ondertussen niets meer, meldt gemeentearchivaris Frank Keersmaekers. Ooit is er wel gedroomd van een Museum van de duffelcoat, maar daar is nooit iets van gekomen. De Duffelse wevers trokken tijdens de godsdienstoorlogen naar Spanje of Engeland. Of naar Vilvoorde, een stad die hen, lang voor allerhande subsidiemaatregelen, aantrok met gratis woningen en eeuwige standplaatsen op de markt. "Neen, " betreurt Keersmaekers, "in Duffel lopen echt niet méér duffelcoaters rond dan in de rest van Vlaanderen. "DE DUFFELCOATMade in Britain, created in Duffel.