An Goovaerts, adjunct-hoofdredacteur
...

An Goovaerts, adjunct-hoofdredacteurLaat me raden: astronaut, piloot, eerste minister, brandweerman, journalist? Past een van uw jeugdaspiraties in dit lijstje? De kans is reëel. Vroeger droomden de jongeren van jobs boordevol spanning en uitdaging. Het is niet zeker dat uw droom realiteit is geworden, maar hij heeft u zeker gemotiveerd om uw ambities na te jagen. Vandaag dromen de jongeren berekend en braaf. Hun ideale werkgever? De overheid, stellen diverse recente enquêtes. De droom is: ambtenaar worden. Maar die droom voor allen, is onbetaalbaar. Ambtenaren zijn kop van Jut, vroeger en nu. Vroeger heetten ze lui en sloom te zijn en nu inflexibel, onproductief en te duur. Hun pensioenen verhogen de vergrijzingskosten, die in dit land al onbetaalbaar lijken (zie ook blz. 108: Ambtenarenpensioen mag geen politiek taboe blijven). Hun wedden leggen een te groot beslag op het overheidsbudget. Dus besluiten nationale en internationale denktanken, werkgeversorganisaties en andere critici: er moet tegelijkertijd heftig worden gesnoeid in het ambtenarenbestand en het aantal taken dat de overheid voor haar rekening neemt. Het voorbeeld dat Nederland en Frankrijk geven in hun hervormingswerk, moet worden gevolgd. Dat de voorbije paarse regeringen, federaal en regionaal, hier alvast de boot gemist hebben, is een understatement. Ze maakten dankbaar gebruik van het overheidsapparaat om bijkomende jobs te creëren. De gouverneur van de Nationale Bank, Guy Quaden, toont zich in het openbaar verbaasd over de aanslag van de ambtenarij op de huidige en toekomstige begrotingen, maar in de salons van de Nationale Bank weten ze al langer beter. Dat bewees Norbert De Batselier, directeur van de Nationale Bank en voormalig SP.A-kopstuk, in een toespraak voor MOVI (Netwerk voor Management in de Vlaamse overheid) begin mei. De Batselier toonde met een enkele slide, voor zichzelf sprekende cijfers. Tussen 1995 en 2005 groeide het ambtenarenbestand in alle mogelijke overheden met 56.400 eenheden, tot ongeveer 779.800. Midden in de paarse regeerperiodes, tussen 2000 en 2005, groeide het aantal ambtenaren met 39.100. Dat klokt af op liefst 70 % van de totale groei in het bestudeerde decennium. De Batseliers presentatie gaf overigens aan dat 2006 eenzelfde opwaartse beweging kende. Voornamelijk de lokale overheden proberen, door meer contractuelen aan te werven, al een oplossing te vinden voor de financieringsproblemen. Rechtlijniger zou zijn het ambtenarenstatuut in alle overheidsgeledingen af te schaffen. Experts weten immers te vertellen dat jongeren kiezen voor de overheid omdat die hen zekerheid geeft. Mireille Deziron, directeur Jobpunt Vlaanderen in Vacature: "Jongeren willen hard werken, maar willen ook leven. Bij de overheid is dat mogelijk. De mensen werken hard bij de overheid. Een uurtje langer werken hoort erbij. Maar ze krijgen de kans om hun privéleven uit te bouwen. In veel privésectoren hebben starters twintig dagen vakantie. Bij de overheid krijgen ze er meteen 35."Goed voor de jongeren, maar wie betaalt deze luxe? Het ambtenarenstatuut had altijd wel zo zijn voordelen, maar die waren een compensatie voor een lager loon dan in de privésector. Vandaag wordt die discrepantie weggewerkt. De voorbije zeven jaar steeg het loon van de ambtenaar in Europa sneller dan het loon van een werknemer in de privé. Een ambtenaar zag zijn wedde met gemiddeld 25,3 % stijgen, tegenover 18,8 % voor de gemiddelde werknemer, aldus de Europese Centrale Bank. België volgt, in tegenstelling tot zijn buurlanden, dezelfde trend. Ambtenaar worden, geeft dus meer zekerheid, minder werk en een evenwaardig loon. Het ambtenarenstatuut discrimineert. Het discrimineert de miljoenen werknemers die in de privésector wroeten en die een te groot deel van hun loon moeten afstaan om het ambtenarenstatuut te blijven betalen. Het discrimineert de talloze private ondernemingen die wanhopig op zoek zijn naar geschikt talent, maar niet de middelen hebben om te concurreren met de overheid, die een overvloed aan voordelen kan bieden. Het discrimineert de werknemers die via interim-arbeid, verboden bij de overheid, op zoek gaan naar een flexibele werkomgeving. Het belemmert de ondernemerszin die in ons land broodnodig is. Er zijn geen goede redenen meer om het statuut van bedienden en arbeiders niet naar elkaar te laten groeien. Er zijn er nog minder om het ambtenarenstatuut in leven te houden.