De dagen van de dollar als reservemunt van de wereld zijn geteld. De VS lijken van plan om de status van de dollar nog één keer te misbruiken om hun schuldenstal uit te mesten, maar de wereld heeft intussen zijn conclusies getrokken. In Peking en andere hoofdsteden zijn ze het beu dat de wereldeconomie draait op een munt die bestuurd wordt door de belangen van amper 300 miljoen Amerikanen. De weg naar een nieuwe monetaire wereldorde is lang en hobbelig, maar is wel definitief ingeslagen.
...

De dagen van de dollar als reservemunt van de wereld zijn geteld. De VS lijken van plan om de status van de dollar nog één keer te misbruiken om hun schuldenstal uit te mesten, maar de wereld heeft intussen zijn conclusies getrokken. In Peking en andere hoofdsteden zijn ze het beu dat de wereldeconomie draait op een munt die bestuurd wordt door de belangen van amper 300 miljoen Amerikanen. De weg naar een nieuwe monetaire wereldorde is lang en hobbelig, maar is wel definitief ingeslagen. De wereld heeft ongeveer 8000 miljard dollar te goed van de VS, maar de VS hebben als enige land ter wereld het heel benijdenswaardige privilege dat hun torenhoge buitenlandse schuld is uitgedrukt in binnenlandse munt. Washington maakt dus zelf uit hoeveel die buitenlandse vorderingen op de VS echt waard blijven. En dat lijkt niet veel te worden. Om hun economie voor een dodelijke deflatiespiraal te behouden, voeren de VS een historisch reflatiebeleid. Is dat beleid succesvol, dan viert inflatie zijn comeback in de VS en kan de dollar verder op de schop. De buitenlandse schuld-eisers, China op kop, zullen zich dan bekocht voelen: eerst zich een kromme rug werken om dollarreserves aan te leggen, om dan vast te stellen dat zelfs de ratten de koopkracht van dat papier niet zo snel kunnen opvreten als het Amerikaanse beleid dat doet. De VS hebben de wereld dat trucje al eens gelapt, toen ze in 1971 de inwisselbaarheid van de dollar in goud opgaven. Nu dreigen ze de koopkracht van de dollar te torpederen en dus de inwisselbaarheid van de dollar in olie, grondstoffen en wereldwijde goederen en diensten te decimeren. De dollarkeizer zal dan zonder kleren staan, en zijn dominantie zal langzaam ten onder gaan. Dat is misschien maar goed ook. De dollardominantie mag worden aangekruist als een van de vele oorzaken van de financiële crisis. Groeilanden die reserves wilden aanleggen om moeilijke tijden zoals vandaag vlotter door te komen, konden niet anders dan via een mercantilistisch beleid dollars op te potten, waarbij die dollars herbelegd werden in Amerikaans schatkistpapier. Die toevloed van buitenlands kapitaal duwde de rente in de VS naar beneden en voedde de Amerikaanse huizen- en consumptiebubbel. Tot de zeepbel barstte. Helaas kampt de wereld met een successieprobleem. Er staat geen troonopvolger voor de dollar klaar, neen, ook de euro niet. Ten eerste zou opnieuw een klein deel van de wereldbevolking de monetaire touwtjes in handen krijgen, en ten tweede is de euro lang niet klaar voor die rol. Laat de euro maar eerst de crisis overleven, dat zal al moeilijk genoeg zijn. Misschien schuilt in de speciale trekkingsrechten van het IMF de kiem voor een wereldwijd bestuurde wereldmunt, maar evident wordt dat ook niet. Vandaag zijn die trekkingsrechten niet eens echt geld. De wereld staat in elk geval voor een periode van monetaire instabiliteit. In het beste geval zal dat het globale herstel afremmen, maar blijft de zaak beheersbaar. Maar als met de dollar ook de financiële onderbouw van de wereldhandel wegzinkt, dan betekent dat in het slechtste geval het einde van de globalisering. De wereld zal zich terugtrekken in handelsblokken. Zo kan het ook, maar het verlies aan welvaart zal groot zijn. (T) Door Daan Killemaes