Een arts gaat undercover als ongeschoold fabrieksarbeider aan de slag bij Katoen Natie in de Antwerpse haven. Zijn dagelijkse ervaringen op de werkvloer vertrouwt hij aan het papier toe. Karel Van Bever deed het en bracht zijn indrukken samen in het boek Dokter in overall. Zoals de Duitse onderzoeksjournalist Günther Walraff een paar decennia geleden deed in de huid van een allochtoon of recent nog als laagbetaalde werknemer bij een leverancier van Lidl.
...

Een arts gaat undercover als ongeschoold fabrieksarbeider aan de slag bij Katoen Natie in de Antwerpse haven. Zijn dagelijkse ervaringen op de werkvloer vertrouwt hij aan het papier toe. Karel Van Bever deed het en bracht zijn indrukken samen in het boek Dokter in overall. Zoals de Duitse onderzoeksjournalist Günther Walraff een paar decennia geleden deed in de huid van een allochtoon of recent nog als laagbetaalde werknemer bij een leverancier van Lidl. Ook Van Bever koos voor een hondenbaan. Zakken vullen met gevaarlijke of irriterende producten als glasvezel, blaren oplopen, last hebben van huiduitslag, rugpijn, enzovoort. Bovendien werkte van Bever als uitzendkracht met dagcontracten. Na een dag arbeid wist hij nooit of hij de volgende dag wel aan de slag kon, laat staan in welke shift. Het boek geeft een goed beeld van het werk ganz unten in een logistiek havenbedrijf. Toch is er een verschil met het relaas van de Duitse onderzoeksjournalist. Voor Walraff was er als de gastarbeider Ali geen ontsnappingsroute. Het feit dat hij allochtoon was, bleef in die periode zijn kansen op de arbeidsmarkt fnuiken. Dat is niet zo bij Van Bever. Wie een tijdje als uitzendarbeider werkt, kan een proef afleggen om met een vorkheftruck te werken, wat veel minder belastend is. En na 65 dagen uitzendarbeid krijg je een vast contract aangeboden. Van Bever geeft in het boek mee dat sommige arbeiders dubbele shifts van in totaal zestien uur draaien. Inderdaad zeer belastend, maar de beloning is navenant. Ze verdienen daardoor zowat het dubbele. Wat de auteur er niet bijschrijft, is dat veel arbeiders die dubbele shifts ook vrijwillig kiezen omdat ze er een aardige cent aan overhouden. Uiteraard kunnen ze niet hun hele carrière op datzelfde ritme blijven werken, maar wie jonge werknemers hoort tussen pakweg 20 en 25 jaar, dan zijn er veel die zich graag gedurende een paar jaar dubbel plooien, in welke sector ze ook werken. In de loop van het relaas van Van Bever wordt duidelijk dat hij het totaal niet begrepen heeft op die flexibiliteit. Wat aanvankelijk een boek is met de persoonlijke ervaringen van een havenarbeider, wordt stilaan een aanklacht tegen uitzendarbeid en flexibiliteit. Al kan Van Bever bij het vermelden van een aantal statistieken niet ontkennen dat uitzendarbeid de beste opstap blijft naar een vaste baan. Die feiten worden echter weggemoffeld in het ideologisch getinte betoog dat Van Bever houdt. In het dagelijkse leven is hij huisarts in de groepspraktijk van Geneeskunde voor het Volk en dus gelieerd aan de PvdA. De auteur ziet in het systeem van flexicurity het einde van het sociaal kapitalisme en vreest dat we in Europa steeds meer met een klasse van working poor zullen worden geconfronteerd. Van Bever haalt hierbij ook de insider-outsidetheorie aan waarbij de arbeidsmarkt uiteenvalt in twee groepen. Aan de ene kant de insiders met een vaste arbeidsrelatie en aan de andere kant de out- siders, mensen met een precaire, onzekere baan. Van Bever vergeet erbij te zeggen dat die opsplitsing het gevolg is van het conservatisme van de vakbonden die bijna uitsluitend oog hebben voor de werkenden met een vaste baan. (T) KAREL VAN BEVER, DOKTER IN OVERALL, EPO, 2008, 296 BLZ, 17,50 EUROAlain Mouton