"Aansluitend op de nieuwe internationale aanpak, wil ik een échte dialoog met de industrie," zegt Roland Moreau, kersvers directeur van Greenpeace Belgium: "Maar dit betekent niet dat onze acties definitief in de lade verdwijnen. Als overleg geen zoden aan de dijk zet, zullen altijd de nodige tegenzetten op het veld volgen."
...

"Aansluitend op de nieuwe internationale aanpak, wil ik een échte dialoog met de industrie," zegt Roland Moreau, kersvers directeur van Greenpeace Belgium: "Maar dit betekent niet dat onze acties definitief in de lade verdwijnen. Als overleg geen zoden aan de dijk zet, zullen altijd de nodige tegenzetten op het veld volgen." Net als zijn grote baas Thilo Bode van Greenpeace International, een voormalige bankier uit Zweden, heeft Moreau sterke roots in het bedrijfsleven. Hij volgt Mickey Kaufmann op, die gedurende twee jaar interim-directeur was van de milieubeweging. Na zijn studies handelsingenieur aan de Solvay-school ( ULB) start Roland Moreau (47 j.) zijn carrière in 1975 als assistant product manager bij Hartog, dochter van Unilever. Twee jaar later stapt hij over naar Société Générale des Minerais, de handelsmaatschappij van Union Minière. Hij krijgt er de Europese verkoopafdeling onder zijn hoede. Tussen 1982 en 1984 is Moreau commercieel directeur van Sogerec, het recyclagebedrijf van de groep. Dan wordt hij naar de Verenigde Staten gestuurd om er de lokale terugwinningsactiviteiten van edele metalen te leiden. Met enkele zijsprongen naar Sassoon Metals and Chemicals, NVX Ets Paridans en Almetal Holding - filiaal van Sidmar - belandt Moreau in 1994 bij Watco, dochter van Tractebel én Belgisch marktleider in afvalbeheer (zie Trends, 17 oktober 1994). Als manager Secondary Raw Materials stampt hij er met succes de verkoopafdeling van secundaire grondstoffen uit de grond. "Bij Greenpeace heb ik echter mijn ware roeping gevonden," zegt Moreau: "Als groene jongen wil ik aan preventie doen. Op het vlak van recyclage heb ik bij alle bedrijven waar ik ooit heb gewerkt mijn ideeën kunnen verkopen. Maar het bleef altijd beperkt tot een nevenactiviteit. Veel ondernemingen hebben nog geen ecologische visie. Bovendien liggen de voornaamste belangen van de industrie bij de aandeelhouders, die in de eerste plaats aan hun portemonnee denken en dan pas aan het milieu. Die druk maakt duurzame ontwikkeling nagenoeg onmogelijk. Daarom kies ik nu voor Greenpeace. Met mijn kennis en ervaring in de zware industrie wil ik het overleg met het bedrijfsleven aanwakkeren om samen naar oplossingen te zoeken. Ik ben er immers van overtuigd dat economie en ecologie niet noodzakelijk moeten botsen."