AXA heeft een historiek van interessante hoofdeconomen. Denk aan Laurence Boon die nu chief economist van de OESO is, en de ietwat nukkige Eric Chaney die vaak tegen de stroom inging. Gilles Moëc lijkt zich in die traditie in te schrijven. De 49-jarige Fransman verdiende zijn strepen bij het Nationaal Instituut voor Statistiek (INSEE) en de Franse Nationale Bank, en was chief European economist voor Bank of America, Deutsche Bank en Merrill Lynch. Sinds juni 2019 is hij chief economist van AXA Group.
...

AXA heeft een historiek van interessante hoofdeconomen. Denk aan Laurence Boon die nu chief economist van de OESO is, en de ietwat nukkige Eric Chaney die vaak tegen de stroom inging. Gilles Moëc lijkt zich in die traditie in te schrijven. De 49-jarige Fransman verdiende zijn strepen bij het Nationaal Instituut voor Statistiek (INSEE) en de Franse Nationale Bank, en was chief European economist voor Bank of America, Deutsche Bank en Merrill Lynch. Sinds juni 2019 is hij chief economist van AXA Group. De meeste economen zijn voorzichtig optimistisch over 2020. Moëc, die vorige week in Brussel was op uitnodiging van AXA Investment Managers, maakt zich meer zorgen: "Eind 2018 was iedereen bijzonder pessimistisch na de beurscorrectie in het laatste kwartaal. En kijk, 2019 werd een prima jaar. En nu zeggen de meeste economen, omdat een handelsoorlog tussen de VS en China vermeden is, dat 2020 wel oké wordt. Terwijl de wereldeconomie met fundamentele problemen kampt." U waarschuwt voor overdreven optimisme. Waarom? GILLES MOËC. "De productiesector in de VS zit nog altijd in een recessie. Net zoals die in Duitsland overigens. En de groeivertraging in China houdt aan. Dat gaat niet veranderen. De groeipercentages die China in het verleden haalde, zijn niet voor herhaling vatbaar. Maar vooral de financiële toestand van de Amerikaanse ondernemingen baart me zorgen. De schuldenlast is toegenomen, terwijl de rendabiliteit daalt. We merken in de VS een gevoelige toename van het aantal zombiebedrijven, ondernemingen waarvan de cashflow niet volstaat om hun rentelasten af te betalen." Waarom blijft die ontwikkeling onder de radar? MOËC. "Omdat de werkgelegenheid stabiel gebleven is, en omdat iedereen zich blind staart op het succes van de grote Amerikaanse technologiebedrijven zoals Apple, Google, Amazon en Facebook. Zonder de belastingverlaging die president Donald Trump heeft doorgevoerd, zou de winst van de Amerikaanse bedrijven op het laagste niveau in vijftien jaar staan. De economische groei in de VS wordt bijna volledig gedragen door de consumptie. De salarissen zijn gestegen, waardoor het verbruik op peil gebleven is." En wat is daarbij het probleem? MOËC. "Het probleem is dat de productiviteit niet stijgt. In Duitsland gebeurt hetzelfde: men heeft ervoor gekozen de lonen te verhogen, waardoor er onvoldoende middelen resten voor investeringen in innovatie en onderzoek. Dat zal het economische herstel bemoeilijken. Er wordt te weinig geïnvesteerd, waardoor het weinig waarschijnlijk is dat we in een groeicyclus terechtkomen." Kunnen de overheden niet zorgen voor die investeringen? MOËC. "Ja, maar de landen die, zoals Duitsland, de middelen hebben, zijn er niet toe bereid. En de landen die willen, zitten al met een begrotingstekort. Ik vrees dat landen als Frankrijk en Spanje tegen eind 2020 hun begroting zullen laten ontsporen. Ze staan onder grote sociale druk. De bevolking is ontevreden, zelfs de werkenden zien nauwelijks nog kans om hun welvaartsniveau te verbeteren. Dat leidt tot politiek populisme. De populisten pleiten echter voor protectionisme, terwijl het afsluiten van de eigen markt de problemen alleen maar groter maakt." In Frankrijk behoren de 'gillets jaunes' die op straat komen tot de werkende klasse, die vindt dat arbeid te weinig beloond wordt. Is het kapitalisme in crisis? MOËC. "Er is alleszins een legitimiteitscrisis. De vrijemarkteconomie moet bewijzen dat ze een antwoord heeft voor problemen als de toenemende ongelijkheid en de dalende sociale mobiliteit. In normale omstandigheden is snellere economische groei het antwoord. Maar het concept van sterke groei is verdacht geworden, omdat het bijdraagt tot de opwarming van de aarde en de klimaatverandering. Het kapitalisme zal zichzelf moeten heruitvinden, zoals het dat in het verleden meermaals gedaan heeft. De versie 1989-2008 van het kapitalisme is aan zijn einde gekomen." Wat kan de ECB nog doen om de Europese economie te ondersteunen? MOËC. "Van de ECB verwacht ik bijster weinig. De verdeeldheid tussen de Europese centrale bankiers is groot. Het enige waarover ze een compromis kunnen bereiken, is de rente niet verder te verlagen. Over het opkopen van schuldpapier zijn de meningen zo verdeeld dat er wellicht niets zal veranderen. Ik verwacht van de ECB veel retoriek en weinig daden." Die retoriek zal allicht voortkomen uit de 'strategische evaluatie' (lees ook p. 106) die de nieuwe ECB-voorzitter Christine Lagarde wil maken?MOËC. ( knikt) "Die strategische evaluatie draait rond drie zaken. Wat moet het inflatiedoel zijn? Hoe gaan we de inflatie meten? En welke maatregelen gaan we nemen om de doelstelling te halen? Ik verwacht dat men heel veel tijd zal steken in het discussiëren over de eerste twee punten, en wellicht te weinig in het laatste, belangrijkste, punt." Verwacht u een aanpassing van de inflatiedoelstelling? MOËC. "Momenteel is ze gedefinieerd als 'onder, maar dicht bij 2 procent'. Ik verwacht dat men 'onder' zal laten vallen. 'Dicht bij 2 procent' als doelstelling betekent dat het geen drama is om er tijdelijk eens boven te gaan. De vraag is of de ECB zal overschakelen op een vork met onder- en bovenlimieten, en welke voorwaarden daaraan gekoppeld worden. Dat dreigt zeer complex te worden." In de VS worden energieprijzen uit de inflatieberekening geweerd. Moet de ECB die weg volgen? MOËC. "Ik ben een grote voorstander van een CO2-taks. Maar het is duidelijk dat die een opstoot van de inflatie kan veroorzaken. Ik zou graag iemand van de ECB expliciet horen zeggen dat ze met het effect van die CO2-taks geen rekening zal houden bij het bepalen van het monetaire beleid." Kan het monetaire beleid ten dienste van de energietransitie en groene investeringen staan? MOËC. "De opdracht van de ECB bestaat erin prijsstabiliteit na te streven. Als dat lukt, staat het de instelling vrij zich op andere economische doelstellingen te concentreren. We staan momenteel op zo'n punt: de inflatie is onder controle, en dus heeft de ECB de handen vrij om bij te dragen tot de energietransitie en de vergroening van de Europese economie. Waarom niet?"