Waar doet de Belg zijn inkopen? In de buurt/nachtwinkel, de winkelstraat, het winkelcentrum, de hyper- en supermarkten en in de welig tierende baanwinkels. Voeg aan dit lijstje recentere fenomenen zoals het outletcenter en de on-lineshop en we hebben ongetwijfeld het gros van de locaties gehad.
...

Waar doet de Belg zijn inkopen? In de buurt/nachtwinkel, de winkelstraat, het winkelcentrum, de hyper- en supermarkten en in de welig tierende baanwinkels. Voeg aan dit lijstje recentere fenomenen zoals het outletcenter en de on-lineshop en we hebben ongetwijfeld het gros van de locaties gehad. Maar naast deze traditionele winkeloorden ontstaan er, voorlopig vooral in het buitenland, ook op minder evidente plaatsen microwinkelsites. Het voetbalstadion bijvoorbeeld. In de Amsterdam ArenA, de thuishaven van Ajax, zijn megastores zoals Media Markt en Decathlon gevestigd. Of het pretpark. In Disneyland Parijs vind je een twintigtal winkels, met uiteraard een groot aanbod knuffelbeesten, maar ook met kleding, sportartikelen, gadgets en voeding. Op andere atypische winkellocaties zien we een evolutie naar professionalisering of uitbreiding van de retailactiviteiten. De krantenkiosk in het spoorwegstation, kennen we al lang. Maar vandaag krijgen sommige stations, het Brusselse Zuidstation is een mooi voorbeeld (zie Trends, 26 augustus 2004), de allures van een heus winkelcentrum. Het winkeltje bij het benzinestation waar u terechtkunt voor een snoepreep of een bus motorolie, is ook zo'n klassieker. Dat de echte distributeurs deze shops inpalmen, dat is wel nieuw. Die 'nieuwe' winkellocaties hebben één gemeenschappelijk kenmerk: het zijn plaatsen waar er veel volk komt of passeert. Er spelen echter ook andere motieven. Zo is het profiel van de klanten er veel duidelijker definieerbaar dan in de doorsnee winkelstraat. Vaak spelen deze nieuwe winkelformules ook handig in op ons chronische tijdsgebrek. Soms is het gewoon een poging om een bestaande activiteit rendabel te maken of het gebruik van het bestaande vastgoed te optimaliseren. Hoewel de meeste films pas om 20.00 uur beginnen, is het om iets na 19.00 uur al behoorlijk druk in en rond Metropolis Antwerpen. De meeste bios-coopbezoekers gaan nog snel een hapje eten, bekijken de filmposters of bestellen al hun ticket. Maar opvallend veel vroegkomers staan ook wat te snuisteren in het cd- en dvd-aanbod van de Free Record Shop. Vier jaar geleden opende deze winkel zijn deuren, als testcase. Kinepolis Group vond de test geslaagd en het Antwerpse voorbeeld kreeg twee jaar geleden navolging in de Brusselse vestiging van Kinepolis. "Eigenlijk is het geen Free Record Shop, maar een Kinestore," verduidelijkt Erwin Himpens, directeur development bij Kinepolis Group. "Wij baten die shops zelf uit, Free Record Shop is alleen leverancier. Ze staan ons ook wel bij met hun knowhow en gezien hun grote bekendheid gebruiken we ook de naam Free Record Shop. De achterliggende reden voor de start van de winkel was eigenlijk de optimalisatie van het ruimtegebruik. Onze bioscoopcomplexen zijn meestal behoorlijk groot en dan zit je als wel met wat verloren ruimte." Omdat er in Metropolis al een ruim horeca-aanbod was, werd de voorkeur gegeven aan een echte winkelactiviteit. De keuze voor producten die in de lijn liggen van de interessesfeer van de doorsnee bioscoopbezoeker, lag voor de hand. Bovendien zijn cd- en dvd-winkels zeer laagdrempelig. "Het merendeel van de klanten is gewoon wat te vroeg, het gaat dus vooral om impulsaankopen," vervolgt Erwin Himpens "Al is er ook een deel van het koperspubliek dat met opzet wat vroeger komt. Maar op een enkele uitzondering na, hebben we geen klanten die uitsluitend voor de winkel komen."In eigen land beperkt de retailactiviteit zich tot de eigen Kinestores en twee zelfstandige gadgetwinkels (in Hasselt en in Luik), maar in de buitenlandse Kinepolis-complexen is het commerciële aanbod ruimer. In het nieuwe Kinepolis-complex in Nancy komt er naast de tien zalen ook 4600 m2 commerciële ruimte. "We hebben uit onze Belgische ervaringen geleerd," verklaart Erwin Himpens. "Er is potentieel voor en vraag naar zulke activiteiten. In de nieuwe complexen houden we daar rekening mee. Het past ook in de internationale trend om leisure-activiteiten te integreren in een bioscoopcomplex." Voor de geïnteresseerden: de gemiddelde huurprijs voor commerciële ruimte in een Kinepolis-complex bedraagt 100 euro per m2 per jaar. Het is iets na 21.00 uur, de supermarkten in ons land zijn dus al - verplicht - toe. Maar niet zo de Delhaize Shop 'n Go aan het Q8-station langs de E313 in Ranst. Deze minisupermarkt is dag en nacht open. Op de beperkte ruimte, ongeveer 150 m2, treffen we toch een verrassend breed aanbod aan: veel kleine versnaperingen uiteraard, kant-en-klaarmaaltijden, dranken, magazines, maar ook verse groenten en fruit, panty's en - voor wie wat heeft goed te maken? - zelfs enkele boeketjes bloemen. "Vergeet het supermarktconcept en denk convenience, dat was voor ons de grootste uitdaging bij het bepalen van het assortiment," geeft Willy Van Daele, vice-president wholesale bij Delhaize, toelichting. "We richten ons met dat aanbod tot drie soorten klanten. Een eerste groep is de occasionele klant die bij het betalen voor de tankbeurt merkt dat hij wel zin heeft in iets lekkers. De zuivere impulsaankoop dus. Een tweede belangrijke groep is de gehaaste klant: de zakenman of -vrouw die op weg naar huis nog snel een klaargemaakt gerecht koopt. En dan hebben we nog het aanbod voor 'de verstrooide professor': je verwacht volk en je stelt vast dat je geen bier of wijn in huis hebt. Het gaat dus om depannageproducten zoals dranken, maar ook brood, luiers, panty's..." Na een testcase in 1999 ging Delhaize vanaf 2001 voluit voor het Shop 'n Go-concept. Het merendeel van de inmiddels veertig Shop'n Go's is ondergebracht in benzinestations van Q8. "De vraag tot samenwerking is van ons gekomen," zegt Willy Van Daele. "We zagen Shop 'n Go als een aanvulling op onze bestaande supermarktformules. Maar het is heel moeilijk om zo'n kleine winkel, met vooral een voedingsaanbod, rendabel te runnen. Vandaar ons idee om het te koppelen aan een al aanwezige activiteit zoals een benzinestation." De winkels in de benzinestations langs de snelwegen baat Q8 zelf uit, voor de andere werkt Delhaize met een franchisingformule. Op termijn is er volgens Willy Van Daele plaats voor een honderdtal Shop'n Go's. Daarbij denkt hij ook aan vestigingen in spoorwegstations. De bloemenwinkel, de krantenkiosk en de cadeaushop, zijn nog maar moeilijk weg te denken uit onze ziekenhuizen. En veel ziekenhuizen hebben tegenwoordig ook een (self-)bankkantoor binnen hun muren. Maar met onder meer een kapper, De Post, een Press Shop, een taverne, een parfumeriewinkel Planet Parfum, een broodjeszaak, een kantoor van de Neutrale Mutualiteiten en een Delhaize Shop 'n Go, is het winkelgedeelte aan het Erasmus-ziekenhuis in Anderlecht eigenlijk een minishoppingcenter. De ligging kan nauwelijks strategischer: tussen de parking en de inkomhal van het ziekenhuis. Dagelijks passeren hier duizenden mensen. Meestal zijn ze gehaast, want een ziekenbezoek haalt de dagdagelijkse agenda overhoop. En dan zijn er natuurlijk ook nog de patiënten en de bijna 3000 personeelsleden van het ziekenhuis. Drie duidelijke doelgroepen met specifieke winkelbehoeften. De Delhaize Shop 'n Go opende hier in augustus 2002 zijn deuren. En volgens Willy Van Daele is de vestiging een enorm succes. "We geloven sterk in deze formule. Dus ja, we kijken uit naar nog andere ziekenhuislocaties. Maar er moet voldoende passage zijn. Een belangrijk criterium is dus de omvang van het ziekenhuis."Met een kleine 15.000 m2 commerciële ruimte moet de luchthaven van Zaventem niet onderdoen voor het doorsnee shoppingcenter in ons land. Maar vergelijken met Wijnegem, Woluwe, Waasland of andere shoppingcenters heeft eigenlijk weinig zin, al was het maar omdat je in Zaventem alleen met een vliegtuigticket toegang krijgt tot het koopparadijs. En er zijn nog wel meer verschillen, stelt Michel De Rouck, executive vice-president commercial affairs van luchthavenuitbater Biac: "Dit is een heel internationale business met specifieke winkeluitbaters en leveranciers. De bekende namen uit de winkelcentra en de winkelstraten, kom je op luchthavens raar of zelden tegen." De grote jongens uit de sector zijn onder meer Nuance Group, King Power en Aldeasa. Zegt het u niets, dan doet Belgian Sky Shops, de belangrijkste winkeluitbater op de luchthaven van Zaventem, wellicht wel een belletje rinkelen. Maar waarom wagen bekende retailers als Inditex (Zara, Massimo Dutti, Bershska) of H&M zich niet in de luchthavengangen? "Dat heeft heel veel met die specificiteit en complexiteit van luchthavenhandel te maken," antwoordt Michel De Rouck. "Het vraagt een heel aparte knowhow. Een basisregel luidt: mensen komen naar een luchthaven om te vliegen, niet om te kopen. Dat zijn die gewone retailers niet gewoon. Daarnaast heb je natuurlijk de hele regelgeving omtrent douanering, Tax Free en Travel Value enzovoort. En dat heeft op zich dan weer implicaties op de organisatie van je logistiek en beveiliging. Die hoge complexiteit verklaart ook waarom kleine zelfstandigen hier moeilijk standhouden." Toch een belangrijke gelijkenis met de aanpak in winkelcentra: net als de beheerder/eigenaar van een winkelcentrum, streeft Biac naar een optimale mix in het aanbod. Michel De Rouck: "We werken op basis van exploitatieovereenkomsten met een vergoeding die voor een deel afhangt van de omzet. Op die manier proberen we die mix te realiseren. Als luchthavenuitbater hechten wij veel belang aan de uitstraling van onze commerciële ruimte. Daarom ook dat we van onze winkeliers contractueel eisen dat ze een percentage Belgische producten in hun aanbod opnemen. Die Belgische aanwezigheid in de winkelrekken draagt immers bij tot de 'couleur locale' van onze luchthaven."Laurenz Verledens Laurenz Verledens"Delhaize gelooft sterk in de Shop 'n Go-formule. Dus ja, we kijken uit naar nog andere ziekenhuislocaties."