Slechte scholing en gemuilkorfde media hebben een economische prijs: ze houden falende leiders te lang in het zadel. "Als onze eerste minister op tv zou verklaren dat de aarde plat is, dan zouden minstens 5 tot 10 miljoen van de 80 miljoen Turken hem geloven." De Turkse econoom Emre Deliveli, commentator van de Engelstalige krant Hürriyet Daily News, bedoelt het niet als grap. Zijn land gold lang als een lichtend voorbeeld onder de opkomende economieën, maar een groot corruptieschandaal in regeringskringen doet de façade in duigen vallen.
...

Slechte scholing en gemuilkorfde media hebben een economische prijs: ze houden falende leiders te lang in het zadel. "Als onze eerste minister op tv zou verklaren dat de aarde plat is, dan zouden minstens 5 tot 10 miljoen van de 80 miljoen Turken hem geloven." De Turkse econoom Emre Deliveli, commentator van de Engelstalige krant Hürriyet Daily News, bedoelt het niet als grap. Zijn land gold lang als een lichtend voorbeeld onder de opkomende economieën, maar een groot corruptieschandaal in regeringskringen doet de façade in duigen vallen. Er zijn niet alleen het gebrekkige onderwijs en de onderdrukte pers. Het koppige tekort op de lopende rekening toont dat Turkije al jaren boven zijn stand leeft. Voor de financiering van het tekort is het land te afhankelijk van buitenlands speculatief geld, dat bij het minste onraad het land uitvlucht. De kelderende munt en de oplopende obligatierente, gevolgen van het corruptieschandaal, maken dat vandaag duidelijk. Het Turkse groeiwonder, in 2002 op de sporen gezet na de verkiezingsoverwinning van premier Recep Tayyip Erdogan en zijn islamgezinde AK-partij, lijkt een illusie. Erdogan ziet dat anders. Achter de arrestaties in het corruptieonderzoek, onder meer van de zonen van drie ministers, ontwaart hij een internationaal complot. "Hij beweert dat Turkije op weg is een wereldmacht te worden, en dat jaloerse buitenlandse krachten die opgang willen dwarsbomen", zegt Deliveli. "Ik zie niet in welk belang het buitenland zou hebben bij een val van de Turkse economie. Twee derde van de Turkse aandelen en obligaties is in buitenlandse handen." Volgens vele waarnemers is er in werkelijkheid een machtsstrijd losgebroken tussen Erdogan en zijn vroegere islamitische medestander Fetullah Gülen. De imam leidt vanuit de Verenigde Staten de religieuze beweging Hizmet, met vertakkingen in de Turkse bedrijfswereld, media, politie en justitie. Als de machtsstrijd uitloopt op een langdurige politieke destabilisering, breken nog donkerder tijden aan voor de economie. "Op dit moment zitten beide partijen in hun loopgraven", zegt Deliveli. "Tot een grootschalige aanval is het nog niet gekomen. Het is moeilijk te voorspellen wat er precies zal gebeuren." Is het denkbaar dat de krachtmeting Turkije doet doorslaan in de richting van een autoritaire staat? "Een Noord-Korea zal het hier niet worden", meent Deliveli. "Maar beter dan in Rusland onder de autoritaire Vladimir Poetin is het hier niet. Het probleem is Erdogan zelf. Hij is ervan overtuigd dat hij weet wat goed is voor de Turken. Hij kan nog altijd op een brede islamgezinde achterban rekenen. De secularisering onder Mustafa Kemal Atatürk vanaf de jaren dertig was van bovenaf opgelegd. Al die tijd zijn er in Turkije conservatieve krachten blijven bestaan." Vele Vlaamse bedrijven zijn actief in Turkije. Voor de weefmachineproducent Picanol behoort het land tot de top van zijn afzetmarkten, de raamprofielenfabrikant Deceuninck realiseert er meer dan een vijfde van zijn omzet. Moeten zij zich opmaken voor een tweede Iran? Of zijn de economische hervormingen van de voorbije tien jaar voldoende verankerd? "We hebben gezonde banken en een lage overheidsschuld," zegt Deliveli, "maar het moet dieper gaan dan dat. Turkije moet zijn afhankelijkheid van buitenlands kapitaal afbouwen door meer inkomsten te halen uit de export van hogere toegevoegde waarde, zoals hightech of design. Vandaag is Turkije een grote textielexporteur, maar we kunnen niet op kosten blijven concurreren met China of de Filipijnen. Andere exportsectoren, zoals de autoproductie, moeten tot 80 procent van hun onderdelen halen uit het buitenland, wegens gebrek aan behoorlijke alternatieven in het binnenland. Dat versterkt de afhankelijkheid van het buitenland." Kennisintensieve producten vergen onderzoek en ontwikkeling. Dat begint met goed onderwijs, iets wat in Turkije enkel weggelegd is voor een minderheid. "Het ondermaatse onderwijs stremt onze groei. Een zakenbank als Morgan Stanley kan voor haar vestiging in Istanbul probleemloos afgestudeerden aanwerven van de topuniversiteiten in die stad. Maar voor de industrie buiten Istanbul is het heel moeilijk goede mensen te vinden. Als docent economie in Istanbul had ik onder mijn studenten ook afgestudeerden van plattelandsuniversiteiten. Een simpel briefje, zoals een verzoek om afwezigheid voor een paar dagen, konden ze niet eens zonder fouten schrijven." Het gevolg is dat Turkije geen toekomstpotentieel opbouwt. Erger nog, de economie schakelt lager. "Als ondernemer verdien je vandaag gemakkelijker geld in de bouw. In die sector is een echte goldrush aan de gang, aangedreven door de talloze bouw- en infrastructuurprojecten van de overheid. Het Zuid-Koreaanse Hyundai startte als bouwbedrijf en schakelde over op hightech. De Turkse elektronicaproducent Zorlu heeft in Istanbul net een groot winkelcentrum met kantoren en appartementen geopend." De bouwzeepbel zuigt middelen aan die elders in de economie productiever kunnen worden aangewend, maar er is geen stoppen aan. De overheid maakt het de ondernemers te gemakkelijk. "Al wat je moet doen, is een partnerschap aangaan met TOKI, het staatsorgaan voor huisvesting. Zo geraak je aan de nodige terreinen, of aan een bestemmingswijziging voor een zone. Let er maar eens op als je de taxi neemt van de luchthaven naar het centrum van Istanbul. Het aantal bouwkranen is niet te tellen." Geen wonder dat een deel van het corruptieschandaal draait rond bouwprojecten. Het schandaal betekent niet dat Erdogan deze zomer de presidentsverkiezingen zal verliezen. "Dit is Scandinavië niet, de mensen hier zijn corruptie gewoon. Het wordt anders als de economie crasht. Dat doet pijn in de portemonnee. Dan is het niet Erdogan, maar Erdo-gone." JOZEF VANGELDER"Het ondermaatse onderwijs stremt onze groei" Emre Deliveli