" The Wisdom of Crowds' is erg in. In interviews en artikels wordt het te pas en vooral te onpas geciteerd. Tijd dus om even de puntjes op de i van 'individu' en de streepjes onder de m van 'massa' te zetten.
...

" The Wisdom of Crowds' is erg in. In interviews en artikels wordt het te pas en vooral te onpas geciteerd. Tijd dus om even de puntjes op de i van 'individu' en de streepjes onder de m van 'massa' te zetten. Twee hoofden weten meer dan één. Dat is het uitgangspunt van de 'The Wisdom of Crowds'. Maar iedereen die ooit aan een draak van een vergadering heeft deelgenomen, weet ook dat aan het einde van de rit vaak blijkt dat de groep minder weet dan het gemiddelde lid van de vergadering. Dat is procesverliezen. Emoties, afrekeningen, verstrooidheid, macht, angst, willen scoren en vele andere niet-rationele processen verknoeien de rationele aspecten. Als procesverliezen domineren, worden groepen dom. Hoe groter de groep, hoe groter de potentiële procesverliezen. De massa is meestal vrij dom. Massa's laten zich opzwepen, massa's vertonen kinderlijk gedrag waarover ze zich later op YouTube kunnen schamen. Een massa is er niet om de stelling van Pythagoras te bewijzen. Het inzicht dat de massa leidt tot massahysterie is gevat in het boek van 1841 door Charles Mackay: 'Extraordinary Popular Delusions and the Madness of Crowds'. Het is een boek over financiële zeepbellen, het collectieve geloof in waarzeggers, de dwaasheid van de kruistochten, de vervolging van heksen, enzovoort. Er is nog een ander fenomeen. Als je aan boeren, onafhankelijk van elkaar, het gewicht van een os laat schatten, dan blijkt het gemiddelde van al die schattingen vrij aardig het juiste gewicht te benaderen. Elke individuele boer is niet zo slim, hij maakt meestal een ernstige over- of onderschatting. En hoe groter de groep schatters, hoe nauwkeuriger het resultaat. Dit fenomeen heeft de journalist van The New Yorker James Surowiecki provocatief 'The Wisdom of Crowds' genoemd. De Nederlandse vertaling heeft het helemaal verkeerd: 'Twee weten meer dan één. Waarom het beter is groepsbeslissingen te nemen'. Het eerste deel van de titel is juist. Het tweede niet. Het is helemaal niet beter groepsbeslissingen te nemen. Want groepen kunnen lijden aan afschuwelijke procesverliezen. Het is soms beter de groep of de massa te vertrouwen. Het boek van Surowiecki gaat vooral over de voorwaarden waaronder groepen toch beter zijn dan individuen. Het mooiste voorbeeld is de vtm-quiz 'Wie wordt Multimiljonair'. De kandidaat heeft telkens vier antwoordmogelijkheden. Als hij gokt, heeft hij dus een kwart kans op een juist antwoord. Als hij een 'expert' via de hulplijn belt, krijgt hij een juist antwoord in 65 procent van de gevallen. Niet slecht! Maar als hij de 'domme' massa in de studio raadpleegt, krijgt hij in 91 procent van de gevallen het juiste antwoord. Hoe kan da t? Veronderstel dat de massa echt dom is en slechts 20 procent van de aanwezigen kent het juiste antwoord. De rest moet gokken. Dan ziet de kandidaat een staafjesdiagram met ongeveer 20 procent bij A, 40 procent bij B (het juiste antwoord), 20 procent bij C en D. De vraag aan het publiek in de vtm-studio's is het bijna perfecte systeem om toch een massa slim te maken. Een massa is potentieel slim als elk lid een deel van het antwoord kent, elk lid onafhankelijk van elk ander lid ageert, elk lid voldoende verschilt van elk ander en er een systeem kan worden gevonden om al die afzonderlijke wijsheid te combineren. Dat klinkt vreselijk abstract, maar in de praktijk kennen we enkele toepassingen van de wisdom of crowds. Wat is de juiste prijs voor een iPod, een paar Birkenstock-sandalen en een paar Bikkembergs-schoenen? We kunnen kiezen: de redactie van Trends legt alle prijzen vast, of beter nog, alleen de eindredacteur. Maar we kunnen het ook vragen via een eindeloos spel van tienduizenden consumenten die elk afzonderlijk beslissen dat ze aan een paar Birkenstocks geen 150 euro geven, maar aan een paar Bikkembergs-schoenen wel. De vrijemarkteconomie vertrekt van de wisdom of crowds. De domme consument weet het collectief wel beter dan de superintelligente voorzitter van het communistische planbureau. Als de consumenten onvoldoende onafhankelijk van elkaar beginnen te beslissen, dan pas ontstaan er folies. Nog meer voorbeelden, toepassingen en waarschuwingen volgende week. MARC BUELENSEen massa is er niet om de stelling van Pythagoras te bewijzen.