Hoe voelen werknemers zich op de werkvloer? Denken ze dat ze flexibel zijn om te kunnen blijven inspelen op nieuwe ontwikkelingen? Stippelen ze een carrièrepad uit, en hebben ze de kans hun ambities en frustraties uit de doeken te doen bij hun werkgever? Kortom, wordt er werk gemaakt van een duurzame inzetbaarheid van werknemers?
...

Hoe voelen werknemers zich op de werkvloer? Denken ze dat ze flexibel zijn om te kunnen blijven inspelen op nieuwe ontwikkelingen? Stippelen ze een carrièrepad uit, en hebben ze de kans hun ambities en frustraties uit de doeken te doen bij hun werkgever? Kortom, wordt er werk gemaakt van een duurzame inzetbaarheid van werknemers? Een onderzoek van Acerta leert dat er nog veel werk op de plank ligt. De hr-dienstverlener hield een enquête bij 2000 Belgische werknemers (bedienden, ambtenaren en kaderleden tussen 16 en 64 jaar) om te peilen naar hun duurzame inzetbaarheid. De resultaten leren dat de Belgen van zichzelf vinden dat ze soepele werkkrachten zijn en dus goed in staat om de snel veranderende technologische evoluties bij te benen. Twee derde verklaart dat ze de komende jaren geen problemen verwachten om bij te blijven met de nieuwe ontwikkelingen. Eveneens twee derde is ervan overtuigd dat ze voor meerdere taken inzetbaar zijn. Ze doen ook zelf inspanningen om hun inzetbaarheid te verhogen. 69,2 procent doet aan zelfstudie om hun kansen op promotie te verbeteren. Over de inspanningen van de werkgevers zijn de medewerkers minder enthousiast. Slechts 29 procent vindt dat bedrijven voldoende inspanningen doen om hun werknemers duurzaam inzetbaar te houden. Amper 20 procent van de 50-plussers gaat akkoord met die stelling. Acerta onderzocht wat de werkgevers doen om de inzetbaarheid van het personeel te ondersteunen. Slechts 54 procent van de onderzochte ondernemingen kondigt intern vacatures aan. Iets meer dan een derde biedt opleidingen en flexibel werken aan (respectievelijk 35 en 33 %). Verwachtingen van de werknemer worden bij bijna de helft van de ondervraagden (40 %) zelfs nooit in kaart gebracht. Chris Wuytens, managing director van Acerta Consult, waarschuwt: "Het personeel is voor een bedrijf van kapitaal belang. Aangezien we langer moeten werken, wordt het voor bedrijven belangrijk om te investeren in de inzetbaarheid van hun menselijk kapitaal. Zo kunnen ze gemakkelijker hun mensen behouden wanneer de zoektocht naar talent ingewikkeld en moeizaam verloopt. Dat zal de groei van het bedrijf ondersteunen. Ik raad de werkgevers dan ook aan de competenties en drijfveren van werknemers goed in kaart te brengen." Wuytens pleit voor een betere dialoog in het bedrijf. "Ik heb het dan over de individuele dialoog tussen werkgever en werknemer, eerder dan de algemene sociale dialoog tussen vakbonden en werkgevers. Indien er geen dialoog is, weegt dat op de motivatie van de werknemer." Er is inderdaad weinig communicatie in tal van bedrijven. 44 procent van de ondervraagde werknemers staat open om door te stromen in hun onderneming, maar 33 procent heeft nog nooit een onderhoud gehad om de loopbaanmogelijkheden te bespreken. Volgens Chris Wuytens wordt vaak voor de gemakkelijkheidsoplossing gekozen: bestaande vormen van flexibiliteit worden zonder veel discussie collectief toegekend. "De werkgever doet veel voor de werknemer:van tijdskrediet, glijdende werkuren over de klassieke hospitalisatieverzekering en pensioensparen tot een sinterklaasfeest. Werkgevers geven gemiddeld 30 voordelen aan hun werknemers. Dat kost een massa geld, maar die voordelen komen er zonder veel overleg en zonder kader. Ik geef een voorbeeld: een bedrijf geeft aan iedereen een treinabonnement. Maar wat als de helft dat niet waardevol vindt? Ik zou zeggen: laat de werknemers meer individueel kiezen." Maar dan moet ook de wetgeving worden aangepast: die is op veel vlakken stringent. Dirk Wijns (director Acerta Consult): "Ze biedt vaak onvoldoende ruimte aan werkgever en werknemers om individuele keuzes te maken. Zo kan een werknemer vandaag niet de keuze maken om betaalde vakantiedagen in te ruilen voor andere voordelen of moeten door deeltijdsen gepresteerde meeruren onmiddellijk uitbetaald worden waardoor hij er niet voor kan kiezen om deze later te recupereren." Alain Mouton