Kunnen we economische groei nastreven en tegelijk nadenken over de langetermijn-impact van ons economisch handelen? Het is allemaal goed en wel dat er in de groeilanden een middenklasse ontstaat die massaal goederen als diepvriezers, vaatwassers en dure wagens begint te kopen. Waar wat is het ecologische effect van die consumptiehonger? Moeten economische actoren hier geen rekening mee houden?
...

Kunnen we economische groei nastreven en tegelijk nadenken over de langetermijn-impact van ons economisch handelen? Het is allemaal goed en wel dat er in de groeilanden een middenklasse ontstaat die massaal goederen als diepvriezers, vaatwassers en dure wagens begint te kopen. Waar wat is het ecologische effect van die consumptiehonger? Moeten economische actoren hier geen rekening mee houden? Het is de vraag die Diane Coyle in haar boek The Economics of Enough stelt. Coyle is doctor in de economie, ze heeft een PhD van Harvard, en ze is visiting professor aan de Universiteit van Manchester. Tegelijk runt ze haar adviesbureau Enlightenment Economics. Coyle zegt dat we te weinig wakker liggen van de langetermijneffecten van ons economisch handelen. En dan heeft ze het niet alleen over de mogelijke impact op het milieu. Zo is een van de achterliggende oorzaken van de crisis dat we te weinig rekening houden met de toekomst. Dat is empirisch vastgesteld in de behavioral economics. Hoe verder weg een thema in de toekomst ligt, hoe minder belangrijk het lijkt. Jongeren liggen bijvoorbeeld niet wakker van het pensioen dat ze een halve eeuw later kunnen krijgen. Anders uitgedrukt, laat mensen kiezen tussen 50 euro vandaag of 100 euro over een jaar, en velen kiezen voor de zekere 50 euro. Maar als het probleem geherformuleerd wordt naar 50 euro over vijf jaar en 100 euro over zes jaar, wat in essentie dezelfde keuze is als hiervoor, dan kiezen velen plots voor de 100 euro. Economisten noemen dat fenomeen hyperbolic discounting. Coyle beseft dat het moeilijk is dit soort gedrag, dat in elke mens ingebakken zit, te wijzigen. De enige oplossing is om mensen op hun inconsistente keuzes te wijzen en ze bewust te maken van de impact van een aantal fenomenen op lange termijn. Net zoals een aantal andere alternatieve economen meent Coyle dat het bruto binnenlands product (bbp) geen goede graadmeter is voor de welvaart van een land. Ze pleit ervoor om langetermijnverplichtingen, bijvoorbeeld pensioenverplichtingen, op te nemen in dat product. Hierdoor wordt de last van de toekomstige pensioen- en welvaartsverplichtingen duidelijk gemaakt. Landen met zware toekomstige verplichtingen bekomen hierdoor automatisch een lager bbp. Ze pleit er ook voor om de exuberante bonussen in het bedrijfsleven tegen zeer hoge tarieven, tot 90 procent, te belasten. Dat zet bedrijfsleiders ertoe aan om meer te kiezen voor een langetermijnstrategie. Tot slot wil Coyle dat de instellingen, zowel politieke als economische, beter werken. "Internationale instellingen moeten een public service-missie omhelzen, openheid nastreven en een grotere betrokkenheid met het publiek vertonen." Klinkt nogal wollig en vooral: wie kan daar tegen zijn? Met haar boek blijft Coyle binnen het raamwerk van de klassieke economie. Geen radicale oplossingen bij haar, ze heeft haar opleiding economie aan Harvard gekregen. Diane Coyle, The Economics of Enough. How to run the economy as if the future matters, Princeton University Press, 2012, 360 blz., 25 euro THIERRY DEBELS