Twee eeuwen geleden vochten de VS en Groot-Brittannië een oorlog uit om het koloniale Canada. De Republikeinse regering in Washington was voorstander van een beperkte staatsmacht, lage belastingen en democratie. Haar Britse vijand geloofde in niets van dat alles. In 2012 schuift Canada naar die oude Republikeinse visie, terwijl de Verenigde Staten afdrijven naar een grotere staatsinmenging.
...

Twee eeuwen geleden vochten de VS en Groot-Brittannië een oorlog uit om het koloniale Canada. De Republikeinse regering in Washington was voorstander van een beperkte staatsmacht, lage belastingen en democratie. Haar Britse vijand geloofde in niets van dat alles. In 2012 schuift Canada naar die oude Republikeinse visie, terwijl de Verenigde Staten afdrijven naar een grotere staatsinmenging. Dat is deels toeval. Vóór de economische crisis van 2008 floreerden de Canadese overheidsfinanciën, en het land slaagde erin om de hevige klappen te ontwijken die banken omver wierpen en de Amerikaanse economie verlamden. Dat stelde de Conservatieve regering van Stephen Harper in staat om de noodstimuli in 2011 af te blazen en maatregelen in de plaats te stellen om het begrotingstekort tegen 2014-15, grotendeels via besparingen, weg te werken. De regering had dus geen belastingverhoging nodig om haar financiën weer op het goede spoor te zetten, noch moest ze de geplande verlaging van de federale vennootschapsbelasting afvoeren, die in 2012 daalt tot 15 procent. Dat is het laagste tarief van de G7. De stevige vraag vanuit de opkomende economieën naar de grondstoffen die Canada produceert, verzacht de effecten van de tragere groei in de Verenigde Staten. Hetzelfde geldt voor de afhandeling van twee onderhandelingen die tot doel hebben de handel op te voeren: een Canadees-Europese handelsovereenkomst en een akkoord met de Verenigde Staten dat de vertragingen aan de grens moet verminderen. Op dit ogenblik hebben 45 instanties in de twee landen gegevens nodig als goederen de grens oversteken. Het akkoord moet de reglementering harmoniseren en het aantal dubbele aanvragen voor dezelfde gegevens terugdringen. Harper bracht zijn jeugd door in Al-berta, de westelijke Canadese provin- cie die erg beïnvloed is door de opvattingen van de Amerikaanse kolonisten. Hij is er al lang voorstander van het ondernemerschap te bevorderen en de greep van de overheid op het leven van de mensen tot een minimum te beperken. In mei 2011 haalde hij een Conservatieve meerderheid naar het Lagerhuis en hij is nu goed geplaatst om zijn visie door te drukken. De New Democratic Party bleef verweesd in de oppositie achter na het overlijden van haar leider Jack Layton in augustus 2011. Ze wacht tot maart 2012 om een opvolger te kiezen. De opvolgingsstrijd heeft al een indrukwekkende reeks kandidaten aangetrokken, onder wie een aanvoerder van de Cree-indianen uit Noord-Québec en een Sikh-zakenman uit Nova Scotia. De partij kiest echter waarschijnlijk voor ofwel haar voorzitter, Brian Topp, of voor Thomas Mulcair, een parlementslid uit Montréal. Het idee om samen te smelten met de ooit machtige Liberalen wordt waarschijnlijk een discussiepunt tijdens de campagne voor het leiderschap van de Liberal Party die eindigt met een conventie in 2013. Een van de erfenissen van de oorlog van 1812 versterkt Harpers positie: de invoering van een op Westminster geïnspireerde stijl van regeren in de kolonies die in 1867 samensmolten tot Canada. Als eerste minister met een meerderheid in beide kamers van het parlement heeft Harper de handen zo goed als vrij om het land te besturen. De enige ernstige moeilijkheden kunnen komen van de rechtbanken en de publieke opinie. Van zoveel binnenlandse macht kunnen Amerikaanse presidenten alleen maar dromen. De verkiezingskalender heeft Canada nog een laatste voordeel bezorgd in 2012: de verkiezingen voor het Congres en de president in de Verenigde Staten zorgen bezuiden de grens voor constante campagnestrijd; Canada daarentegen geniet van een ongebruikelijke periode van politieke stabiliteit. De auteur is correspondent in Canada van The Economist.MADELAINE DROHANVan zoveel binnenlandse macht kunnen Amerikaanse presidenten alleen maar dromen.