In de paasvakantie huurde ik een camper en trok ik met de meest fervente surfer uit mijn vriendenkring naar de Frans-Spaanse kust, met de bedoeling om zowel onze vriendschap aan te sterken als nieuwe ervaringen op te doen. Onderweg naar onze bestemming, leidde mijn beslissing om ter plaatse surfmateriaal te huren al snel tot een interessante discussie.
...

In de paasvakantie huurde ik een camper en trok ik met de meest fervente surfer uit mijn vriendenkring naar de Frans-Spaanse kust, met de bedoeling om zowel onze vriendschap aan te sterken als nieuwe ervaringen op te doen. Onderweg naar onze bestemming, leidde mijn beslissing om ter plaatse surfmateriaal te huren al snel tot een interessante discussie. In tegenstelling tot ikzelf, had mijn reisgenote snel na haar eerste surfervaring haar eigen materiaal aangekocht. Dat deed ze naar eigen zeggen omdat kwalitatief huurmateriaal niet altijd en overal beschikbaar is, maar ook en vooral omdat de kostprijs van huren al snel hoger ligt dan voor het aankopen van de spullen. Na drie dagen op pad had ik inderdaad al meer geld uitgegeven aan gehuurd materiaal, dan het mij zou hebben gekost mocht ik de spullen hebben aangekocht. Financieel zou ik het er dus perfect hebben uitgehaald, zoals mijn reisgezel me op het hart had gedrukt. Dat huren eigenlijk neerkomt op geld weggooien, staat diep in ons collectief geheugen gegrift. Wat evenwel steevast in die redenering ontbreekt, is de reële en totale kostprijs ervan. Wat surf- en sportmateriaal, maar ook campers en pakweg wasmachines gemeenschappelijk hebben, is dat ze allemaal een verzameling van kostbare grondstoffen zijn. Dan bedoel ik niet alleen de materialen die ervoor gebruikt worden, maar ook de energie, de ruimte en de tijd die nodig is om die producten te maken, vervoeren en recycleren, en de bijbehorende neveneffecten. Als je die verborgen kosten mee in beeld brengt, krijgt de discussie over huren en kopen al snel een andere wending. De meest logische keuze vereist dan ook een inschatting van de minimale intensiteit waarmee je producten moet gebruiken. Om die inschatting te maken, doen sommige bedrijven een beroep op life cycle analyses (LCA), die de volledige impact van een product trachten te becijferen. Zulke analyses worden echter vaak gestuurd door onderliggende assumpties en kunnen anders uitvallen al naargelang de instantie die ze uitvoert. Resultaat? Uiteenlopende inschattingen van de totale impact, die opnieuw het signaal geven dat duurzame keuzes maken ondankbaar nattevingerwerk is. In een poging dit dilemma te overbruggen, gaan er al jaren stemmen op voor het uitdrukken in geld van onder andere de milieueffecten van producten. Op die manier zouden we de volledige impact van producten beter kunnen inschatten en vergelijken om duurzame keuzes maken. Al vraag ik me af of we het allemaal werkelijk zo tastbaar moeten maken. Is duurzaamheid complex, of maken we het graag complex omdat het ons een argument geeft om er geen rekening mee te houden? Zelfs zonder exacte berekeningen, bent u volgens mij goed in staat om in te schatten vanaf wanneer een individuele aankoop werkelijk gerechtvaardigd is. De voornaamste reden dat we die inschatting niet maken, is volgens mij niet dat duurzaamheid te complex is, maar wel dat we voldoende middelen hebben om eraan voorbij te gaan. Huren of kopen? Zowel mijn reisgezel als ikzelf zou er geen boterham minder om hebben gegeten. Mensen die werkelijk het budget niet hebben om een surfplank te huren in plaats van te kopen, zullen waarschijnlijk al blij zijn als ze überhaupt op vakantie kunnen gaan. Wat als bedrijven zich dus in de toekomst zouden buigen over het verrijken van levens door toegankelijke ervaringen in plaats van betaalbare producten met een verborgen prijs? Meer dan complexe analyses, is zo'n surfreis misschien nog de beste manier om duurzaamheid verrassend eenvoudig te maken. Probeert u het ook?