Mark S. Mizruchi, The Fracturing of the American Corporate Elite, Harvard Business Press, 2013, 384 blz., 31,50 euro
...

Mark S. Mizruchi, The Fracturing of the American Corporate Elite, Harvard Business Press, 2013, 384 blz., 31,50 euroKort na het begin van de Koreaanse oorlog in 1950 ondersteunden de Amerikaanse Kamer van Koophandel en de werkgevers het voorstel om de belastingen te verhogen om fondsen voor de oorlog te verzamelen. Drie jaar later, toen president Dwight D. Eisenhower een verlenging van een uitzonderlijke winstbelasting op bedrijven (dexcess-profits tax on corporations) vroeg, steunden de CEO's het idee, en waren er zelfs positieve echo's te lezen in de New York Times. Later in het decennium steunden de werkgevers een verhoging van de belastingen op brandstof om de Interstate Highway te financieren. In 1966 pleitten ze voor een tijdelijke stijging van de inkomstenbelasting om het be-grotingstekort als gevolg van de oorlog in Vietnam tegen te gaan. Het verschil met vandaag kan niet groter zijn, stelt Mark Mizruchi in The Fracturing of the American Corporate Elite vast. Nu zijn alle bedrijfsleiders enorm allergisch voor elke vorm van belastingen. Zijn boek is een bijzonder interessante analyse over de top van het Amerikaans bedrijfsleven en hoe die al of niet verschilt met vroeger. Zijn bevindingen slaan op de VS, maar kunnen probleemloos geëxtrapoleerd worden naar Europa. Met zijn voorbeelden over de manier waarop CEO's een halve eeuw geleden deelnamen aan het maatschappelijk debat wil Mizruchi vooral aantonen dat CEO's niet in een ivoren toren leefden. Ze waren ook niet alleen geïnteresseerd in winst voor hun bedrijf, maar zijn ook bezorgd om de toekomst van de publieke financiën en uitdagingen als de vergrijzing. Na de Tweede Wereldoorlog legden, zoals de voorbeelden uit de jaren vijftig aantonen, de Amerikaanse bedrijfsleiders een sterk gevoel van burgerzin aan de dag. In de jaren zeventig werden ze geconfronteerd met inflatie, buitenlandse concurrentie, vooral uit Japan, en toenemende publieke kritiek. De overnamegolf van de jaren tachtig voerde de druk nog op om zich te concentreren op de aandeelhouderswaarde en de winst op korte termijn in plaats van op de langetermijnproblemen van de maatschappij. Vandaag is de bedrijfselite volgens de auteur een gefragmenteerde groep die niet meer bereid is de grote problemen aan te pakken, ondanks ongekende rijkdom. "De zakelijke elites hebben afgezien van hun pragmatische interesse in het collectieve goed, en streven ernaar om voordelen voor hun bedrijven veilig te stellen", stelt Mizruchi nuchter vast. Ondanks een paar afwijkende stemmen, zoals Warren Buffett en Robert Rubin, zijn bedrijfsleiders tegen belastingverhogingen, zelfs voor diegenen die tientallen miljoenen per jaar verdienen. 'Fix the Debt', een groep van economisten en intellectuelen gewijd aan de vermindering van de staatsschuld, heeft zich bijna uitsluitend gericht op bezuinigingen, terwijl ze tegelijk pleiten voor lagere belastingtarieven. "De Amerikaanse bedrijfselite van de naoorlogse periode had een gevoel van verantwoordelijkheid en was bereid belastingen voor haar eigen leden te ondersteunen. De economische elites van vandaag, daarentegen, zijn zeer succesvol in het verkrijgen van politieke gunsten voor zichzelf, maar ze hebben weinig bereidheid getoond om de maatschappelijke problemen aan te pakken." THIERRY DEBELS