Het aantal publicaties dat de voorbije jaren over de Tweede Wereldoorlog is verschenen, blijft indrukwekkend. Tal van vooraanstaande historici zoals Andrew Roberts, Max Hastings of Ian Kershaw en Anthony Beevor zetten er nog altijd hun tanden in. Ontstond door precies al die lijvige werken ruimte voor een beknopt overzicht? Het recentste werk van Norman Stone, overigens nog zo'n grote naam in de gilde van de historici, is er zo een. Eerder publiceerde hij al een short story over de Eerste Wereldoorlog en een over Turkije, waar deze oud-adviseur van Margaret Thatcher doceert. Na een carrière die hem via Cambridge naar...

Het aantal publicaties dat de voorbije jaren over de Tweede Wereldoorlog is verschenen, blijft indrukwekkend. Tal van vooraanstaande historici zoals Andrew Roberts, Max Hastings of Ian Kershaw en Anthony Beevor zetten er nog altijd hun tanden in. Ontstond door precies al die lijvige werken ruimte voor een beknopt overzicht? Het recentste werk van Norman Stone, overigens nog zo'n grote naam in de gilde van de historici, is er zo een. Eerder publiceerde hij al een short story over de Eerste Wereldoorlog en een over Turkije, waar deze oud-adviseur van Margaret Thatcher doceert. Na een carrière die hem via Cambridge naar Oxford heeft geleid, aanvaardde hij in 1997 een aanbod van de Bilkent Universiteit in Ankara. De verschillende componenten van de Tweede Wereldoorlog waar zijn collega's uitgebreid op ingaan, krijgen van Stone slechts een summiere vermelding. Dat is ook onvermijdelijk als je zo veel informatie op amper 272 pagina's wil proppen. De lengte is zowel de sterkte als de zwakte van de oefening. Een eerste zaak die in het oog springt, zijn de gemengde gevoelens waarmee deze korte geschiedenis ontvangen is. Scherpe kritiek kwam er van de vakhistorici. De focus van Stone ligt erg sterk op het Oostfront. En al wat zich in het Verre Oosten afspeelde -- en dat van dit treffen een wereldbrand maakte -- krijgt onvoldoende aandacht. Bovendien blijken verschillende feitelijke fouten in het werk geslopen te zijn. Volgens zijn confraters zijn bij de hongersnood in Oekraïne in de jaren dertig geen 8 miljoen slachtoffers gevallen, maar net niet de helft van dat getal. Het is slechts één voorbeeld uit een lange rij. Interessanter is de kritiek dat de auteur onvoldoende rekening houdt met recentere onderzoeken, die in grote mate gebruik konden maken van de toegankelijkheid van de Sovjetarchieven. Te veel, zo blijkt, legt Stone de nadruk op Duitsland als enige schuldige voor het conflict, terwijl zich de voorbije jaren tal van nuances ontwikkeld hebben. Omstreden is ook de stelling dat de oorlog een jaar eerder beëindigd had kunnen worden als de geallieerden al in 1943 het Kanaal overgestoken waren. Maar er zijn ook liefhebbers. Stone is een man die schrijft met humor en cynisme. Dat ondertoontje maakt vaak het verschil, net als zijn woordspelingen. De auteur staat ook bekend voor de overdrijvingen waarmee hij, zodra men er wat dieper over nadenkt, toch erg dicht bij de essentie komt. Een voorbeeld: "Churchill was een reactionair, en echte reactionairen haten Adolf Hitler, de meest revolutionaire figuur uit de Duitse geschiedenis." De Tweede Wereldoorlog heeft Norman Stone in zijn diepste privéleven geraakt. Zijn vader, docent rechten aan de universiteit van Glasgow, werd piloot bij de RAF tijdens de Battle of Britain. Zodra het kon, werd hij instructeur. In februari 1942 verongelukte hij boven Wales. Collega-officieren van vader Stone zamelden geld in om de studies van zijn zoon te betalen. We durven er gif op in te nemen dat ze zich de investering niet beklaagd hebben. Norman Stone, World War Two: a Short History, Londen, Allen Lane, 2013, 272 blz., 25 euroMICHAËL VANDAMME