Nu staan op het zogenaamde Cotton Island - het gebied tussen de Edward Py-naertkaai en de Franse Vaart net buiten de Gentse stadsring - luxueuze appartementen en lofts in een mooi park. Toch herbergde de site niet zo lang geleden een oude rubberfabriek. "In 2007 hebben wij beslist al onze kennis te combineren in projectontwikkeling", zegt Jean-Marie de Buck, gedelegeerd bestuurder van Aclagro. "Wij kopen vervuilde terreinen op en nemen de saneringsplicht over. Na afbraak reinigen we de site en met een aannemer zetten we er nieuwe gebouwen. Cotton Island hebben we zo gerealiseerd. Een tweede commerciële project wordt het Lievehof, ook in Gent. Begin januari starten we met de afbraakwerken en het sanere...

Nu staan op het zogenaamde Cotton Island - het gebied tussen de Edward Py-naertkaai en de Franse Vaart net buiten de Gentse stadsring - luxueuze appartementen en lofts in een mooi park. Toch herbergde de site niet zo lang geleden een oude rubberfabriek. "In 2007 hebben wij beslist al onze kennis te combineren in projectontwikkeling", zegt Jean-Marie de Buck, gedelegeerd bestuurder van Aclagro. "Wij kopen vervuilde terreinen op en nemen de saneringsplicht over. Na afbraak reinigen we de site en met een aannemer zetten we er nieuwe gebouwen. Cotton Island hebben we zo gerealiseerd. Een tweede commerciële project wordt het Lievehof, ook in Gent. Begin januari starten we met de afbraakwerken en het saneren van de oude verffabriek." Om de grond van vervuilde sites te hergebruiken, zijn er verschillende technieken. Aclagro maakt vooral gebruik van biologische grondreiniging: de activiteit van bacteriën wordt gestimuleerd om zo minerale oliën, zoals benzine en stookolie, af te breken. Zodra de grond opnieuw proper is, wordt hij hergebruikt. Dat proces is al langer bekend, maar het toepassen op industriële schaal is volgens De Buck vrij uniek in België en zelfs in Europa. Aclagro startte in 2008 dan ook een eigen grondreinigingcentrum waar jaarlijks 100.000 tot 150.000 ton verontreinigde grond gezuiverd wordt. Daarbij wordt ook aan het ecologische aspect gedacht. Alle loodsen zijn uitgerust met zonnepanelen en de grond wordt zoveel mogelijk getransporteerd met schepen in plaats van de meer milieubelastende vrachtwagens. Nog dit jaar krijgt Aclagro dan ook een eigen kaai in de haven van Gent. Een andere techniek is het wassen van grond. Grotere bestanddelen zoals zandkorrels worden dan gescheiden van kleinere bestanddelen zoals leem en klei, die gebonden zijn met verontreinigende zware metalen. Het zand kan opnieuw worden gebruikt, de rest wordt gestort. Dat is ook het enige dat Aclagro stort, want voor de overige afvalstromen heeft het bedrijf een recyclagecentrum. Het bouwafval dat ontstaat bij het afbreken van wegen of slopen van gebouwen wordt tot kleine stukken gebroken en gebruikt voor de onderfundering van nieuwe wegen. 200.000 tot 250.000 ton bouwafval per jaar wordt op deze manier gerecycleerd. In Vlaanderen is de saneringssector een van de vooruitstrevende markten. "Onlangs zijn we ook in Wallonië begonnen met saneren en er liggen waarschijnlijk nog heel wat kansen in andere Europese markten. Het is afwachten wat de Europese wetgeving brengt, maar momenteel wordt in het buitenland de vervuilde grond voornamelijk opgegraven en ergens anders gestort. Zo verplaatst men het probleem gewoon, men pakt het niet echt aan. De technologie en kennis die wij hier hebben, is in het buitenland nog niet aanwezig." Voor de omzet van Aclagro zijn de infrastructuurwerken het belangrijkst, maar de afbraakwerken, bodemsanering en projectontwikkeling vormen grote groeisectoren. "Onder infrastructuurwerken verstaan we belangrijke werken onder de grond. Voor Aquafin plaatsen wij bijvoorbeeld grote persleidingen om vuil huishoudwater naar de zuiveringsinstallaties te brengen. Tot de afbraakwerken behoort niet alleen het slopen van oude gebouwen en structuren, maar ook het ontmantelen van gebouwen. Nu de nadruk alsmaar meer op duurzaam bouwen ligt, wordt dit steeds vaker toegepast. Het karkas wordt behouden, maar de elektriciteit, wanden, plafonds,... gaan eruit. Zo kan de aannemer starten vanuit de ruwe structuur. Dat levert een aanzienlijke besparing op en een minder grote ecologische voetafdruk. Annick Claus