Vijftig bedrijven zouden moeten worden onteigend om het Albertkanaal ook in Wijnegem, Merksem en Schoten - dé stop tussen het Albertkanaal en de Antwerpse haven - tot 86 meter te verbreden zodat duwvaartkonvooien er elkaar ongehinderd kunnen kruisen. Maar op die manier krijgen we uiteindelijk een kanaal voor bedrijven die er niet meer zijn, zo begreep men op het kabinet van minister van Openbare Werken Eddy Baldewijns (SP).
...

Vijftig bedrijven zouden moeten worden onteigend om het Albertkanaal ook in Wijnegem, Merksem en Schoten - dé stop tussen het Albertkanaal en de Antwerpse haven - tot 86 meter te verbreden zodat duwvaartkonvooien er elkaar ongehinderd kunnen kruisen. Maar op die manier krijgen we uiteindelijk een kanaal voor bedrijven die er niet meer zijn, zo begreep men op het kabinet van minister van Openbare Werken Eddy Baldewijns (SP). Het Albertkanaal, gebouwd in de jaren dertig, botste twee decennia later al tegen zijn capaciteitsgrenzen. In de jaren zestig werd begonnen met de verbreding ervan en met de bouw van duwvaartsluizen van 200 meter bij 24 meter. Op 500 meter in Gellik/Eigenbilzen na, die dit jaar nog worden aangepakt, is deze operatie voltooid. Behalve in Wijnegem. "De eerste optie, onteigenen en verbreden tot 86 meter, werd al snel afgeschoten," zegt Ludo Plessers, voorzitter van de Projectgroep die binnen de administratie Waterwegen en Zeewezen voor deze stop een oplossing zoekt. "Vervolgens kregen wij de opdracht een haalbare oplossing te zoeken waarbij de duwvaart toch maximaal kansen krijgt." En hieruit blijkt de nieuwe aanpak van de administratie. "Vroeger gingen wij ervan uit dat een kanaal alleen dient voor de scheepvaart. Dus bouwden wij kanalen, en wat in de weg lag, werd onteigend," gaat Plessers verder. "Nu vertrekken wij van het standpunt dat waterwegen multifunctioneel zijn. Zij worden gebruikt voor de afvoer van regenwater, leveren drinkwater en proceswater, en vervullen een belangrijke ecologische en recreatieve functie."In de Projectgroep zitten onder meer de wegbeheerders (inzake mobiliteit moet rekening worden gehouden met het Masterplan voor Antwerpen), de NMBS en De Lijn, alle betrokken gemeentebesturen, Aminal, Ruimtelijke Ordening, Ovam, het Instituut voor het Archeologisch Patrimonium, de binnenvaartorganisaties en de Dienst voor de Scheepvaart. "Ieder die van ver of dichtbij met deze verbreding te maken heeft, krijgt zijn zeg," licht Plessers de nieuwe aanpak toe. "Maar dat betekent nog niet dat iedereen in alles zijn zin kan krijgen. Als wij evenwel merken dat wij binnen onze plannen een meerwaarde kunnen bieden aan de omliggende gemeenten zullen wij dat niet nalaten." Bedoeling is dat de Projectgroep nu een Startnota opstelt die in september wordt besproken in het college van afdelingshoofden van Waterwegen en Zeewezen. In deze nota worden de ideeën van de projectgroep nader toegelicht, wordt een eerste kostenraming gemaakt en een overzicht gegeven van de nog uit te voeren detailstudies. "Op basis hiervan kan de minister onze conclusies (eventueel) bijsturen en vervolgens zijn beslissing nemen," zegt Plessers. En vooruitkijkend: "Wij denken nu aan een verbreding zodat een volledig duwkonvooi een 'half' konvooi van twee duwbakken kan kruisen. De kostprijs hiervan kan 5 of 6 miljard frank bedragen. Half 1999 zal ter zake de knoop worden doorgehakt."