Topman Jos Sluys van human-resourcesdienstverlener Arinso haalde onlangs minister van Ambtenarenzaken Luc Van den Bossche ( SP.A) binnen als extern bestuurder. Tijdens de voorstelling was het echter Sluys' jarenlange vriend LucOsselaer, de director communications & investor relations van Arinso, die de honneurs waarnam. Hij is net terug van een tocht in Australië. Alleen.
...

Topman Jos Sluys van human-resourcesdienstverlener Arinso haalde onlangs minister van Ambtenarenzaken Luc Van den Bossche ( SP.A) binnen als extern bestuurder. Tijdens de voorstelling was het echter Sluys' jarenlange vriend LucOsselaer, de director communications & investor relations van Arinso, die de honneurs waarnam. Hij is net terug van een tocht in Australië. Alleen. Luc Osselaer (38), afkomstig uit Brugge maar nu een fiere Gentenaar, illustreert dat ondernemen niet noodzakelijk in de genen zit. "Niemand in mijn familie is ooit een zelfstandige geweest, niemand heeft zelfs maar in een bedrijf gewerkt," zegt hij. Zijn vader was beroepsmilitair, hij zelf wou absoluut in het onderwijs. Studies Romaanse filologie in Gent deden hem van Spanje houden maar zijn roeping vergeten. Hij begon een MBA aan de Vlerick-school. "Dat heeft mijn visie op het leven fel veranderd," zegt hij. Hij raakte er in tempore non suspecto bevriend met Jos Sluys, de latere oprichter van Arinso. Na zijn legerdienst bij de marine mocht Osselaer in 1988 bij Vlerick beginnen als begeleider van starters. "Ik heb er toen een honderdtal begeleid - en zo'n 500 businessplannen bekeken - in alle mogelijke sectoren. Het heeft me vooral geleerd dat je met voldoende wilskracht en een goed idee een bedrijf kan opbouwen." Hij mocht zijn ervaring in de praktijk brengen als gedelegeerd bestuurder bij InCasu, toen een nieuw filiaal van reclameagentschap Vandekerckhove: corporate communications op een moment dat nog niet zovelen daarmee bezig waren. Twee jaar later stapte Osselaer met een voorstel voor een management buy-out naar zijn aandeelhouders. "En zoals dat vaak gaat: we waren het over alles eens, behalve over de prijs," zegt hij. Het was het signaal om voor eigen rekening te beginnen, in mei 1992, met zijn toenmalige vriendin (intussen echtgenote) Louise Smeets. Ellips Communication won Sidmar als klant, nam er in de volgende jaren twee nieuwe partners bij ( DimitriCasteleyn en LucMissinne) en breidde uit van interne communicatie naar corporate communications en meer algemene pr, ook voor multinationals als Nutreco en IMSHealth. "Toen we in 2000 verkochten aan het pr-bedrijf Porter Novelli waren we met 38 en was het echt moeilijk geworden om zelfstandig verder door te groeien. We zaten aan de top." Over de verkoop was twee jaar onderhandeld, maar de timing kon nauwelijks beter. Ellips boekte dat jaar een recordnettowinst van 1,1 miljoen euro. "Timing is iets waarin je pas achteraf succesvol blijkt te zijn," zegt Osselaer. "Porter Novelli en moeder Omnicom wisten dat ik niet zou blijven. Wij waren met 38, Omnicom met 38.000. Ik had er geen behoefte aan om één pro mille van die groep te gaan managen." Met Ellips was Luc Osselaer niet aan zijn proefstuk toe. In 1995 had hij als een diversificatie van Ellips mee E-Com Interactive Expertise opgericht, een van de eerste bouwers van internettoepassingen voor grote bedrijven. E-com werd in 1998 - toen het al groter was dan Ellips zelf - verkocht aan Alcatel. "Het was een goede beslissing," zegt Osselaer. Blijft natuurlijk dat E-Com in de week voor de ondertekening StijnBijnens over de vloer kreeg met het voorstel om Netvision ( nvdr - het huidige Ubizen) en E-com te fuseren en samen naar de beurs te brengen. "We spraken over een 50/50 joint venture," zegt Osselaer. Maar hij was tegen. "Ik koos voor de zekerheid. Ik dacht dat het onmogelijk was dat een bedrijf zo jong naar de beurs kon gaan. Ik had ongelijk. Netvision deed het zelfs heel goed bij de introductie." Trots, koppigheid, een tikje ijdelheid. Het zijn ondernemersdeugden. "Je krijgt een Midas-reflex, je begint te denken dat iets zal lukken omdat jij erbij betrokken bent," zegt Osselaer. Hij ergert zich aan de graagte waarmee Vlaanderen Lernout & Hauspie aangreep om zichzelf te kastijden. Van zijn vrouw - een Hollandse uit Den Haag met wie hij vier nog jonge kinderen heeft - leerde hij dat Vlamingen op veel vlakken te bescheiden zijn. Maar Neo Group Partners, een initiatief om 'smart money' - geld en ondernemingservaring - bijeen te brengen in een fonds, liep vast op de dalende aandelenkoersen. "Onze start in 2001 was een jaar te laat of een jaar te vroeg." Uiteindelijk fuseerden Luc Osselaer, Peter Hinssen, Lieven Jaspaert en de andere investeerders-ondernemers hun schaarse Neo-participaties met het tweede fonds van Capricorn, waarin ze nu dus aandeelhouder zijn. Een geluk bij een ongeluk, vindt Osselaer. De samenwerking leverde hem wel de waardering van zijn collega's op. Getuigt een van hen: "Hij kon na een uur discussie - waarbij hij meestal wat terzijde bleef - op het whiteboard een paar schetsen of kernwoorden neerzetten, die een zo rake synthese vormden dat het ons met verstomming sloeg." Vandaag is Osselaer nog altijd bestuurder bij Porthus, een Gents internetdienstenbedrijf met intussen 46 medewerkers en 7 miljoen euro omzet. Osselaer ging eind 2001 bij Arinso werken, maar door zijn vriendschap met Sluys was hij eigenlijk al van bij de start in 1994 betrokken bij het automatiseringsbedrijf voor human-resourcesbeheer. Met Ellips begeleidde hij de beursintroductie van Arinso, op de top van de hype in maart 2000. Of hij daar dan zelf geen graantje van heeft meegepikt? Osselaer: "Ik had geen aandelen Arinso. Dat kwam niet ter sprake. Jos was ook geen aandeelhouder in Ellips. We proberen zaken en vriendschap te scheiden"Zijn werk bij Arinso houdt hij bewust op een drievijfdebaan. "Meer wil Jos niet betalen," grapt hij. In werkelijkheid wil hij tijd voor zijn gezin - "dat klinkt erg geitenwollensokkenachtig, hé" - en voor cultuur. Hij was een jaar voorzitter van het Gentse symfonieorkest Akademos. Vandaag steunt hij het Engelstalige theatergezelschap Belusa, opgezet door een Amerikaanse actrice en vriendin. Op zijn 38ste zet hij de dingen op een rijtje. Zijn behoefte aan verandering is zijn voornaamste kwalijke eigenschap, vindt hij zelf. Een nieuw leven in Australië ziet hij wel zitten. "Een van de hoogste ondernemerschapsratio's in de wereld. En telkens zeggen de mensen tegen je: No worries, mate." "Je krijgt een Midas-reflex, je begint te denken dat iets zal lukken omdat jij erbij betrokken bent."