De olieprijs noteert ruim 20 % onder piekniveau. Toch kostte een vat ruwe olie op 21 september nog altijd 60 dollar op de wereldmarkt. De eigenaars van het zwarte goud genieten van een schier eindeloze stroom petrodollars, maar ook de westerse maatschappijen pikken hun graantje mee. De winsten die ze publiceren steken de ogen uit.
...

De olieprijs noteert ruim 20 % onder piekniveau. Toch kostte een vat ruwe olie op 21 september nog altijd 60 dollar op de wereldmarkt. De eigenaars van het zwarte goud genieten van een schier eindeloze stroom petrodollars, maar ook de westerse maatschappijen pikken hun graantje mee. De winsten die ze publiceren steken de ogen uit. Het Amerikaanse ExxonMobil is een van die westerse private energiegiganten. ExxonMobil is qua marktkapitalisatie 's wereld grootste onderneming, met stevige belangen in België. "Maar denk niet dat we de olieprijs kunnen sturen omdat we zo groot zijn. ExxonMobil produceert 2,5 miljoen vaten olie per dag. Dat is amper 3 % van de wereldproductie en nog geen 2 % van de totale energieproductie van de wereld. Er zijn 55 ExxonMobils nodig om de wereld van energie te voorzien. We zijn overal prijsnemers," zegt Joost Van Roost, ingenieur en MBA'er, die al 25 jaar voor ExxonMobil werkt. Zijn lange lijst titels zijn vandaag samen te vatten tot topman van ExxonMobil Benelux. De oliemagnaten willen niet weten dat olie straks meer dan 100 dollar het vat kost. De theorie dat het olieaanbod nu al piekt, vegen ze van tafel. Voor hen hebben de fossiele brandstoffen hun vervaldatum nog lang niet bereikt. Van Roost: "We kunnen met het huidige productietempo nog 40 jaar verder met de huidige oliereserves. En die deadline schuift nog altijd verder op in de toekomst."JOOST VAN ROOST (EXXONMOBIL). "De huidige prijzen weerspiegelen de kostprijs om een vat olie te winnen niet. Je hebt geen 60 tot 70 dollar nodig om een vat ruwe olie op de markt te brengen. Het is de vrees voor schaarste die de prijs opgestuwd heeft. De reservecapaciteit is klein (ongeveer 2 % van het aanbod) en de raffinaderijen draaien op volle toeren. Het systeem is kwetsbaar, maar is nog nooit door de knieën gegaan. We hebben nog geen onderbreking van de oliestroom gekend. Daarnaast voedt ook speculatie de prijs. Er is veel geld gevloeid naar de oliemarkten. Als dat geld andere oorden opzoekt, kan dat ook een forse daling van de olieprijs uitlokken. "Het aanbod kan de vraag volgen. We schatten het groeitempo van de vraag op 1,6 % per jaar. In 2004 is onder impuls van China de vraag sterker gegroeid (ongeveer 2,5 %), wat het startschot was voor de forse prijsstijgingen. Maar nu stijgt de vraag opnieuw minder snel. De wereldeconomie voelt ook de effecten van de dure olie. Dat de economie desondanks sterk bleef groeien, is een teken dat ze heel robuust is. Maar het extra olieaanbod dat op de markt komt en de minder snel stijgende vraag zullen de prijzen afkoelen. Vraag me alleen niet wanneer en hoeveel."VAN ROOST. "Op aarde zijn 3200 miljard vaten winbare olie- reserves gevonden. Daarvan zijn er 1000 miljard opgepompt. Bovendien wordt er nu ongeveer evenveel nieuwe olie gevonden als er verbruikt wordt. We houden daarbij geen rekening met de niet-conventionele reserves (zoals olie uit teerzanden, leisteen of de diepzee) en met de verbetering van de technologie die moet toelaten om meer olie uit bestaande bronnen te putten. Uit een bepaald veld kunnen we 40% van de beschikbare olie oppompen tegenover 28% in 1982. Dit is indicatief voor de hele sector. We onderschatten vaak hoeveel nieuwe capaciteit ontwikkeld kan worden. Iedere meter die we veroveren op de diepzee ontsluit enorme potentiële winningsgebieden. "Maar er moet wel fors geïnvesteerd worden om alleen al de huidige productie op peil te houden. Na twee tot drie jaar boert de productie van een olieput al achteruit, en na 15 tot 20 jaar is die leeg. De productie uit bestaande velden daalt met 4 % tot 6 % per jaar. Om de productie op te trekken, moet je dus elk jaar niet alleen in bijkomende bronnen investeren, maar ook de natuurlijke terugval goedmaken. De uitdaging is om elk jaar 10 % nieuwe capaciteit aan de lijn te brengen. Dat vraagt veel geld en veel gespecialiseerde mensen. Kan de westerse wereld dat financieren? Ja, zegt het IEA, maar het kan maar net op basis van de huidige spaarquote van de wereld. "ExxonMobil kan elk jaar de opgepompte reserves vervangen door nieuwe reserves. We blijven olie vinden. Na een periode van stagnatie steeg onze productie het vorige kwartaal met 6 %. De projecten managen en op tijd bouwen is de grote uitdaging. Voor de olie-industrie is er een beperkte capaciteit aannemers, staal, buizen, ingenieurs. Er is een organische grens aan de groei van de olie-industrie. "Intussen staat de technologie niet stil. Om onze CEO te citeren: er is nooit gemakkelijke olie geweest. Wat vroeger moeilijk ontginbare olie was, is vandaag gemakkelijk ontginbare olie. En er waren altijd geopolitieke risico's, ofwel door concurrentie tussen de machtsblokken, ofwel door instabiliteit van de regimes die de olievelden controleerden. Het ging ook 30 of 50 jaar geleden niet gemakkelijk." VAN ROOST. "Tegen 2030 stijgt het energieverbruik met 1,6 % per jaar. De wereld heeft dan 334 miljoen olievaten per dag nodig tegenover ongeveer 200 miljoen nu. Als men de wereld wil blijven voorzien van energie, zal men op alle fronten moeten werken: kernenergie, aardgas, steenkool en olie. We hebben alles nodig. Steenkool als energiebron groeit trouwens sneller dan gemiddeld." VAN ROOST. "Het lijkt erop, maar er zijn eerst een paar boringen nodig om de juiste omvang te kunnen inschatten. Enthousiasme en ontgoocheling wisselen elkaar wel eens af in de Golf van Mexico. Maar men vindt er nieuwe olie door steeds dieper te gaan." VAN ROOST. "Ik heb daar geen indicatie van gezien. Het aanbod is voldoende divers met spelers die geloven in vrije markten. Een kartel organiseren is trouwens niet gemakkelijk. Europa is afhankelijk van de aardgasleveranciers en dat is een terechte bezorgdheid. Maar de leveranciers kunnen op hun beurt ook niet zonder ons, want hun kasstroom en economie worden onmiddellijk in gevaar gebracht. De Russen, bijvoorbeeld, kunnen niet zonder hun aardgasinkomsten. Rusland heeft het Westen in zijn greep, maar het omgekeerde is ook waar. De doorbraak van vloeibaar aardgas (lng) laat toe de aardgasaanvoer nog meer te diversifiëren. Qatar, Maleisië, Australië en Liberia zijn dankzij lng aardgasleveranciers van het Westen geworden." VAN ROOST. ( lacht) "Dat zijn twee aparte vragen. Maar er is natuurlijk een verband. Het ene schept het klimaat voor het andere. Na Houston is Antwerpen het grootste petrochemische centrum ter wereld. Dat zal nog een aanzienlijke tijd zo blijven, omdat er in Europa nog vraag is naar chemicaliën. De vraag neemt niet meer sterk toe, maar ze is er nog altijd. Wel zullen nieuwe investeringen dikwijls naar groeilanden gaan of naar landen met fossiele brandstoffen. De installaties hier zijn heel efficiënt en horen bij de wereldtop wat betreft energie-efficiëntie, kost per eenheid product, en capaciteitsbenutting. We hebben wel een loonkostennadeel dat voldoende belangrijk is om bezorgd over te zijn. De arbeidsproductiviteit moet heel hoog zijn om in de middenmoot te geraken. Dat blijft een teer punt, maar het is geen grote bedreiging voor de toekomst van Antwerpen als petrochemisch centrum." VAN ROOST. "Neen, nog niet. Dat blijft hangen in de hoofdkwartieren. Als het klimaat verbetert, krijgen ze dat evenwel ook te horen. De hoofdkantoren kennen de lokale markten zeer goed. De Amerikanen kijken niet van ver toe op basis van een jaarlijks rapportje over de gang van zaken in België. Er komt nu regelmatig overleg tussen de regering en de petroleumfederatie om ervoor te zorgen dat het klimaat niet verzuurt. De oprichting van het fonds voor Rationeel Energiegebruik komt voor elkaar - de gesprekken verlopen in een goede sfeer." VAN ROOST. "We zijn hard, maar voeren onderhandelingen waar beide partijen baat bij hebben. We verdedigen projecten die ook verteerbaar zijn voor de tegenpartij. Voorbereiding is alles. Je bereikt niets door met een uitgestreken gezicht rond de tafel te zitten. We zijn doordachte onderhandelaars en investeerders. In de organisatie zitten geen onmenselijke karakters, ook al hoor je soms demonische verhalen." VAN ROOST. "De winsten zijn uitzonderlijk. De kans bestaat dat de prijzen vroeg of laat zakken. De hoge winsten zijn geen aanleiding om onze investeringsstrategie fel te veranderen. We willen ook op langere termijn het hoofd boven water houden. In verhouding tot onze omzet hebben we trouwens altijd weinig geld verdiend. In een aantal andere sectoren is de marge op de omzet veel groter. Ik wil niet klagen, maar de huidige winsten zijn op lange termijn niet vol te houden. "Vergeet ook de sociale rol van het aandeelhouderschap niet. In de VS is dat veel meer aanvaard. De aandeelhouder vaart wel bij die winsten, en die aandeelhouders zijn vaak pensioenfondsen. Veel mensen rekenen voor hun pensioen op onze winst. In Europa wordt die sociale rol minder aanvaard. Hier wordt de aandeelhouder vaak afgeschilderd als de man met de sigaar die slapend rijk wordt. Hoge winsten zijn niet noodzakelijk sociaal verwerpelijk." Geboren op 13 april 1955 Ingenieur Elektromechanica (KU Leuven, 1977) Ingenieur Kernenergie (University of Michigan, 1978) MBA (KU Leuven, 1983) Al 25 jaar bij ExxonMobil Procesingenieur raffinaderij Antwerpen Aanbodmanager Benelux Benelux retailmanager Marketing & Raffinagedirecteur Esso Caribbean en Central America vanuit Florida Manager Europese strategie voor aardgas Upstreamdirector Esso Benelux Topman ExxonMobil Benelux Voorzitter van de belangrijkste operationele bedrijven van ExxonMobil in België Bestuurder bij 15 bedrijven van ExxonMobil in de Benelux Lid van de Warande Bestuurder bij de Amerikaanse Kamer van Koophandel in België Speelt golf en tennis, en is piloot Daan Killemaes