Op woensdag 16 mei 2001 werd de Antwerpse growshop Flow veroordeeld tot een geldboete met uitstel wegens het aanzetten tot en vergemakkelijken van druggebruik. Dat was de omschrijving die de rechter in zijn arrest hanteerde voor het verkopen van materiaal voor de kweek van cannabis. Geen nood, vindt eigenares José Vermeulen. Eens de zaak ontzegeld is, wil ze dezelfde producten blijven verkopen, maar dan voor de tomatenteelt.
...

Op woensdag 16 mei 2001 werd de Antwerpse growshop Flow veroordeeld tot een geldboete met uitstel wegens het aanzetten tot en vergemakkelijken van druggebruik. Dat was de omschrijving die de rechter in zijn arrest hanteerde voor het verkopen van materiaal voor de kweek van cannabis. Geen nood, vindt eigenares José Vermeulen. Eens de zaak ontzegeld is, wil ze dezelfde producten blijven verkopen, maar dan voor de tomatenteelt. "Ze moet omzichtig zijn met haar inschrijving bij de handelsrechtbank, en niet provoceren," waarschuwt Henk Ypplaer, zaakvoerder van HESI-plantenvoeding, een Nederlandse producent van voeding voor cannabis - wiet, voor de vrienden. Goed vier jaar geleden stopte Ypplaer als assistent-bedrijfsleider bij Albert Heijn, en startte hij zijn plantenvoedingsfirma op. Vandaag heeft hij naast die zaak nog twee growshops: eentje in Maastricht, de ander in Heerlen. Het startkapitaal bedroeg een kleine 70.000 gulden, nog geen anderhalf miljoen frank. HESI bleek van bij het begin een innovatieve, snelgroeiende onderneming. Na een jaar moest het naar een groter pand op een industrieterrein uitwijken. Vandaag werken er twaalf mensen. In het tweede jaar draaide Ypplaer een omzet van 1,2 miljoen gulden. "De zaken gaan goed," geeft hij toe. "Maar dat komt door onze doorgedreven service. Dit is een bedrijf als een ander. Je moet rekeningen betalen, rendement halen, personeel betalen, commercieel ingesteld zijn." Alles wat de eerste jaren binnenkwam, heeft hij onmiddellijk in de verschillende zaken geïnvesteerd. Dat kon ook moeilijk anders, want voor een krediet moet je in deze sector bij de banken niet aankloppen, merkt hij schamper op. "De binnenkomende centen willen ze met alle plezier voor je uitzetten, maar krediet geven kan dan weer niet." Laat er geen misverstand over bestaan: een growshop is een zaak waar je alle benodigdheden voor de kweek van cannabis vindt. Het is geen coffeeshop, waar je het eindproduct zelf vindt. Growshops zitten juridisch in een schemerzone. Ypplaer verkoopt, naast de zelfgeproduceerde plantenvoeding, nog andere producten. Het gamma komt helemaal uit de reguliere handel: lampen, filters, afzuigsystemen, vloeitjes... Alleen krijgt het in deze context een andere connotatie.In Nederland bestaat er een officieel beleidskader voor coffeeshops. Ze vallen onder de horecareglementering, al zijn er enkele beperkingen: ze kunnen niet in een winkelstraat, nabij een school of in de buurt van een jongerencentrum. Reclame maken mag ook niet, wat de commercialisering enigszins bemoeilijkt. De gedoogde shops staan bij de kamer van koophandel ingeschreven en betalen belastingen, zoals elk ander normaal bedrijf. De Nederlandse consumptie zou goed zijn voor 500 miljoen gulden. Tel daar de toeristen bij, en je komt in de buurt van de 800 miljoen gulden.Door de nieuwe beleidsnota in België verwacht iedereen ook hier een (op zijn minst tijdelijke) toename van het gebruik. Kortom, een groeisector in al zijn betekenissen.Volgens een onderzoek van de Franstalige Universiteit van Brussel ( ULB) heeft 38,2% van de Belgische bevolking wel eens een joint gerookt. Acht procent in ons land, of ongeveer 800.000 mensen, rookt geregeld cannabis. Op basis van die cijfers sloeg de Administratie van douane en accijnzen van het ministerie van Financiën aan het rekenen. Uit haar studiewerk blijkt dat de vrije verkoop van cannabis de Belgische schatkist ruim 14 miljard frank kan opleveren. Momenteel werkt de overheid aan het wetsontwerp, het Koninklijk Besluit en de rondzendbrief op basis van de beleidsnota. Dat ontwerp moet dan nog ter goedkeuring voorgelegd worden aan het International Drug Control Program van de Verenigde Naties. Als de wetswijziging daar doorgeraakt, moet ze nog door de Kamer en Senaat. Vermoedelijk komt de indiening pas tegen eind dit jaar in het parlement. Lieven Desmet