Een conjunctuur gaat in golven. Op en neer. Goed en slecht. Zeepbel en depressie. De meeste economische sectoren zijn daarop ingesteld.
...

Een conjunctuur gaat in golven. Op en neer. Goed en slecht. Zeepbel en depressie. De meeste economische sectoren zijn daarop ingesteld. Niet zo de landbouw. Die voelt zich nog altijd een tikkeltje anders. Toegegeven, voor oogstgewassen kan die hypothese opgaan. Een oogst is niet perfect regelbaar. Een oogst wordt een zegen of een mislukking. Met als gevolg een overaanbod of een tekort. En dito prijzen. Die vlieger gaat niet op voor melk. De melkproductie is stuurbaar, ook door het quotasysteem van de Europese Commissie. Een dalende vraag moet zich dus vertalen in een lager aanbod. Maar wat de zwaarste recessie sinds de jaren dertig wordt genoemd, zette de melkveehouders niet aan tot een bijsturing. De Belgische melkproductie komt dit jaar naar verwachting twee procent hoger uit dan in 2008. En dat was al een jaar waarin menige melkveehouder gretig op de kar van de productieverhoging sprong, na de recordprijzen van 2007. Want het lijkt alweer een eeuwigheid geleden. Maar in 2007 sloegen alle doemdenkers alarm. Voedselschaarste heette het modewoord, door de uit de pan rijzende landbouwprijzen. Het wereldwijde landbouwareaal zou niet langer de wereldbevolking kunnen voeden. Wie daaraan twijfelde, werd op hoongelach onthaald. De stratosferisch hoge voedselprijzen, meesurfend op de vastgoedzeepbel in de Verenigde Staten, spatten in gruzelementen. Ook in België zakten de melkprijzen met meer dan de helft. Maar de melkveehouders kozen eens te meer voor de kortste afrit als uitweg voor de crisis. Die gaat richting Schumanplein in Brussel, naar de Europese subsidietrog. Want het is vandaag dringen in de staatsmand. Na de banken en de auto-industrie, staan de melkveehouders slechts achteraan de rij. Ook zij willen als volgende, en letterlijk, de overheid melken. Alleen heeft dat melken in de landbouw een decennialange traditie. Die expertise leidde tot een volleerd meesterschap bij het graaien in de staatsmand. Het Europese gemeenschappelijke landbouwbeleid maakte van de boeren misschien wel de meest beschermde mensensoort. Zeker in de zuivelindustrie. Drie decennia lang was de sector een van de best gesubsidieerde activiteiten. Pas sinds 2003, na een grootschalige hervorming van het landbouwbeleid, wordt dat riante geknuffel gedeeltelijk ingeperkt. Maar een oude cultuur dooft slechts langzaam. Voor melkveehouders zijn prijsschommelingen even verrassend als een ruimtetuig uit een ander planetenstelsel. De landing op aarde gaat gepaard met hevige turbulenties. Verwende melkveehouders, snakkend naar extra subsidies, sproeien hun melk op de landbouwakkers. Want de marktprijs zakte onder de productieprijs. In een normale economie leidt zoiets tot uitzuivering van overtollige producenten. Maar menige melkveehouder wil of kan niet beseffen dat ook een voormalige beschermde mensensoort voortaan moet meedoen in het spel van vraag en aanbod. BriefingMelkveehouders hebben niet genoeg aan vijf miljard per jaar, blz. 16 Door Wolfgang RieplDe melkveehouders kiezen eens te meer voor de kortste afrit als uitweg voor de crisis. Die gaat richting Schumanplein in Brussel.