De familiale aandeelhouders van Unilin zullen hun belang verkopen, daar twijfel ik niet aan. Ze willen de vruchten plukken van hun jarenlange arbeid. Vooral Frans De Cock, een van de gedelegeerd bestuurders, heeft er de voorbije jaren voor gezorgd dat Unilin tot de top is doorgestoten. Maar een aantal van hen zal nog in het bedrijf actief blijven in managementfuncties."
...

De familiale aandeelhouders van Unilin zullen hun belang verkopen, daar twijfel ik niet aan. Ze willen de vruchten plukken van hun jarenlange arbeid. Vooral Frans De Cock, een van de gedelegeerd bestuurders, heeft er de voorbije jaren voor gezorgd dat Unilin tot de top is doorgestoten. Maar een aantal van hen zal nog in het bedrijf actief blijven in managementfuncties."Luc Gheysens, advocaat in Wevelgem, steekt zijn bewondering voor de topman van de Wielsbeekse groep niet onder stoelen of banken. Als organisator van de wielerklassieker Gent-Wevelgem loopt hij Frans De Cock (62) geregeld tegen het lijf. Met de laminaatmerknaam Quick-Step is de spaanderplatengroep Unilin al jaren actief als wielersponsor. Vorige zondag beleefde De Cock nog een gloriemoment toen Tom Boonen, de absolute vedette uit de Quick-Step-ploeg, iedereen het nakijken gaf in de Ronde van Vlaanderen. "De Cock is iemand die altijd heeft weten te anticiperen," zegt Gheysens. "Hij zag zeer snel in wat de impact van wielersponsoring op een merknaam kan zijn. En vandaag voelt hij ook aan dat het moment gekomen is om te werken aan een exit voor de aandeelhouders." Het management behoudt momenteel het stilzwijgen over een mogelijke exit, maar de raad van bestuur bevestigde vorige week dat de Britse zakenbank Goldman Sachs werd aangesproken om de herschikking van het aandeelhouderschap te bekijken. Unilin kan gerust een West-Vlaams kroonjuweel worden genoemd. De groep groeide de voorbije jaren uit tot een van de succesvolste Belgische bedrijven. De wortels van de marktleider in de productie van spaanderplaten liggen in de vlassector. Union de Lin werd in 1960 opgericht door verschillende vlasfamilies (onder andere De Cock, Thiers en Van Canneyt). De sector bevond zich toen in volle crisis. De West-Vlamingen waren zich echter al net na de oorlog aan het verwijderen uit de klassieke vlasactiviteiten. De vader van huidig topman Frans De Cock had toen al ingezien dat de vlassector in West-Vlaanderen geen lang leven meer beschoren was. Eerst persten ze nog vlasleem tot platen, maar vanaf de jaren zestig werd gekozen voor de productie van houtplaten op basis van onder meer schaafsel. Momenteel telt Unilin vier divisies: Unilin Decor (melamine), Unilin Systems (daksystemen), Unilin Flooring (laminaat) en een spaanderplatenafdeling. Frans De Cock zelf werd in 1969 actief in het bedrijf en is samen met Bernard Thiers, een andere manager-aandeelhouder, de architect van hét succesproduct van de groep: laminaatvloeren onder de merknaam Quick-Step. Unilin lanceerde in 1989 als eerste bedrijf laminaat op de Belgische markt. Met Quick-Step was het ook de eerste producent van vloerbedekking die met een eigen merk op de proppen kwam. De resultaten lieten niet op zich wachten: Uninlin Flooring, het moederbedrijf van Quick-Step, groeide jaar na jaar sterk (gemiddeld 20 %) en klokte in 2003 af op een omzet van 839 miljoen euro voor een bedrijfswinst van meer dan 100 miljoen euro. "Dat is vooral de verdienste van De Cock en Thiers," zegt een naaste medewerker van de managers-aandeelhouders. Frans De Cock ligt ook aan de basis van de aanval op de Amerikaanse markt. Die werd in 2001 ingezet met de overname van Columbia Flooring. In 2003 kwam daar nog Homanit bij, een producent van MDF-platen. De West-Vlaming ziet in de VS een enorm groeipotentieel: "In Europa is er 400 miljoen vierkante meter laminaat verkocht. In de VS is dat slechts 100 miljoen."De Amerikaanse markt blijft de komende jaren een prioriteit voor Unilin, ook als de groep de komende dagen door een Angelsaksisch buy-outfonds wordt overgenomen. Het zelfde geldt voor de wielersponsoring. Het contract voor een wielerploeg met Quick-Step als hoofdsponsor loopt nog tot 2009. De ploeg stapelde de voorbije jaren de successen op. Maar het tot stand brengen van een sterke ploeg liep in het kleine wielerwereldje niet altijd over een leien dakje. Quick-Step stapte in 1999 in het wielerpeloton als cosponsor van de Italiaanse bouwlijmenproducent Mapei. Toen Mapei zich in de zomer van 2002 plots uit de wielersponsoring wou terugtrekken, wou De Cock de bestaande ploeg overnemen. Hij hoopte daarvoor een schadevergoeding van 1 miljoen euro te kunnen krijgen, maar het was integendeel Mapei dat hetzelfde bedrag eiste om de ploeg te laten overnemen. Uiteindelijk zorgde ploegmanager Patrick Lefevere voor de redding. Hij wist Luc Maes van matrassenfabrikant Latexco te klissen als kandidaat-cosponsor en in Knokke werden op het appartement van De Cock in juli 2002 plannen gesmeed voor een nieuwe wielerploeg. Toen echter bleek dat er nog nood was aan een extra cosponsor, liet De Cock de naam van Omega Pharma-topman Marc Coucke vallen. Coucke en De Cock waren geen onbekenden, want de baas van Omega Pharma bezat een appartement net boven dat van De Cock. Coucke hapte toe en investeerde in de ploeg via vitamineproducent Davitamon. Een topteam met een budget van 7,5 miljoen euro. De liefde tussen Omega Pharma en Unilin duurde echter niet lang. Twee jaar later werd het contract niet verlengd toen bleek dat Omega Pharma een nieuwe ploeg zou sponsoren. Quick-Step liet Davitamon vallen. Ei zo na kwam het tot een rechtszaak. "Dit had vermeden kunnen worden," zegt een goede vriend van De Cock. "Akkoord, Frans is een harde. Maar als die mensen even aan tafel waren gaan zitten, bestond de ploeg misschien nog."Alain Mouton"Hij zag snel in wat de impact van wielersponsoring op een merknaam kan zijn."