Journalisten hebben een gevaarlijk beroep. Zonder spijt (Manteau, 298 blz., 19,95 euro), de nieuwe misdaadroman van de West-Vlaming Pieter Aspe, begint met de moord op een redacteur die onthullingen over de Bende van Nijvel wilde publiceren. Heel ongewoon voor Aspe: het onderzoek legt een link met de realiteit. De speurdersploeg, uiteraard geleid door Pieter Van In en Guido Versavel, komt in contact met de weduwe van een substituut die betrokken was bij het onderzoek naar de Bende. De man pleegde zelfmoord. Of was het moord? Verder dan die referentie gaat de band met het beruchte onderzoek niet. De lichte fic...

Journalisten hebben een gevaarlijk beroep. Zonder spijt (Manteau, 298 blz., 19,95 euro), de nieuwe misdaadroman van de West-Vlaming Pieter Aspe, begint met de moord op een redacteur die onthullingen over de Bende van Nijvel wilde publiceren. Heel ongewoon voor Aspe: het onderzoek legt een link met de realiteit. De speurdersploeg, uiteraard geleid door Pieter Van In en Guido Versavel, komt in contact met de weduwe van een substituut die betrokken was bij het onderzoek naar de Bende. De man pleegde zelfmoord. Of was het moord? Verder dan die referentie gaat de band met het beruchte onderzoek niet. De lichte fictie haalt het en dat is ook precies wat de schrijver beoogt. Overtuigende plots met een verpletterende stijl levert dat niet op, maar dat zal de vele lezers ook deze keer er niet van weerhouden Aspe te loven. Op het achterplat van Verdoemd (Manteau, 298 blz., 18,95 euro) prijkt een slagzin die perfect samenvat wat deze misdaadauteur onderscheidt: "Patrick De Bruyn brengt misdaad ongemakkelijk dicht bij u." Headhunter-schrijver Patrick De Bruyn focust op herkenbare angsten van herkenbare personages. Een vermoeide vrouw (veeleisende baan, druk privéleven) pleegt vluchtmisdrijf. Die tragedie wordt verbonden met een gruwelmoord. Ook typisch De Bruyn is de vraag of de personages het recht in eigen handen moeten nemen. In dit boek slaagt hij er minder in om zijn verhaallijnen en thema's overtuigend aaneen te knopen, maar ook nu blijft hij boeien. Zoals De Bruyn, kijkt Jos Pierreux niet op een personage of verhaallijn meer of minder. Zoals Aspe (Brugge), kiest Pierreux voor een centrale speurder en een vaste locatie (Knokke). In Het trio dat iets te vieren had (Houtekiet, 441 blz., 19,95 euro) bevestigt hij als verteller, maar zijn pogingen om geestig over te komen, staan vaak de spanning in de weg. Ondanks hun kleurrijke leven, blijven de karakters te vlak. In Kismet (Davidsfonds, 271 blz., 18,95 euro) duikt een Turkse terrorist op tijdens de Gentse Feesten. Stefaan Van Laere kan een degelijke spanningsboog construeren, maar ook zijn boek mikt louter op wat verstrooiing. Daar is niets mis mee, alleen zouden plot en personages wat meer dimensies mogen krijgen. Van Laere houdt ook van een kwinkslag. Halverwege beschrijft hij de Gentse misdaadauteur Bavo Dhooge die op een terras een schare vrouwelijke fans onderhoudt. Van Dhooge verscheen Showtime (Davidsfonds, 157 blz., 18,95 euro) en ook daarin belanden we in de Gentse Feesten. Dhooge raast vlug over alle gebeurtenissen heen en wil wel eens geforceerd geestig uit de hoek komen. Het lijkt wel of die Vlaamse thrillers in uptempo geschreven zijn. Dat geldt ietwat minder voor Bloedrode kersen (Davidsfonds, 240 blz., 18,95 euro) van Roger Schoemans, waar de rituele moord op een schatrijke kwezel onderzocht wordt. De aanzet van zowel verhaal als personages is meer dan beloftevol, maar de uitwerking bevat heel wat van de kwalen die vele Vlaamse thrillers teisteren: te veel plotlijnen, geforceerde humor, ongeloofwaardige wendingen, niet bijster ingevulde karakters, fletse stijl. Dus toch haastwerk? Met zijn allen krampachtig op zoek naar vlug en vluchtig succes? Luc De Decker