Het vastgoedaanbod in de voetgangerszone is erg versnipperd. Enkele prestigieuze panden in de buurt van het Brouckèreplein zijn in handen van grote spelers. Allianz heeft het huizenblok waarin onder meer de bioscoop UGC in gevestigd is. De Brouckère Tower is sinds oktober in handen van DW Partners, LP en Whitewood. In het Muntcentrum, onlangs herdoopt tot de Mint, is de stad enkel eigenaar van de middelste verdiepingen. Het bovenste gedeelte is in handen van bpost, en AG Real Estate is volop b...

Het vastgoedaanbod in de voetgangerszone is erg versnipperd. Enkele prestigieuze panden in de buurt van het Brouckèreplein zijn in handen van grote spelers. Allianz heeft het huizenblok waarin onder meer de bioscoop UGC in gevestigd is. De Brouckère Tower is sinds oktober in handen van DW Partners, LP en Whitewood. In het Muntcentrum, onlangs herdoopt tot de Mint, is de stad enkel eigenaar van de middelste verdiepingen. Het bovenste gedeelte is in handen van bpost, en AG Real Estate is volop bezig met de renovatiewerken van de sokkel, waar in 2017 een winkelcentrum van 15.000 vierkante meter opent. In de Anspachlaan zijn de stad en het OCMW de grootste vastgoed-eigenaars. In en rond de voetgangerszone stonden/staan de afgelopen jaren 25 grote projecten in de steigers: van het Rogierplein over de Nieuwstraat tot het Muntplein, de Mint, het Anspach Shopping Center, de Pathé Palace, de Biertempel enzovoort. Burgemeester Mayeur wijst ook op een reeks woningprojecten van de privésector, zoals de renovatie van de voormalige ASLK-kantoren aan de Wolvengracht en een fabriek in de Dansaertwijk. De Grondregie van de stad is eigenaar van 2684 woningen in de Brusselse vijfhoek, waarvan 1661 in buurten die direct aan de voetgangerszone grenzen en 326 in de zone waar vorig jaar autoverkeer werd verboden. Op het gelijkvloers van 13 van de panden waarin deze woningen gevestigd zijn, beschikt de stad over handelsruimte. Daarnaast beschikt het OCMW in het deel van de voetgangerszone dat recentelijk werd uitgebreid nog eens over 107 woningen, tien handelspanden en twee bureauruimtes. Beide vastgoedportefeuilles zijn een historische erfenis die eeuwen teruggaat. Toen de Franse revolutionairen aan het eind van de 18de eeuw België binnenvielen, brachten ze een groot aantal eigendommen van hoofdzakelijk met de kerk verbonden liefdadigheidsinstellingen onder in de voorlopers van de OCMW's. Ook daarna bleven die instellingen heel wat schenkingen en legaten ontvangen. Het OCMW van Brussel haalt tot op vandaag nog 10 tot 15 procent van zijn inkomsten uit de rente en verkoop van eigendommen. De rest wordt bijgepast door de stad. De stad werd eigenaar van een groot aantal panden op de Anspachlaan na de monumentale overwelvingswerken aan de Zenne, die in 1867 van start gingen. Omdat er weinig interesse was voor de dure panden die achteraf langs de nieuwe stadsboulevard werden opgetrokken, ging de Parijse aannemer Jean-Baptiste Mosnier failliet en werden ze eigendom van de stad.