De regering-Di Rupo pronkt met enkele recente successen. Of die de economische en financiële toekomst van België zullen veranderen, durven we te betwijfelen. De staatshervorming is weliswaar belangrijk, maar zullen de voordelen voldoende snel tot uiting komen en omvangrijk genoeg zijn om de kortetermijnproblemen te verzachten? De vraag stellen is ze beantwoorden.
...

De regering-Di Rupo pronkt met enkele recente successen. Of die de economische en financiële toekomst van België zullen veranderen, durven we te betwijfelen. De staatshervorming is weliswaar belangrijk, maar zullen de voordelen voldoende snel tot uiting komen en omvangrijk genoeg zijn om de kortetermijnproblemen te verzachten? De vraag stellen is ze beantwoorden. Al jaren wordt de Belgische economie geteisterd door dezelfde problemen. De hoge overheidsschuld en een immense belastingdruk, gekoppeld aan een hoge werkloosheid, hebben het probleem van de overheidsfinanciën dermate complex gemaakt dat pijnloze oplossingen niet meer haalbaar lijken. Nochtans worden al vele jaren begrotingen opgesteld die de man in de straat sparen. Hetzelfde geldt voor de concurrentiepositie en de vergrijzingskosten. Uit de vele rapporten van expertcommissies kon enkel worden vastgesteld dat de problemen verergeren en dat dringend structurele ingrepen nodig zijn. Het blijft wachten, maar niemand weet waarop wordt gewacht. De Belgische beleidsvoerders schuiven de echt structurele problemen systematisch voor zich uit. De vergelijking met de crisis in Griekenland ligt voor de hand: de problemen zo lang minimaliseren tot een zware crisis de noodzakelijke beleidsbijsturing oplegt. Dat Europa ook nu niet tijdig zorgt voor de nodige hervormingsdruk, valt moeilijk te begrijpen. Een van de belangrijkste lessen die de Europese Commissie diende te trekken uit de Griekse tragedie, is dat te laat druk werd uitgeoefend op het lakse Griekse beleid. In de Belgische begrotingen is het al jaren zoeken naar structurele ingrepen, maar Europa stoort er zich ook deze keer niet aan. België bewandelt de Griekse weg, hoewel de beleidsvoerders dit met grote stelligheid zullen ontkennen. Dramatisch, zoals in Griekenland, hoeft dat niet te eindigen. De Griekse weg is geen rechte baan, maar veel uitwegen om aan een Grieks drama te ontsnappen zal men toch niet meer tegenkomen. Een interne devaluatie is onafwendbaar; enkel de omvang heeft men nog in zekere mate onder controle. Maar ook hier worden de beleidskeuzes met de dag beperkter. De financiële markten straffen het Belgische staatspapier niet af, maar dat is geen kwaliteitslabel voor het beleid. Ook de Griekse, Spaanse en andere rentes kwamen vrij laat onder druk. Ook de financiële markten hebben dus geen signaalfunctie. Tevens is het een vorm van zwakheid om in crisisperiodes het beleid te evalueren op basis van vergelijkingen met andere landen. Het resultaat kan alleen zijn dat er voldoende werd ingegrepen, zodat ze een vals gevoel van zekerheid geven. De ultieme beleidstest is natuurlijk de tevredenheid van de belastingbetaler. Men kan vandaag moeilijk stellen dat de ondernemers tevreden zijn over het economische beleid, dat de burgers tevreden zijn over justitie, de ambtenarij enzovoort. Zelfs over hun pensioenen maken de meeste actieven zich grote zorgen, blijkbaar veel meer dan de politici. Dat tast, meer dan men vermoedt, de fundamenten van de welvaartsstaat aan. Een van de cruciale bestaansredenen hiervoor is dat die een minimaal vangnet waarborgt. In Griekenland is die waarborg weggevallen, met massale armoede tot gevolg. Als actieven hier twijfelen aan de betaalbaarheid van hun pensioen, is dat een eerste stap naar vragen stellen over de leefbaarheid van de welvaartsstaat. De Griekse weg is lang en dalend. Hoe verder men hem bewandelt, hoe steiler het omlaag gaat. Sporadisch valt het landschap mee en zo ontstaan illusies. De begroting voor 2014 zou grotendeels rond zijn, maar zal geen structurele ingrepen bevatten. We betwijfelen zelfs of er meer bestaat dan enkele vage en dus politiek onbruikbare afspraken, want mogelijke structurele ingrepen zouden al lang zijn uitgelekt. Het blijft dus wachten op externe druk om een beleidswijziging door te voeren. Hopelijk wijst Europa de volgende begroting eindelijk af. Naar vervroegde verkiezingen dan, met de economische toestand als thema? Zo lang zal de Griekse weg nog wel zijn, maar niet veel langer. De auteur is hoogleraar economie aan de VUB.JEF VUCHELENBelgië bewandelt de Griekse weg, hoewel de beleidsvoerders dat met stelligheid zullen ontkennen.