Feuquières, (Frankrijk).
...

Feuquières, (Frankrijk).Reusachtige druppels gesmolten glas druipen uit de oven, roodgloeiende flessen rollen op de productielijn. Met een ijzeren tang neemt een arbeider enkele exemplaren van de transportlijn, de damp stoomt boven de flessenhalzen."Dit bedrijf is enig in de wereld, we hebben een uniek productieprocédé," schreeuwt Daniel Repoux, exportmanager van de Société autonome de Verreries boven het lawaai uit in de fabrieksruimte. "Wij richten ons helemaal niet op de massamarkt van het holglas. We kunnen zes verschillende kleuren maken, ons gamma reikt van flessen met een gewicht van vijftien gram tot 5,5 kilo. Maar onze capaciteit in Feuquières wordt vandaag volledig gebruikt. We moeten zo snel mogelijk uitbreiden. Maar onze huidige site is te groot om verder te groeien." Tot begin aprilwas de Société autonome de Verreries in België alleen bij de specialisten bekend. Maar het bedrijf uit de Oise is sinds 11 april de eigenaar van de failliete nv Verlipack Mol. In een blitzoffensief reef de middelgrote onderneming, met als merknaam Saverglass, de blijkbaar gegeerde prooi binnen. Drie maanden lang sleepte Verlipack zich voort, op zoek naar een overnemer. Vijf kandidaten boden zich aan na het faillissement op 11 januari, de geruchtenmolen draaide op volle toeren. En toen alle hoop definitief verloren leek, stonden daar plots de Fransen uit Feuquières. Op vrijdag 2 april polsten zij de curatoren, nauwelijks negen dagen later kon de productie in Mol opnieuw starten. Met de overname zou een bedrag van 2 miljard frank zijn gemoeid. "Onze productiecapaciteit in Feuquières wordt volledig gebruikt," duidt Daniel Repoux de overname. "Als we hier willen uitbreiden, zijn we achttien maanden tot twee jaar zoet met de bouw. Maar in Mol hebben we meteen de machines en de productiehal. Bovendien beschikken we over de juiste werknemers, zodat we niet vele jaren moeten investeren in bijkomende scholing. In Mol vinden we technisch zeer bekwame mensen, die onze productie aankunnen." Geestrijke flessenBetekent Saverglass de renaissance voor het sinds drie decennia geplaagde Verlipack? Wanneer in de jaren zeventig de Generale Maatschappij van België haar dochter van de hand doet, komt het nooit meer goed. Vooral door de structurele overcapaciteit op de massamarkt van het holglas geraakt de flessenproducent op de sukkel. Op de Europese markt van het holglas, die volgens de Europese Federatie van de Glasverpakking in 1998 goed was voor 18 miljoen ton, is Verlipack met 340.000 ton, of 1,8%, een onbeduidende pion. Tegen het volume en dito prijzengeweld van de grote jongens zoals het Duitse Gerresheimer Glas, het Zweedse PLM, of het Franse Saint-Gobain, is het vechten tegen de bierkaai. Vooral door de gedeeltelijke overname vanaf 1996 door die andere Duitse major, Heye Glas. Het bedrijf uit Niedersachsen investeert nauwelijks in zijn Belgische dochter, managet verkeerd. Al gauw blijkt de overname een misplaatst excuus om een concurrent een zachte dood te laten sterven. De Société autonomede Verreries zal geenszins voor dezelfde optiek kiezen. Het bedrijf richt zich immers op een zeer specifiek marktsegment. "De massamarkt van het holglas is niet onze missie," duidt Daniel Repoux. "Binnen onze niche zijn we marktleider in Frankrijk, en toch zijn we goed voor nauwelijks 3% van de Franse productie." De merknaam Saverglass staat synoniem voor wijnflessen, karaffen, kruiken voor geestrijke dranken; of flacons voor parfums. "We maken flessen voor prestigieuze merken, met hoge toegevoegde waarde. We zijn gespecialiseerd in moeilijke vormen, met veel decoratieve elementen," promoot Daniel Repoux. "Dit is een groeimarkt. Merken moeten steeds meer personaliseren en zich onderscheiden met technisch moeilijke producten. Maar wij focussen uitsluitend op de productie van de flessen. Marketing en design laten we aan onze klanten over. We hebben 2300 gietvormen in huis en ontwikkelen jaarlijks 150 nieuwe modellen. Zestig procent van onze flessen wordt exclusief op maat gemaakt van de klant. De flacons voor de cosmetica zijn zelfs allemaal maatwerk." Het eigen laboratorium Saverdec specialiseert in bijzondere versieringen: zeefdruk, medaillons, overdrukplaatjes. Flessen fluoresceren, krijgen een metaalkleur of worden glanzend. Slechts een greep uit het indrukwekkende aanbod merken: Grand Marnier, Hennessy, Martell, Rémy Martin, Ricard. In de cosmetica zijn Lancôme of Yves Saint Laurent vaste klanten. In België levert Saverglass de flessen van Mandarine Napoléon aan drankenverdeler Fourcroy. Dorpse mastodontHet is overduidelijk een lonende nichemarkt. Sinds 1985 verviervoudigden de omzet en de productiecapaciteit van Société autonome de Verreries, het personeelsbestand verdubbelde de voorbije vier jaar naar 643 werknemers.Motor achter deze expansie is ongetwijfeld Loïc de Gromard, die in 1985 het roer in handen neemt. Het bedrijf heeft dan net enkele moeizame jaren achter de rug, want wil een graantje meepikken op de massamarkt van het holglas. Maar président-directeur général Loïc de Gromard focust opnieuw op de wortels: namelijk flessen met hoge toegevoegde waarde voor speciale dranken. Dat was al de niche waarmee stichter Louis Letellier in 1897 uitpakte. Het eclectische herenhuis, met barokke, gotische, en renaissance-elementen, waarin vandaag de administratie huist, herinnert nog aan die beginperiode. Maar voorts is de Société autonome de Verreries uitgegroeid tot een enkele hectaren omvattende mastodont, die het nauwelijks duizend zielen tellende Feuquières geheel domineert. Speciaal gemaakte verkeersborden, met routebeschrijvingen voor de diverse inritten, incluis. In 1964wordt het bedrijf gekocht door de industrieel Luc Desjonquères. Vandaag is de flessenfabriek nog altijd in handen van diens familie, maar in 1985 werd een volledig extern management aangetrokken. Want Loïc de Gromard koppelt de herpositionering ook aan een professionalisering en een verregaande automatisering van het bedrijf. In 1989 wordt een nieuwe oven gebouwd, die de productiecapaciteit verdubbelt. Goed voor een investering van 1 miljard frank, even hoog als de omzet in dat jaar. "De voorbije vijftien jaar hebben we 4 miljard frank geïnvesteerd," telt Daniel Repoux. "Om de zeven jaar worden onze ovens grondig vernieuwd. Maar we hebben ook ons verkoopnet zeer sterk ontwikkeld. We hebben nu eigen filialen in Armagnac, Bordeaux, Champagne, Cognac. Ook het buitenland wordt steeds belangrijker. Vandaag exporteren we 40% van onze omzet, tien jaar geleden was dat slechts een vijfde. De transportkosten zijn voor onze nichemarkt - waar de toegevoegde waarde doorslaggevend is - immers niet belangrijk." In 1995 worden filialen opgericht in Groot-Brittannië ( Saverglass Limited) en de Verenigde Staten ( Elite Glass). De merknaam Saverglass werd kort voordien gecreëerd, in 1990. Frans chauvinisme?Maar de buitenlandse filialen zorgen alleen voor de verkoop. Met de overname in Mol opent Saverglass nu ook zijn eerste buitenlandse productiecentrum, op 360 kilometer van het moederhuis. "Verlipack zal blij zijn," beseft Daniel Repoux. "Eindelijk is het opgekocht door een groep met een duidelijke strategie. Het lokale management blijft op zijn plaats, maar we zorgen natuurlijk voor de noodzakelijke assistentie." De nieuwe entiteit heet nv Saverglass Belgium, voorlopig kunnen 90 van de 280 werknemers aan de slag. De Fransen houden één oven operationeel, goed voor 140 ton glas per dag, en twee productielijnen. Bovendien wordt een kwart miljard frank gepompt in de vernieuwing van een tweede oven. "Ik heb gemengde gevoelens,"beoordeelt Jef Van Looy, die als curator het dossier Verlipack tot ontknoping bracht (zie ook Mensen achter de Cijfers, blz. 23): "Saverglass is een zeer solvabele kandidaat, de Fransen beschikken over de nodige knowhow. Maar zorgen ze ook voor voldoende capaciteit? De test komt bij de eerste crisis in de sector, wanneer Saverglass moet snoeien in zijn productie. Zal het Franse chauvinisme dan niet primeren op het openhouden van het buitenlandse filiaal?" Wolfgang Riepl