Wat leren we nu van het afgelopen jaar en de vele gesprekken met collega's in België en Europa? We kunnen op zijn minst zeggen dat de energiesector behoorlijk verkouden is en dat een aantal bedrijven zelfs koorts heeft. De overheden staan erbij en vragen zich wellicht af of dit nu goed nieuws is (de prijzen zijn laag) of slecht nieuws (bedrijven stoppen met investeren). Dat zwaar geïnvesteerd moet worden in deze sector is duidelijk. In veel landen werkt hij nog zoals zestig jaar geleden en dat is niet houdbaar.
...

Wat leren we nu van het afgelopen jaar en de vele gesprekken met collega's in België en Europa? We kunnen op zijn minst zeggen dat de energiesector behoorlijk verkouden is en dat een aantal bedrijven zelfs koorts heeft. De overheden staan erbij en vragen zich wellicht af of dit nu goed nieuws is (de prijzen zijn laag) of slecht nieuws (bedrijven stoppen met investeren). Dat zwaar geïnvesteerd moet worden in deze sector is duidelijk. In veel landen werkt hij nog zoals zestig jaar geleden en dat is niet houdbaar. Net als in de telecomsector in de jaren negentig gaat de energiesector een nieuwe fase in. Hopelijk spelen de overheden nu een betere rol dan toen in de telecomsector. De veilingen van UMTS-frequenties in 1999-2000 vernietigden vele banen en brachten de sector in een coma waar hij nooit meer uit ontwaakt is. Tegenwoordig wordt het mooie weer in die sector gemaakt door enerzijds de fabrikanten als Apple en Samsung, en anderzijds bedrijven als Google, Amazon en vele anderen. De telecomoperatoren werken nog hoofdzakelijk op dezelfde wijze als aan het begin van deze eeuw en zitten dan ook in een doodlopend straatje. Het vertrek van Didier Bellens heeft wellicht ook andere oorzaken, want de vooruitzichten voor een bedrijf als Belgacom zijn niet goed. De aandelen van de meeste telecomoperatoren boerden in de afgelopen twaalf jaar stevig achteruit. Gelukkig bewijzen nog enkele uitstekende bedrijven zoals Telenor en TeliaSonera (Noorwegen, Zweden en Finland) met een duidelijke internationale groeistrategie dat het ook anders kan. Een van de positieve zaken blijft toch de liberalisering in beide sectoren. Vooral in de ICT-sector heeft dat al tot innovatie geleid: internet, slimme telefoons, enzovoort hebben een wereld van instantkennis gecreëerd. Ook in de energiemarkt zorgt de liberalisering voor dynamiek. Kijk maar naar de explosie van duurzame energie in veel Europese landen. Ook de watersector moet zich klaarmaken voor een debat over een mogelijke liberalisering, zodat ook daar klanten de beste dienstverlening krijgen voor de beste prijs. Het watervraagstuk is te belangrijk om het over te laten aan monopolisten. De nutsvoorzieningen blijken goed te blijven werken in een geliberaliseerde markt, alleen vergeten overheden vaak dat liberalisering van een markt die beheerst wordt door een monopolist betekent dat je meer regelgeving nodig hebt en niet minder. In die regelgeving moeten we streven naar een harmonisering op Europees niveau. De echte concurrenten zitten buiten Europa en uniforme regels zullen de Europese bedrijven slagvaardiger maken. Voorts zie ik mogelijkheden om energie en telecom veel dichter bij elkaar te brengen. Beide sectoren zijn zeer complementair. Het slim maken van onze energienetten bijvoorbeeld is nu net iets waar telecombedrijven al decennia mee bezig zijn. Het blijft me verbazen dat telecombedrijven nog niet de brug geslagen hebben naar de energiesector, nu die voor een enorme omslag staat. ICT zal almaar belangrijker worden in de energiebedrijven. De aanvankelijke euforie over grote voorraden schaliegas in Europa is stilaan tot realistische niveaus teruggezakt. Het potentieel is niet van dien aard dat in Europa hetzelfde effect zal worden bereikt als in de Verenigde Staten. Op korte termijn is dat slecht nieuws voor onze chemiesector. Positief is dan weer dat schaliegas daardoor geen rem zal zetten op transitie naar een duurzame energiehuishouding. Gas blijft ook in Europa de komende veertig jaar belangrijk. Het wordt vaak gezien als een transitiebrandstof, om bij te springen als de productie van zonne- en windenergie tekortschiet. Op dit ogenblik verdient deze stelling nog het voordeel van de twijfel, al dient gezegd dat zij de weg van de minste weerstand lijkt. De echte oplossing lijkt veeleer te zitten in het belasten van uitstoot, en dat via een mondiaal akkoord. Mij lijkt een akkoord tussen Europa, de Verenigde Staten, China, Rusland, India en Brazilië realistischer dan het te proberen met 190 landen tegelijkertijd. Europa moet daarin de leiding nemen. De auteur is gedelegeerd bestuurder van NPG energy.ANDRÉ JURRESDe energiesector is behoorlijk verkouden en een aantal bedrijven heeft zelfs koorts.