Sinds het verschijnen van Thomas Piketty's Kapitaal in de 21ste eeuw, twee jaar geleden, heerst een inflatie aan boeken over ongelijkheid. De ene analyse is al diepgravender dan de andere. In ons taalgebied heeft Ongelijk maar fair van Itinera-hoofdeconoom Marc De Vos alles in zich om een referentie te worden. De Vos zet zich af tegen de beate bewondering van veel economen voor Piketty's stelling dat ongelijkheid gevaarlijk en dus slecht is.
...

Sinds het verschijnen van Thomas Piketty's Kapitaal in de 21ste eeuw, twee jaar geleden, heerst een inflatie aan boeken over ongelijkheid. De ene analyse is al diepgravender dan de andere. In ons taalgebied heeft Ongelijk maar fair van Itinera-hoofdeconoom Marc De Vos alles in zich om een referentie te worden. De Vos zet zich af tegen de beate bewondering van veel economen voor Piketty's stelling dat ongelijkheid gevaarlijk en dus slecht is. In het Engelse taalgebied probeert onder anderen Robert Reich mee te surfen op die golf van pikettysme. In zijn boek Saving Capitalism: For the Many, Not the Few waarschuwt hij voor de toenemende ongelijkheid. Reich was onder de Amerikaanse president Bill Clinton minister van Werk. Nu geeft hij les aan Berkeley. Reich gaat hard in Saving Capitalism. Volgens hem is te grote ongelijkheid op termijn een gevaar voor de democratie. Een goede democratie is gebouwd op vertrouwen. Als mensen niet denken dat het systeem eerlijk is, zullen ze de democratie niet langer steunen. Volgens Reich is in de westerse wereld een steeds groter deel van de bevolking ontevreden over het feit dat de overheden er niet in slagen de toenemende ongelijkheid tegen te gaan. Reich somt de cijfers op. In de eerste dertig jaar na de Tweede Wereldoorlog verdubbelde het inkomen van de Amerikaanse middenklasse. Die welvaartstoename spoorde met de economische groei. Maar de voorbije dertig jaar zijn de inkomens veel trager gestegen dan de economische groei. Hij wijst er ook op dat CEO's in de jaren vijftig van vorige eeuw 20 procent meer verdienden dan de gemiddelde werknemer. Die verhouding is nu 200 op 1. Volgens Reich heeft de rijke upper class de volledige economie onder controle. Hij verwijst vooral naar de farmasector, die allerlei trucs uithaalt om massale winsten te kunnen genereren. Oude patenten worden herverpakt als nieuwe, en grote farmabedrijven betalen de producenten van generische geneesmiddelen om de productie van hun medicijnen uit te stellen. Ook de technologiebedrijven krijgen ervan langs. Zodra ze succesvol zijn, investeren ze veel minder in onderzoek en ontwikkeling. Ze hebben te veel oog voor de aandeelhouders. Reich sluit hier nauw aan bij Piketty, die stelt dat de bezitters van kapitaal een vermogensvoorsprong opbouwen tegenover zij die leven van hun inkomen uit arbeid. Ook de loonmatiging is in zijn ogen een truc om de aandeelhouderswaarde te verhogen. Reich stelt trouwens dat hoge minimumlonen geen bedreiging zijn voor de werkgelegenheid. Reich vindt dat de overheden de markt te weinig sturen. Hij begrijpt niet dat iedereen de keuze moet maken tussen vrije markt en overheid. Volgens hem kan het kapitalisme enkel overleven als de overheid meer herverdeelt. Het is dat of een nieuwe tweestrijd in de westerse samenlevingen, voorspelt Reich. Niet tussen links en rechts, maar tussen het establishment met de economische elite enerzijds en een anti-establishmentbeweging die door populisten wordt aangevoerd. Robert Reich, Saving Capitalism: For the Many, Not the Few, Knopf, 2015, 304 blz., 30 euroALAIN MOUTON