China, India, Brazilië en Rusland, de zogenaamde BRIC-landen, krijgen overdreven veel aandacht. Bedrijven en investeerders zouden beter focussen op andere groeilanden. Dat is de centrale stelling van Breakout Nations. Auteur Ruchir Sharma kent de groeilanden zeer goed, want hij is hoofd emerging markets equities bij Morgan Stanley Investment Management.
...

China, India, Brazilië en Rusland, de zogenaamde BRIC-landen, krijgen overdreven veel aandacht. Bedrijven en investeerders zouden beter focussen op andere groeilanden. Dat is de centrale stelling van Breakout Nations. Auteur Ruchir Sharma kent de groeilanden zeer goed, want hij is hoofd emerging markets equities bij Morgan Stanley Investment Management. Sharma waarschuwt voor te groot optimisme over de toekomstige groei in de BRIC-landen. Algemeen wordt voorspeld dat China in 2030 de grootste economie ter wereld wordt. In 2050 zou ook India de VS voorbijstreven. De Amerikanen zouden dan bovendien de hete adem van Rusland en Brazilië in hun nek voelen. Volgens Sharma wijst niets erop dat die landen nog jaren aan een inhaalbeweging bezig zullen zijn. De aandacht of de obsessie voor BRIC-landen verhindert soms rationele economische analyses. Sharma heeft slechts één verklaring voor die obsessie en dat is de massa aan goedkoop geld dat de centrale banken de voorbije jaren in de economie gepompt hebben om de groei in de geïndustrialiseerde wereld te ondersteunen. Dat houdt concreet in dat het Westen verslaafd is geworden aan afgewerkte producten uit de groeilanden. We zijn nu op een punt gekomen dat die door schulden gedreven wereldeconomie op haar limieten botst. Dat zal dan ook een gevolg hebben voor de groei in BRIC-landen. Sharma komt tot de vaststelling dat slechts zes landen die als groeiland beschouwd worden een jaarlijkse economische groei van 5 procent gedurende vier decennia konden voorleggen: Maleisië, Hongkong, Zuid-Korea, Taiwan, Thailand en Singapore. De sterke groei van de BRIC-landen is volgens Sharma dus niet langer houdbaar. China mag over een paar jaar blij zijn als het nog 6 procent groei haalt. De jonge bevolking in India en het sterke ondernemerschap in het subcontinent stemmen hem optimistischer, maar hij vreest voor Indiase zelfoverschatting. Het succes van Rusland en Brazilië moet worden gerelativeerd: zij hebben kunnen groeien dankzij de sterk gestegen vraag naar grondstoffen. Een succesverhaal dat niet kan blijven duren. De econoom noemt enkele andere landen die volgens hem evenveel aandacht verdienen en waar realistischer groeicijfers (maximaal 5 %) te verwachten zijn. Hij komt terug bij de oude groeikampioen Zuid-Korea. Investeren in dat land zal aantrekkelijk blijven. Zuid-Korea beschikt met een bedrijf als Samsung over een echte wereldspeler. Hij voorspelt ook een ineenstorting van het Noord-Koreaanse regime, wat de groei in het zuidelijke buurland zal ondersteunen. Een ander land dat meer dan gewone aandacht verdient, is Indonesië. De fundamentals van het grootste moslimland ter wereld zien er goed uit: sterke exportpositie, gezonde financiële basis en een betrouwbaar land voor investeringen. Meer voor de hand liggend is het groeipotentieel van Turkije, dat in de ogen van Sharma niet alleen een politieke maar ook een economische regionale grootmacht aan het worden is. Het Turkse model - een geseculariseerd moslimland met ruimte voor religie - is in zijn ogen een benchmark voor het hele Midden-Oosten aan het worden. En de auteur richt zijn blik opvallend genoeg ook naar de groei-economieën in Oost-Europa zoals Tsjechië en Polen. De eurocrisis maskeert het succes van veel ex-communistische landen. Ruchir Sharma, Breakout Nations: In Search of the Next Economic Miracle, Allen Lane, 2012, 288 blz, 25 euro ALAIN MOUTON