De zaak-BNP Paribas houdt de financiële wereld in de ban. Er hangt de Franse financiële reus een zware straf boven het hoofd in de Verenigde Staten. Die boete dreigt de bank uit het besloten kringetje van de finan-ciële wereldreuzen te stoten.
...

De zaak-BNP Paribas houdt de financiële wereld in de ban. Er hangt de Franse financiële reus een zware straf boven het hoofd in de Verenigde Staten. Die boete dreigt de bank uit het besloten kringetje van de finan-ciële wereldreuzen te stoten. Voorzitter Baudoin Prot is bijzonder aangedaan door de zaak. CEO Jean-Laurent Bonnafé pendelt sinds maart tussen Parijs en New York en zou erg verzwakt zijn. Er wordt de managers verweten dat ze de Amerikaanse justitie tegen zich hebben opgezet en dat ze zo aan de basis liggen van de enorme boete die de groep dreigt te treffen. Ongetwijfeld om de Amerikaanse justitie te paaien, heeft Georges Chodron de Courcel, een neef van de voormalige first lady Bernadette Chirac en de nummer twee van de groep, aangekondigd dat hij een paar maanden eerder met pensioen gaat. Hij is verantwoordelijk voor de zakenbankactiviteiten van de groep en sinds 2005 ook voorzitter van BNP Paribas Suisse, het filiaal waar de problemen begonnen. De geviseerde operaties zouden uitgevoerd zijn door een oude Zwitserse dochter van Paribas, de United European Bank, die in 2006 opgeslorpt werd door BNP Paribas Suisse. De Amerikaanse justitie verwijt de bank dat ze van 2002 tot 2009 (en nog een beetje in 2011) olie en andere grondstoffen heeft aangekocht voor rekening van handelaars of internationale groepen die zaken doen met Cuba, Iran en vooral Soedan. Volgens sommige bronnen gaat het om 10 miljard dollar aan transacties, waarvan 8 miljard met Soedan alleen. Op die drie landen rustte in Zwitserland noch in Frankrijk een embargo. Maar in de Verenigde Staten wél, en het is precies daar dat de prijs voor de meeste grondstoffen bepaald wordt, olie incluis. Elke transactie in dollar loopt over een verrekenkamer, die zich op Amerikaans grondgebied bevindt en dus onderworpen is aan de Amerikaanse wetgeving. BNP Paribas was zich daarvan bewust, en was ook meermaals gewaarschuwd dat het met vuur speelde. In haar klantenbrochures waarschuwde de bank dat "elke storting in USD via de Verenigde Staten gaat om daar vereffend te worden door het Amerikaans financieel systeem. Elke transactie in USD is dus automatisch onderworpen aan de Amerikaanse wetgeving". Het Geneefse filiaal van BNP camoufleerde de codes van de transacties om ze onherkenbaar te maken. Maar dat mislukte. Eind 2007 werd de Amerikaanse regulator ingelicht. BNP wou het slim spelen en ontkende aanvankelijk alles. Vervolgens talmde de bank met de overhandiging van de documenten die de Amerikaanse justitie vroeg. Benjamin Lawsky, het hoofd van het New York Department of Financial Services, raakte ten zeerste geïrriteerd door het gebrek aan medewerking. De baas van de banktoezichthouder van de staat New York zou uit zijn op een scalp. De Amerikaanse autoriteiten willen het dossier tegen 4 juli (Independence Day) afronden. Ze zouden een drievoudige sanctie overwegen: een gepeperde boete, een schuldbekentenis en een tijdelijk verbod voor BNP Paribas om clearingoperaties in dollar uit te voeren voor rekening van haar klanten. Eerst de boete: Lawsky eiste eerst een boete van 16 miljard dollar, intussen zou het eerder in de richting van 8 à 9 miljard dollar gaan. Dat komt grosso modo neer op één keer de jaarwinst van BNP Paribas. Dat is zwaar, maar niet onoverkomelijk. BNP Paribas is een van de best gekapitaliseerde banken met een kernkapitaal van 65 miljard euro en een solvabiliteitsratio van 10,6 procent onder Bazel III. De boete mag evenwel niet veel zwaarder worden, anders zou de Franse reus weleens een kapitaalsverhoging moeten overwegen. Daarnaast wordt de groep onder druk gezet om schuldig te pleiten. Dat zou betekenen dat BNP Paribas strafrechtelijk veroordeeld wordt. Dat zou de reputatie van de bank besmeuren, maar belangrijker is dat ze er grote klanten door kan verliezen. Sommige pensioenfondsen bijvoorbeeld kunnen besluiten geen zaken meer te doen met een bank die strafrechtelijk veroordeeld werd. Een ander gevolg van zo'n schuldbekentenis is dat alle toezichthouders van de landen waar de bank een filiaal heeft, verplicht zijn haar banklicentie opnieuw te onderzoeken. De verplichting zichzelf schuldig te verklaren jaagt iedereen in de bankwereld schrik aan. De baas van Goldman Sachs bijvoorbeeld is van oordeel dat zoiets het banksysteem kan destabiliseren. En dan is er nog een derde sanctie, die minstens even hard zou aankomen. BNP Paribas is wereldwijd een van de drie banken die het meest transacties in dollar uitvoeren. Als BNP Paribas tijdelijk geen clearingoperaties in dollar meer mag doen via haar filiaal in New York, kan dat de groep grondig destabiliseren. Dat is ook het oordeel van het ratingbureau Standard & Poor's, dat ermee dreigt de rating van de Franse bankgroep een trapje naar beneden te halen. Jean-Claude Trichet noemt die sanctie een bom onder het wereldwijde financiële systeem. "Ik denk dat met die sanctie aanzienlijke systemische risico-elementen gepaard gaan", stelt de ex-voorzitter van de Europese Centrale Bank. "Ze is meer dan buitensporig en vormt een bedreiging voor het wereldwijde systeem." "Als BNP Paribas voor een relatief lange periode van enkele weken uitgesloten wordt van de verrekeningen in dollar, dan kan dat inderdaad ontwrichtend werken", oordeelt een zakenbankier. De grote klanten voor wie de bank betalingen in dollar uitvoert, moeten dan tijdelijk elders aankloppen. Daarvan kan de concurrentie gebruikmaken om de klanten aan zich te binden. De vraag is bovendien of het voor de Franse groep nog zin heeft haar Amerikaanse retailbank BancWest nog langer aan te houden, na een episode die de ontwikkelingskansen in de VS voor lange tijd zal fnuiken. BancWest is goed voor 10 procent van de inkomsten uit retailbanking van de Franse groep. Samengevat: de aanslag op het eigen vermogen en de dreiging dat in het activabeheer en de internationale financieringsoperaties grote klanten verloren gaan, kan de groep veel pijn doen en ze uit de premier league van de banken verdrijven. In België wacht men intussen nagelbijtend af. De Belgische dochter BNP Paribas Fortis is de grootste bank van ons land. Bovendien is de Belgische staat voor 10,30 procent aandeelhouder in de Franse gigant, een participatie die overgeërfd werd bij de redding van Fortis. De staat stapte in 2008 in het kapitaal van BNP Paribas tegen 58 euro per aandeel. Intussen schommelt het rond 51 euro, na een daling van ruim 9 procent sinds het begin van het jaar. Als België geen minderwaarde van ongeveer 1 miljard euro wil slikken, dan moet het die aandelen nog een zekere tijd aanhouden. Over de dividenden, die België vorig jaar meer dan 200 miljoen euro opleverden, kan nu wel voor een jaar of twee een kruis gemaakt worden, de tijd die BNP allicht nodig heeft om er weer bovenop te komen. De Amerikaanse sancties kunnen ook sommige internationale activiteiten van BNP Paribas Fortis onrechtstreeks beïnvloeden. In 2012 erfde Fortis een uitgebreide portefeuille 'gespecialiseerde financieringen' (exportfinanciering, projectfinanciering enzovoort). Dat zijn zeer internationale activiteiten waarvoor de ondernemingen geregeld gebruikmaken van de dollar. Het gevaar om een deel van de klanten te verliezen is dus reëel. "Als de enorme sancties bevestigd worden, kan dat op korte termijn een weerslag hebben op de rendabiliteit van de groep en meer bepaald van het Belgische filiaal", bevestigt Luc Coene, de gouverneur van de Nationale Bank. De Amerikaanse boete kan BNP Paribas Fortis ertoe dwingen haar vorig jaar gelanceerde besparingsplan opnieuw te bekijken. En dat voorzag al in de schrapping van 2000 banen tussen 2013 en 2015. De affaire valt voor België bovendien op een slecht moment: de regering van lopende zaken kan geen belangrijke beslissingen nemen. Premier Elio Di Rupo is met het probleem bezig. "Toen Barack Obama een maand geleden naar België kwam, had de eerste minister een gesprek met de Amerikaanse president. Het dossier wordt op diplomatiek niveau behandeld", zegt een bron in regeringskringen. De discrete Belgische strategie staat haaks op de Franse tactiek om er frontaal tegenaan te gaan. De Franse minister van Buitenlandse Zaken, Laurent Fabius, zei dat een te zware sanctie "negatieve gevolgen" kan hebben voor de onderhandelingen over een trans-Atlantisch verdrag tussen de VS en Europa. De gouverneur van de Banque de France liet verstaan dat de almacht van de dollar aangetast kon worden. Maar het is twijfelachtig of de rol van de dollar zo gemakkelijk afgebouwd kan worden. Sommigen zijn niettemin van oordeel dat BNP Paribas gestraft wordt omdat het de dollarorde heeft verstoord. "Het misdrijf van dollarschennis wordt op angstwekkende wijze bestraft", zegt Simone Wapler, grondstoffenspecialiste bij Agora. "Sommige landen hebben de drang te 'dedollariseren'. Zij willen de Amerikaanse tekorten niet langer financieren. Het embargo tegen Iran is de straf die het land opgelegd kreeg omdat het olie heeft willen verkopen buiten de dollar om. Iran helpen dat embargo te omzeilen, kwam neer op het bevorderen van de dedollarisatie en dat was onaanvaardbaar." De zaak toont hoe dan ook op spectaculaire wijze aan dat het voor een niet-Amerikaanse bank moeilijker geworden is om in de VS te opereren. De verstrakking van de Amerikaanse regelgeving verzwakt de concurrentiekracht van de Europeanen. Lees ook Het gezicht op blz. 8 PIERRE-HENRI THOMAS"Met de sanctie gaan aanzienlijke systemische risico-elementen gepaard. Ze is meer dan buitensporig en vormt een bedreiging voor het wereldwijde systeem" Jean-Claude Trichet Als BNP Paribas tijdelijk geen clearingoperaties in dollar meer mag doen via haar filiaal in New York, kan dat de groep grondig destabiliseren. "Als de enorme sancties bevestigd worden, kan dat op korte termijn een weerslag hebben op de rendabiliteit van de groep en meer bepaald van het Belgische filiaal" Luc Coene