Paal Kibsgaard, de CEO van de Frans-Amerikaanse oliedienstenspeler Schlumberger, zei bij de aankondiging van de tweedekwartaalcijfers dat hij een geleidelijk herstel en een bescheiden groei zag voor de rest van het jaar. In het derde kwartaal zou er dus een omzetherstel op gang komen. In het tweede kwartaal steeg de omzet al met 10 procent tegenover het kwartaal daarvoor. Begin april nam Schlumberger Cameron Group over. Met een prijskaartje van 14,8 miljard dollar was dat de grootste overname in oliediensten dit jaar. Ook dat was een uiting van het herwonnen vertrouwen in de toekomst.
...

Paal Kibsgaard, de CEO van de Frans-Amerikaanse oliedienstenspeler Schlumberger, zei bij de aankondiging van de tweedekwartaalcijfers dat hij een geleidelijk herstel en een bescheiden groei zag voor de rest van het jaar. In het derde kwartaal zou er dus een omzetherstel op gang komen. In het tweede kwartaal steeg de omzet al met 10 procent tegenover het kwartaal daarvoor. Begin april nam Schlumberger Cameron Group over. Met een prijskaartje van 14,8 miljard dollar was dat de grootste overname in oliediensten dit jaar. Ook dat was een uiting van het herwonnen vertrouwen in de toekomst. Schlumberger heeft een hoop geloofwaardigheid bij analisten en beleggers. Het was enkele jaren geleden onze favoriete energiewaarde om in te spelen op de schalierevolutie in de Verenigde Staten. Het is vaak complex om die lagen schaliegas in de ondergrond aan te boren. Schlumberger beschikt over de beste technologische expertise om tot sterke productieresultaten te komen. Een andere belangrijke troef is haar wereldwijde aanwezigheid. In het tweede kwartaal haalde ze 76 procent van haar omzet buiten Noord-Amerika. Dat zorgt voor een goede risicospreiding. Schlumberger heeft bovendien het grootste palet aan producten en diensten voor zijn klanten. Ondanks al die troeven bleef Schlumberger niet gespaard door de crisis in de oliesector. Het schrapte meer dan 50.000 banen, omdat de omzet dit jaar naar schatting 40 procent lager zal liggen dan twee jaar geleden. De winst zou zelfs een duik van 80 procent maken. Dat Schlumberger elk kwartaal operationeel winstgevend is gebleven, maakt van het bedrijf een witte merel in de sector. Voor het tweede kwartaal mikten de analisten gemiddeld op 0,21 dollar winst per aandeel. Met 0,23 dollar deed Schlumberger het iets beter. Dat was het enige lichtpunt, want tegenover hetzelfde kwartaal van vorig jaar lag de winst liefst 56 procent lager. Het is de laagste kwartaalwinst in meer dan vijf jaar; in het vierde kwartaal van 2014 boekte Schlumberger nog 1,50 dollar per aandeel. Bovendien was er een nettoverlies van 2,16 miljard dollar (1,56 dollar per aandeel) door nieuwe waardeverminderingen en afboekingen. De omzet bedroeg 7,16 miljard dollar, wat in de lijn van de analistenconsensus (7,13 miljard) lag, maar dat was wel 20 procent minder dan in april-juni van vorig jaar. De activiteiten in Noord-Amerika blijven het hardst dalen, maar de sterke geografische spreiding van de activiteiten bood een goed tegenwicht. Voor dit jaar verwacht de analistenconsensus een omzetdaling richting 29 miljard dollar. Dat is 18 procent minder dan vorig jaar. Het leverde 1,1 dollar winst per aandeel op, wat een daling met twee derde tegenover 2015 inhoudt. Dat betekent dat de koers noteert tegen 55 keer de verwachte winst voor 2016 en tegen een ondernemingswaarde van 18 keer de bedrijfskasstroom. We zien signalen dat de bodem bereikt is. Dat blijkt niet alleen uit de koers, maar ook uit de eerste overnames door hoofdrolspelers als Schlumberger. Het lijkt ons dan ook tijd om weer aandacht te hebben voor deze topwaarde in de oliedienstensector, die de voorbije twee jaar zwaar is afgestraft. Danny Reweghs