Het is van bij de lancering van de eerste Range Rover in 1970 nooit anders geweest. De klant wil niet dat er bij de komst van een nieuw model veel verandert. "Maak hem alleen nog beter", is de enige aanwijzing die Land Rover krijgt als het zijn klanten bevraagt.
...

Het is van bij de lancering van de eerste Range Rover in 1970 nooit anders geweest. De klant wil niet dat er bij de komst van een nieuw model veel verandert. "Maak hem alleen nog beter", is de enige aanwijzing die Land Rover krijgt als het zijn klanten bevraagt. Bij het Britse merk dat sinds eind 2007 in handen is van het Indiase Tata doen ze er alles aan om die vraag te honoreren. Maar ze weten natuurlijk ook wel dat de typische Range Rover-rijder met die wens eigenlijk maar naar drie dingen verwijst: de basisvormgeving van de auto, de uitstraling van luxe en praal, en de onklopbare combinatie van comfort en terreincapaciteit in een en dezelfde auto. Dus besliste Land Rover om zijn grote SUV deze keer wel grondig te veranderen, vooral onderhuids. Zo is het amper te zien en des te meer te voelen. Het resultaat is de beste Range Rover ooit. Het basissilhouet is nauwelijks gewijzigd. De Range Rover oogt langer, maar dat is schijn, veroorzaakt door de lenigere lijn, want de groei blijft beperkt tot amper 2 centimeter. Ook de rest is gebleven. Of liever, verheven naar een nooit geproefd niveau. En dan hebben we het over het comfort op gewone wegen en de terreincapaciteit op zand, rotsblokken, boswanden of wat dan ook. En ook over de uitstraling van de auto: allemaal topmaterialen in het interieur en bedieningsknoppen die allemaal perfect zijn opgesteld. Ook onderhuids is de stap vooruit behoorlijk indrukwekkend. In zijn instapversie met de V6 turbodiesel (wij reden met de V8) is de Range Rover 420 kilo lichter dan zijn voorganger. Een winst die vooral werd verwezenlijkt omdat de auto bijna helemaal van aluminium is, in elkaar gezet met 3600 klinknagels. En omdat die met een robot worden geplaatst, telkens weer precies tot op de millimeter. "Robots hebben op maandag nooit een kater", zegt Nick Rogers, de technische baas van het merk. Dat komt ook de duurzaamheid van de auto ten goede. Het gaat goed met Land Rover. In een somber economisch klimaat en een automarkt die zware klappen kreeg, bouwt het Britse merk voort op een boerenjaar. In 2012 verkocht het 46 procent meer dan het jaar ervoor. Weliswaar vooral dankzij de kleinere Evoque, maar de grote en dure Range Rover hield stand met een jaarlijkse verkoop van om en bij de 30.000 exemplaren. Misschien is dat naast de investering in nieuwe technologie ook wel de reden waarom Land Rover niet aarzelde de prijs gevoelig op te drijven. Hij blijft toch gegeerd. De instapversie met V6 turbodiesel kost nu al 91.200 euro, zonder opties. JO BOSSUYT